Aard van de digitale kloof is geëvolueerd

25/03/10 om 05:00 - Bijgewerkt om 04:59

Bron: Datanews

Rewics vierde op 17 maart zijn tienjarig bestaan. Dat deed het evenement met meer dan 120 sprekers en meer dan 32 conferenties om te reflecteren over de tools die werden ontwikkeld om de digitale kloof kleiner te maken.

Rewics vierde op 17 maart zijn tienjarig bestaan. Dat deed het evenement met meer dan 120 sprekers en meer dan 32 conferenties om te reflecteren over de tools die werden ontwikkeld om de digitale kloof kleiner te maken.

Pierre Lelong, organisator van Rewics en projectleider Technofutur TIC: "Sinds 2005 maakt het concept van de digitale kloof plaats voor dat van de digitale inclusie. Vandaag wordt steeds meer gesproken van digitale ongelijkheden. In een eerste fase werden de inspanningen geconcentreerd op de toegankelijkheid van de informatica en het internet. Vandaag halen we een dekking van 70%: de groeimarge is dus niet zo groot meer. De vraag draait nu eerder rond digitale competenties. Zo zien we dat de jongeren indrukwekkend bedreven zijn in het gebruik, maar anderzijds stellen we een kloof vast tussen de praktijk en het gebruik dat de maatschappij verwacht van hen. Online een cv opstellen of zich inschrijven op de website van de Forem (Waalse VDAB) stelt vaak problemen. Laten we een ander voorbeeld nemen, dat van de "Espaces Publics Numériques" (EPN). Die werden ontworpen als instrumenten voor sociale inclusie, maar onderzoek wijst uit dat digitale inclusie niet gelijk staat met sociale inclusie. We moeten dus opnieuw werken aan contextgebonden benaderingen, zoals microprojecten voor mensen op het terrein die in contact staan met welbepaalde doelgroepen, waarvan ze de noden en verwachtingen kennen, zoals senioren bijvoorbeeld."

Nog steeds naar aanleiding van Rewics en in aanwezigheid van Paul Furlan, minister van Lokale Besturen en Stedenbeleid, werden 14 nieuwe EPN's erkend, wat het totale aantal erkende EPN's in Wallonië op 110 brengt. De nieuwe ingediende dossiers zijn zowel van gemeentelijke bibliotheken (Ourthe-Amblève, Mettet of Ath) als van de verenigingssector (Maisons des jeunes, vzw le Rebond in Moeskroen en Doornik) of OCMW's (Neupré, Kasteelbrakel) afkomstig.

De erkende "Espaces Publics Numériques" verbinden zich ertoe om het Charter van de "Espaces Publics Numériques" van de lokale besturen van Wallonië te respecteren. Dat voorziet onder meer in een minimum van 4 werkposten met internetverbinding en een openingsduur van minstens 16 uur, waarvan 6 uur voor sensibilisering en 6 uur vrije toegang. Het charter voorziet tevens in de aanwezigheid van een gekwalificeerde multimediavormingswerker.

Daar zit juist de kern van het probleem. Op de achtergrond van de fundamentele vraag betreffende de rol van die "Espaces Publics Numériques" weerklinkt steeds luider de noodzaak om na te denken over het statuut van die vormingswerkers. Pierre Lelong: "Dat valt buiten het kader van de EPN's. We vinden ook trainers en vormingswerkers voor digitale multimedia in andere organisaties, zoals PMTIC, de sector van de alfabetisering of culturele structuren of gemeenten. Ze hebben allemaal verschillende statuten. We moeten werken aan een erkenning van het metier van multimediavormingswerker. Voor Technofutur TIC is dit het belangrijkste thema van dit jaar. We moeten de politiek een duidelijke functieomschrijving voorstellen om de zaken in beweging te brengen."

Lees meer over:

Onze partners