Koen komt uitgerust en zelfverzekerd het schoolgebouw binnen. Hij is ruim op tijd voor het schriftelijke examen en kent voldoende van de leerstof om niet in de problemen te komen. Maar zijn zelfverzekerdheid maakt plaats voor paniek als hij in de gang niemand meer ziet staan, en voor nog grotere paniek als hij iedereen in het examenlokaal al aan de slag ziet. Een snelle blik op zijn smartphone leert hem dat het niet plots zomeruur is geworden. Hij stormt het lokaal binnen en krijgt een ijskoude reactie van de vakleerkracht : "Awel, Peeters, uw smartschool-berichten niet gelezen ?"
...

Koen komt uitgerust en zelfverzekerd het schoolgebouw binnen. Hij is ruim op tijd voor het schriftelijke examen en kent voldoende van de leerstof om niet in de problemen te komen. Maar zijn zelfverzekerdheid maakt plaats voor paniek als hij in de gang niemand meer ziet staan, en voor nog grotere paniek als hij iedereen in het examenlokaal al aan de slag ziet. Een snelle blik op zijn smartphone leert hem dat het niet plots zomeruur is geworden. Hij stormt het lokaal binnen en krijgt een ijskoude reactie van de vakleerkracht : "Awel, Peeters, uw smartschool-berichten niet gelezen ?" De naam klopt niet, maar het verhaal klopt wel : op deze manier heeft mijn neef een uur van zijn examentijd verloren, met behoorlijk kwalijke gevolgen voor zijn examen zelf natuurlijk. De conclusie die Koen (laten we hem nog even zo noemen) heeft getrokken, is dezelfde als wat we deze week overal in alle media hebben gelezen, gezien en gehoord : je kan maar beter het hele weekend alle communicatiekanalen in de gaten blijven houden als je niet voor onaangename verrassingen wil komen te staan. Mijn eerste reactie toen ik dit hoorde ? Eerlijk ? "Welkom in de grotemensenwereld." De kans is vrij groot dat elke student ook in zijn of haar carrière met zulke toestanden te maken krijgt. Alle initiatieven rond work/life balance ten spijt zijn er nog steeds talloze organisaties waar de werknemers maar beter op zondagavond nog even hun mail checken, al was het maar om op maandagochtend met een gerust gemoed richting kantoor te rijden. Het kan nochtans anders, en dat hebben een aantal bedrijven intussen ook begrepen. Met enkele goede afspraken kan je dat frêle evenwicht tussen privé en professioneel leven grotendeels herstellen en hoeven mensen niet schichtig naar hun smartphone te kijken uit angst dat ze een belangrijke boodschap zullen missen. Sommige organisaties voeren bijvoorbeeld quota in op het gebruik van 'dringend'-vlagjes bij hun mails. Maar natuurlijk gaat het verder dan ingrepen in de mailbox. Eenvoudige afspraken rond het vrijwaren van het weekend (vrijdagnamiddag geen actiepunten meer na 16 uur toevoegen is een zeer concrete en vaak terugkerende afspraak) zorgen ervoor dat mensen niet verder verglijden in digibesitas. Maar hoe zit het dan met de 'digischoolitas', de onderwijsvariant op de mode-term 'digibesitas', of digitale indigestie ? Zou het kunnen dat leerlingen en leerkrachten nog veel meer stress ondervinden van het wegvallen van de grens tussen privéleven en schoolleven ? En is dat allemaal de schuld van het nu massaal uitgespuwde Smartschool ? Ik ben geen expert in de onderwijssector, maar op die laatste vraag kan ik alvast zeer formeel antwoorden : "Natuurlijk niet !" Wat een klinkklare nonsens ook. Ik hoorde vandaag nog zeggen : "Je verwijt de hamer toch niet dat de muur niet waterpas staat ?" En Smartschool is niet meer dan wat de hamer is voor een vakman : een handig instrument dat je enorm veel van nut kan zijn, maar ook veel pijn kan doen als je het fout gebruikt. Het succes van technologie staat of valt met goede afspraken. Daarvan gaven we al een voorbeeld hierboven. Maar het mag best nog verder gaan. Ik heb al eerder gepleit voor een soort van digitale poortwachter, iemand die bepaalt welke informatie op welk moment tot bij de eindgebruiker mag. Waarom zouden we zoiets niet voor de leerlingen kunnen invoeren ? Een voor de hand liggende keuze zou in dit geval de klastitularis kunnen zijn. Die heeft in principe beter dan wie ook zicht op de werkdruk voor de leerlingen. Door hem of haar als poortwachter aan te duiden voor informatie en taken die de leerlingen al dan niet mogen bereiken, en - minstens even belangrijk - wanneer zij die informatie het beste ontvangen, kan al veel onheil worden voorkomen. Zij kunnen inschatten of de werkdruk onredelijk wordt, en eventuele onredelijke verwachtingen van andere leerkrachten blokkeren nog voor ze de leerlingen bereiken. Dit werkt trouwens in beide richtingen. Als de leerlingen weten dat hun klastitularis die rol als filter en poortwachter ernstig neemt, zullen ze ook bereid zijn om in het weekend naar berichten van die klasleerkracht te kijken : ze kunnen erop vertrouwen dat, als er iets in het weekend verschijnt, het echt hun aandacht verdient. Zijn hiermee alle mogelijke problemen met Smartschool opgelost ? Verre van. Een oplossing die voor iedereen alle problemen oplost, bestaat ook niet. Elke onderwijsinstelling heeft zijn eigen specifieke kenmerken en uitdagingen, en zal dus ook op een eigen manier met de technologie moeten omgaan. Maar met enkele algemene principes in het achterhoofd, en met heel wat gezond verstand, zal dit platform de werking van de school en het welzijn van de leerlingen alleen maar ten goede komen. Ook op die manier is het onderwijs een perfecte voorbereiding voor het bedrijfsleven. En als u me nu wil excuseren : mijn persoonlijke gatekeeper heeft net geroepen dat de soep klaar is. Smartschool is niet meer dan wat de hamer is voor een vakman : een handig instrument dat je enorm veel van nut kan zijn, maar ook veel pijn kan doen als je het fout gebruikt.