Zeggen dat het vijf voor twaalf is, is de waarheid oneer aan doen. Wie dagelijks met zijn wagen de baan op moet, weet als geen ander dat 's lands wegen steeds meer dichtslibben en dat échte mobiliteit een schaarse luxe geworden is.
...

Zeggen dat het vijf voor twaalf is, is de waarheid oneer aan doen. Wie dagelijks met zijn wagen de baan op moet, weet als geen ander dat 's lands wegen steeds meer dichtslibben en dat échte mobiliteit een schaarse luxe geworden is. Meer beton gieten en asfaltstroken aanleggen zijn geen zaligmakende oplossingen meer in ons geografisch beperkt landje. Openbaar vervoer dan maar? Carpooling? Met de fiets naar het werk? Technologie kan evenwel óók een (deel van de) oplossing zijn en dan komen we bij 'smart mobility' of 'intelligente transport systemen' (ITS) uit. Die technologie is op zich helemaal niet nieuw meer, maar wordt nog steeds onderbenut. Dat bleek eens te meer op het ITS Congress dat al voor de 11de keer georganiseerd werd door ITS.be: een publiek-privaat samenwerkingverband dat in België de krachten wil bundelen van alle betrokken partijen rond multimodaal mobiliteitsmanagement en synchromobiliteit. Toch was er een duidelijk merkbare positieve toon te horen doorheen de verschillende workshopsessies en toespraken. "Het is voor de allereerste keer dat ITS zowel in de gewestelijke als federale regeerakkoorden opgenomen is", stelt Peter Van der Perre, director ITS.be. "Er zijn zowel kleine doorbraken merkbaar - denk maar aan wifi op de tram - als grotere doorbraken, zoals de kilometerheffing voor vrachtwagens die ondertussen gegund is. Het is bovendien duidelijk dat de budgetten ook positief evolueren", weet Van der Perre. Aan al die slimme transportsystemen is op de een of andere manier telkens technologie verbonden. In het geval van de kilometerheffing voor vrachtwagens is het het Duitse T-Systems dat het tolsysteem mag bouwen samen met het Oostenrijkse Strabag. Maar onderliggend is ook Belgacom betrokken dat zal instaan voor de uiteindelijke telecommunicatie tussen de 'on board units' in de vrachtwagens en het tolsysteem. Ondanks die positieve tekenen is het volgens Van der Perre duidelijk dat er nog heel wat aandachtspunten blijven. "Op visievorming kan nog vooruitgang geboekt worden. Het juridisch kader voor nieuwe ontwikkelingen en de standaardisatie is eveneens belangrijk. Ook rond open data, opleiding en vorming zijn er nog heel wat uitdagingen." De Vlaamse overheid richt haar investeringen al enige tijd niet meer op het ongebreideld uitbreiden van de wegeninfrastructuur, maar op het versterken van het net. "We hebben in Vlaanderen al een fijnmazig netwerk, dat weliswaar dagelijks onder druk staat, vooral in de Vlaamse ruit (het stedelijk kerngebied in Vlaanderen rond de grootstedelijke gebieden van Brussel, Leuven, Antwerpen en Gent, nvdr). De cijfers bewijzen keer op keer dat de personenmobiliteit blijft stijgen, zowel in aantal wagens, aantal verplaatsingen als aantal kilometers", zegt Filip Boelaert, secretaris-generaal van het Vlaamse departement mobiliteit en openbare werken. Sinds 2012 werd meer en meer met dynamische signalisatie gewerkt, zowel voor monitoring als sturing. "Door onze budgetten in ITS op niveau te houden, zijn we er in geslaagd om die borden verder uit te breiden met verkeersinfo en reistijden", zegt Boelaert. Centraal in de uitbouw stond de vernieuwing van het Vlaams Verkeerscentrum. Maar ondertussen stond de markt ook niet stil, en kwamen er apps bij die gebruik maken van verkeersdata, of zagen 'in-car' toepassingen het levenslicht. "Al die verschillende ITS-puzzelstukken passen nog niet goed. De toekomst van ITS ligt volgens mij in coöperatieve systemen die al die puzzelstukken combineren. Zo'n systemen moeten zowel de reiziger als de wegbeheerder toelaten om beter beslissingen te