Op zijn site in de Antwerpse haven, de op een na grootste van het chemieconcern, heeft BASF een vijftigtal installaties uitgerust met niet minder dan 200.000 sensoren. Die capteren een ware schat aan realtime data, van drukwaarden en debieten tot tankstanden en temperaturen. De voorbije paar decennia beheerde BASF die overvloed aan sensordata met een PIMS (Plant Information Management System).
...

Op zijn site in de Antwerpse haven, de op een na grootste van het chemieconcern, heeft BASF een vijftigtal installaties uitgerust met niet minder dan 200.000 sensoren. Die capteren een ware schat aan realtime data, van drukwaarden en debieten tot tankstanden en temperaturen. De voorbije paar decennia beheerde BASF die overvloed aan sensordata met een PIMS (Plant Information Management System). "In het begin gebruikten we dat centrale dataplatform vooral voor basisinfo en data-extractie waarmee onze ingenieurs vervolgens een statistische analyse konden uitvoeren", vertelt Willem Van Lammeren, teamlead MES bij BASF. "Maar door de toenemende digitalisering gebruiken we het PIMS veel intenser. We vertrouwen erop voor de aansturing van de installaties. Ons bestaande PIMS botste daarbij op zijn limieten. Daarom moesten we overstappen op nieuwere en performantere software." En zoals dat wel vaker gaat, leidde de aanschaf van nieuwe software ook tot de implementatie van nieuwe infrastructuur. Op aangeven van ICT-partner Inetum-Realdolmen, die BASF eerder al adviseerde bij soortgelijke beslissingen, koos de chemiereus uiteindelijk voor een oplossing van HPE: Nimble Storage dHCI. Disaggregated Hyper-Converged Infrastructure, kortweg dHCI, geldt als de nieuwste stap in de verdere ontwikkeling van de hypergeconvergeerde infrastructuur of HCI. Zo'n HCI bundelt niet alleen rekenkracht, opslagcapaciteit, netwerkmogelijkheden en alle bijbehorende beheersoftware in één compacte, kant-en-klare oplossing, maar voegt daar bovendien een luik virtualisering aan toe. Het vereenvoudigt met andere woorden ook de implementatie en het beheer van virtuele machines op een flexibele softwarearchitectuur. "De nieuwe infrastructuur bezorgde ons een goede combinatie van schaalbaarheid, performantie en betrouwbaarheid", zegt Van Lammeren. Ook is de vertraging of latency bij de uitwisseling van grote datavolumes tot tien keer kleiner bij een dHCI dan bij een cloudoplossing. Een belangrijke bijkomende troef, aangezien BASF de voorkeur gaf aan een eigen infrastructuur in de edge, zoals dat heet, dicht bij zijn installaties. Die infrastructuur draait parallel op twee gescheiden locaties. "Het belangrijkste punt voor ons als chemisch bedrijf is veiligheid", benadrukt Van Lammeren, "dat geldt ook voor de ICT waarmee we werken." Dankzij de geslaagde uitrol van HPE Nimble Storage dHCI genieten de productiemedewerkers van BASF Antwerpen alvast van een snellere en performantere dataverwerking. De Antwerpse vestiging is bovendien klaar voor nog meer digitalisering in de toekomst. "We hoeven ons geen zorgen te maken of de infrastructuur een nieuwe oplossing wel zal aankunnen", besluit Van Lammeren. "Ook de snelheid waarmee we nu kunnen werken, tegenover vroeger, zorgt ervoor dat onze mensen sneller iets nieuws gaan willen proberen, gewoon omdat het minder tijd vergt om iets op te zetten. Zo komt het project uiteindelijk ook de innovatie binnen het team ten goede."