Frank Neven
Frank Neven
Frank Neven is hoogleraar aan Universiteit Hasselt en medeoprichter van het Forum voor informaticawetenschappen (tp://www.i22n.org)
Opinie

30/10/14 om 12:21 - Bijgewerkt om 12:21

Programmeren (voor alle kinderen) is hip maar geen hype

Leren programmeren heeft een algemeen vormende waarde en is nuttig als voorbereiding op een razendsnel veranderende digitale wereld. Maar 'programmeren' in het onderwijscurriculum heeft enkel zin wanneer het ingebed is in de bredere context van de informaticawetenschappen. Daarenboven heeft onze kenniseconomie ook baat bij een pool van jong talent die technologische vooruitgang mee kan sturen.

Uit een recent rapport blijkt dat programmeren op dit moment in twaalf Europese landen op het onderwijscurriculum prijkt. Nog eens zeven Europese landen overwegen om programmeren op te nemen. Daarbij wordt er soms geschermd met economische argumenten en verwezen naar het tekort aan programmeurs. Maar dat is zeker niet de belangrijkste reden om programmeren op te nemen in het onderwijscurriculum. Programmeren in het onderwijs is geen doel op zich. Het kan immers niet de bedoeling zijn om iedereen op te leiden tot programmeur - ik zie zelfs niet in hoe dat zou kunnen. Programmeren heeft eerder een algemeen vormend karakter, is een instrument om 'computationeel' te leren denken. Hoewel er een relatie is met logisch en kritisch denken, is computationeel denken een vaardigheid die op zichzelf staat. Het is het formuleren van oplossingen en dit op zó een manier dat ze stapsgewijs uitvoerbaar zijn, hetzij door een mens hetzij door een apparaat. Gezien het toenemende belang van creatief omgaan met ICT zowel in de beroepscontext als privé, is computationeel denken relevant om te kunnen inzien wat er mogelijk is met software. Programmeren is met andere woorden ook een belangrijk middel om inzicht te verschaffen in de werking van digitale systemen. Technologie en software veranderen heel snel, maar de basisprincipes waarop deze gebaseerd zijn, blijven grotendeels dezelfde.

Delen

Het kan niet de bedoeling zijn om iedereen op te leiden tot programmeur.

In een aantal Europese landen, waaronder Engeland, zet het onderwijs voluit in op het voorbereiden van jongeren op de snel veranderende digitale wereld. Niet alleen door hen te leren werken met de huidige technologie, maar ook door hen in te wijden in de principes die aan de basis van die digitale wereld liggen. Dat gaat dan, onder andere, over vertrouwdheid met algoritmen, basiskennis van digitale informatie en over de werking van computers en computernetwerken op conceptueel niveau. Uiteraard aangepast aan de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van jongeren. Deze leerlijn 'computer science' ('informaticawetenschappen') loopt van de lagere tot en met de middelbare school!

Het rapport waarover ik het eerder had, meldde dat Vlaanderen overweegt om programmeren eveneens op te nemen in het leerplichtonderwijs vanaf de basisschool. Dat is énkel een goed idee als dit gebeurt binnen de ruimere context van een leerlijn informaticawetenschappen. Alleen op die manier kun je jongeren wapenen met voldoende kennis en vaardigheden om actief en verantwoordelijk deel te nemen aan de informatiemaatschappij.

En dat is niet alles. Als Vlaanderen zich als kenniseconomie wil blijven profileren, dan moet ze er óók voor zorgen dat voldoende jongeren in staat zijn - en gemotiveerd zijn - om de technologische vooruitgang te sturen. Want vooruitgang in de wetenschap, maar ook in de technologie, gebeurt vandaag mede dankzij vooruitgang in de informaticawetenschappen. Denk maar aan biologie, levenswetenschappen en geneeskunde, waar nieuwe inzichten groeien via de analyse van grote hoeveelheden data op basis van nieuwe algoritmen. Of aan het succes van Google, dat - zeker in de beginjaren - niet gestoeld was op snellere hardware, maar op betere algoritmen. Voor een toekomstig(e) wetenschapper of ingenieur is het dus belangrijk om een zicht te krijgen op de wetenschap die een revolutie in zijn of haar discipline zal ontketenen. En net daarom moeten jongeren met een STEM-profiel in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs óók kunnen kiezen voor informaticawetenschappen.

Lees meer over:

Onze partners