nemen", aldus Boelaert. In een poging om hefboomeffecten te vinden voor het leggen van die puzzel, werd bijvoorbeeld een rondetafelconferentie georganiseerd die resulteerde in 50 voorstellen die allen op hun haalbaarheid onderzocht werden. "In een eerste fase gaat het om drie pilootprojecten, zoals het nagaan hoe dynamische verkeersinformatie bij routenavigatie aangewend kan worden, en het voorzien in een betere opvolging en regeling van verkeerslichten", zegt Boelaert. Maar ook het stimuleren van het gebruik van 'open data' via het Open Data Platform Vlaanderen (www.opendataforum.info) of van verkeersinformatie via Datex-II zijn actiepunten. "In dialoog met private partners willen we nagaan welke technologie kan gebruikt worden om onze dienstverlening te verbeteren. Onze bedoeling is om een overkoepelend gewestelijk ITS-actieplan uit te werken en op te zetten, met een focus op end-to-end diensten", besluit Boelaert. Ook in het regeerakkoord van de Brusselse regering wordt gewag gemaakt van slimme mobiliteit. De strijd tegen de files is prioritair, waarbij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzet op een multimodale aanpak (oftewel trein, metro, tram, bus, autodelen, fietsverhuur). "Met ITS-elementen zolang die toegevoegde waarde bieden", vertelt Jean-Paul Gailly, directeur-generaal van Brussel Mobiliteit. Alvast vier specifieke projecten worden geïmplementeerd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: het dynamisch beheer van de verkeerslichten, automatische detectie van incidenten, telebegeleiding naar de parkings en het project 'Compass'. "Dat is een project om de data van verkeerssensoren en camera's te centraliseren voor ons mobiliteitscentrum", verduidelijkt Gailly. Brussel kan daarbij trouwens rekenen op hulp van IBM. Gedurende drie weken staan vijf IBM-experts Brussel Mobiliteit bij: een gevolg van het 'winnen' van de door 'big blue' georganiseerde 'Smarter Cities Challenge'. De hele 'smart city' aanpak wordt samen met het CIBG (het Centrum voor Informatica voor het Brusselse Gewest) op poten gezet. Net als in Vlaanderen leeft in Brussel de overtuiging dat open data en kwaliteitsvolle gegevensverwerking essentieel zijn voor het bekomen van 'smart mobility'. Binnen enkele weken wordt daartoe ook het 'Brussels Smart Mobility' platform opgericht. "Naast Brussel Mobiliteit zijn ook het CIBG, Innoviris (het Brussels Instituut voor wertenschappelijk onderzoek) en de MIVB drijvende krachten achter dit platform", zegt Gailly. Maar heel wat andere belangrijke partners scharen zich achter het platform, zoals onder meer ITS.be, NMBS, De Lijn, TEC, Villo, Cambio, Touring, VAB, BIPT en de FOD Mobiliteit. Dat platform moet om te beginnen aan databeheer doen en waken over de kwaliteit, integratie, het formaat, de compatibiliteit, de uniformisering van en het beleid rond (open) data. Ook big data en analytics horen daar bij. Naast een uitwisseling van 'best practices' op Europees en internationaal vlak, en het geven van steun aan ontwikkelaars en living labs, is het wel de bedoeling om ook tot de lancering van innoverende publiek-private projecten te komen. Kan België de mosterd halen in Nederland? Jan-Bert Dijkstra (Beter Benutten) kwam op het ITS Congress vertellen over het Nederlandse multimodaal programma dat de files op heel wat wegen reduceerde. Zeven ITS-projecten lopen er op dit moment, waarbij bijvoorbeeld het project rond open parking data hoge ogen gooit. "Je weet dat er heel wat zoekverkeer in de stad rondrijdt en je weet dat er vrije plaatsen zijn achter de slagbomen. Het ontsluiten van die parking data is gewoon iets wat moet, hoe moeilijk het in vele gevallen ook is", stelt Dijkstra. Een problematiek die zeker ook in België leeft, getuige het aantal start-ups hierrond - denk maar aan BePark, Go-Park of Carambla. Maar