Luc Blyaert
Luc Blyaert
was hoofdredacteur bij Data News
Opinie

08/12/14 om 08:00 - Bijgewerkt op 09/12/14 om 09:47

We zullen moeten leven met een duopolie

Ik kreeg alle banbliksems over me heen. Hoe ik het durfde, dat het niet kon, en dat ons onderzoek op geen bal trok. Het was een barre winter in december 1997 toen onze enquête erop wees dat zowat de helft van de bedrijfsklanten van Belgacom er sterk aan dacht om over te schakelen naar de concurrentie.

De ingedommelde top van de 'historische' telecomoperator schrok wakker. Twee jaar eerder was de liberalisering van de datanetwerkmarkt van start gegaan zonder al te veel brokken te maken. De hoogdagen van de ongebreidelde en knotsgekke investeringen moesten nog aanbreken: in 1998, 1999 tot een stuk in de lente van 2000 werden alle belangrijke voetpaden langs de bedrijfspanden opengebroken, werd er verwoed glasvezel in gepompt en kropen de telco's als paddenstoelen uit de grond. Vandaag zijn de meesten verdwenen of verschrompeld tot nichespelers, in het beste geval.

Belgacom, lees Proximus, is meer dan ooit heer en meester, zeker in de bedrijfswereld met een marktaandeel op het vlak van telefonie van liefst 60 procent, wat in Franstalig België nog oploopt tot 65 procent. Wat mobiele communicatie betreft zit de dominante operator nog altijd op rozen met 55 procent van de ondernemingen. Ook voor data-oplossingen kiest de helft van de Belgische bedrijven voor Proximus. Zestien jaar na de liberalisering is er dus niet gek veel veranderd. Proximus deed een goede job, de regering én dus ook de regelgever, het BIPT, hielden jarenlang de hand boven het hoofd van wat ooit bestempeld werd als een dinosaurus. Proximus is ook de enige die er in slaagt om jaarlijks nog zo'n 750 miljoen euro te investeren in zijn netwerk. Ter vergelijking: Telenet investeert 100 miljoen euro per jaar in zijn 'Grote Netwerf' project. En durft dat dan nog aangrijpen als reden om consumenten een factuurverhoging tot 5 procent aan te smeren. België mag dan al een sterk en kwalitatief breedbandaanbod hebben, het blijft bij de duurste in Europa. Er maandelijks nog eens 2 tot 3 euro bij pitsen, maakt het alleen nog maar erger.

Delen

Proximus is meer dan ooit heer en meester, zeker in de bedrijfswereld.

We zullen moeten leren leven met de duopoliepositie, voor zover dat niet al jaren het geval is. Proximus en Telenet hebben, zeker in Vlaanderen, zowat 80 procent van de telefonie-, breedband- en datamarkt in handen. Op het vlak van omzet is Telenet vorig jaar zelfs groter geworden dan Mobistar, zo blijkt ook uit onze top-1000 van de Belgische it-bedrijven die eind december van de pers rolt. Mobistar heeft zoals bekend een akkoord met Telenet dat de mobiele diensten doorverkoopt. Lange tijd werd gespeculeerd over de mogelijke overname van Mobistar of Base door Telenet. Wie weet zal het er ooit nog van komen. De aandeelhouders KPN en France Telecom blazen wel vaker warm en koud als het om die relatief kleine dochterbedrijven gaat. De Europese regelgeving en het wegvallen van de lucratieve roamingtarieven (niet te versmaden met de grote expatgemeenschap in Brussel) hebben de winst van weleer sterk onderuit gehaald. Dat zal in de toekomst enkel nog toenemen. Maar wat als Telenet (Liberty Global) overgenomen wordt door de mobiele reus Vodafone zoals wel vaker gesuggereerd wordt? Als straks de bijkomende raomingtarieven in Europa afgeschaft worden en je alom aan hetzelfde tarief kan bellen, dan kan Telenet de simkaarten van Vodafone zonder probleem aanbieden aan z'n bedrijfsklanten. En op die manier wordt het duopolie enkel nog versterkt, ook iets spannender trouwens, maar vooral versterkt.

Lees meer over:

Onze partners