ook data rond wegenwerken, (tijdelijke) snelheidsbeperkingen en verkeersmaatregelen moet volgens Dijkstra ontsloten worden. "Dit zijn data waar de overheid al over beschikt, maar die niet of onvoldoende aangeleverd worden aan app-ontwikkelaars. En dan heb ik het niet over het vertellen dat wegenwerken ergens in pakweg week 50 zullen starten, maar op die bewuste maandag om 6 u. 30. Als dié gedetailleerde gegevens in navgiatietoepassingen en -apps terecht komen, kunnen we al heel wat 'spookfiles' oplossen en het verkeer stroomlijnen", denkt Dijkstra. Momenteel worden in Nederland ook al beperkte tests uitgevoerd met zelfrijdende voertuigen, maar Minister van Infrastructuur en Milieu Melanie Schultz wil naar grootschaligere proeven evolueren. Schultz gaat de regels aanpassen zodat Nederland een voortrekkersrol kan spelen bij de ontwikkeling van zelfrijdende auto's en vrachtwagens. Als de wagens zonder actie van de bestuurder op de snelweg 'in een treintje' kunnen rijden en met elkaar en met verkeerscentrales kunnen communiceren, kan dat volgens de minister een positieve bijdrage leveren aan de doorstroming van het verkeer, de verkeersveiligheid en het milieu. Volgens Dijkstra zijn 7 consortia bezig met het ontwikkelen van de nodige architectuur waarbij de voertuigen onderling en/of via infrastructuur aan de wegkant communiceren. "Ook Belgische bedrijven zijn trouwens betrokken in die consortia", zei Dijkstra zonder in details te treden. Volgend voorjaar moet de beslissing volgen of het al dan niet tot een grootschalige uitrol komt. Maar terug naar België. Wim Van den Broeck, director traffic & infra and telecom bij Imtech gooide tijdens een ceo-debat op het ITS Congress meteen de spreekwoordelijke knuppel in het hoenderhok. "Op internationale conferenties schaam ik me soms hoe ver we achter lopen in ITS. We staan gemiddeld 10 jaar achter tegenover andere landen. Gaan we weer wachten zoals met de waterzuivering in de jaren '80 tot wanneer Europa ons boetes oplegt om ons te dwingen tot verandering? Gaan we een ITS-visie aligneren over de gewesten heen?" Yvon Loyaerts, directeur-generaal van de Waalse SPW Mobilité, ziet alvast hoopvolle signalen. "We praten in het Waalse landsdeel nu eindelijk ook over een nieuwe strategie rond verkeersmanagement, carpooling e.d. Dat is alvast een goed teken. Maar zonder een groot, overkoepelend plan gaan we er inderdaad niet komen en blijven het allemaal geïsoleerde projectjes. Er is echt nood aan een féderateur voor alle projecten waar ITS aan te pas komt, mét de nodige middelen en mensen die het ondersteunen zodat er aan een cultuurverandering kan gedaan worden", zegt Loyaerts. "Die mental shift is bij de overheid al gemaakt. Kijk maar naar open data dat voor het eerst in het regeerakkoord staat", meent Filip Boelaert. "Er is zeker nog een inhaalslag te maken, maar we hebben nu eenmaal niet alle middelen hiervoor. Als overheid wéten we dat het anders moet en kan, maar wij moeten vooral een kader scheppen, en de privé-markt aanmoedigen via bijvoorbeeld subsidies maar ook via open data. Wim Van den Broeck ziet trouwens wél kansen om die inhaalbeweging te maken. "In heel wat landen als Engeland of Denemarken zie je dat alles rond big data gaat draaien, maar dat het fout loopt met het eigenlijke transport van die data. In Vlaanderen heeft wegen en verkeer in de jaren '80 een eigen glasvezelnetwerk aangelegd. Daarmee kunnen we ons land toch weer op de kaart zetten", meent Van den Broeck. Kristof Van der Stadt"België staat 10 jaar achter op ITS-vlak." "Via het glasvezelnetwerk kunnen we het verschil maken in ITS en ons land weer op de kaart zetten." "De mental shift bij de overheid is gemaakt, maar er is zeker nog een inhaalslag te maken." Het 'Brussels Smart Mobility' platform moet de Brusselse verkeersknoop helpen ontwarren.