Momenteel beschikt Belgacom over twee Teradata-datawarehouses. Het eerste waarmee bijna 20 jaar geleden gestart werd, maakt deel uit van de afdeling Fixed Lines. Nummer twee moet dienen voor de afdeling Mobile (Proximus), is in opbouw en zal het bestaande Oracle-exemplaar vervangen.
...

Momenteel beschikt Belgacom over twee Teradata-datawarehouses. Het eerste waarmee bijna 20 jaar geleden gestart werd, maakt deel uit van de afdeling Fixed Lines. Nummer twee moet dienen voor de afdeling Mobile (Proximus), is in opbouw en zal het bestaande Oracle-exemplaar vervangen. Waarom gaat Oracle eruit? "In een volwassen markt zoals de telecomsector zijn de behoeften bijzonder complex. Het gaat niet langer louter om het aantal klanten", zegt Wim Casteur, directeur Business Intelligence. "Met Oracle kunnen we inderdaad zeer grote volumes verwerken, maar het werkt maar optimaal voor minder complexe BI-behoeften. Met Teradata beschikken onze BI-teams over meer flexibiliteit, zodat ze alles mixen en combineren. Bovendien zijn we met Oracle verplicht om alle procedures en vragen op voorhand te definiëren, wat de it-afdeling nog meer belast." Het geïntegreerde Communications Logic Data Model (CLDM) van Teradata wordt bovendien gebruikt door zowel Fixed als Mobile Lines. "Met Oracle beschikten we over een eenvoudige 'bak' voor gegevens, met meerdere data marts, zonder geïntegreerd model. Een query kon pas worden verwerkt als het model goed gekend was. Iedereen had echter zijn manier om een query op te bouwen. Het resultaat was dat er voor elke waarheid verschillende versies waren." Op termijn zouden de gegevens van beide datawarehouses kunnen versmelten in één enkele ruimte, op voorwaarde dat tegmoet gekomen wordt aan alle wettelijke bepalingen (bescherming van de persoonlijke levenssfeer, toestemming om alle persoonsgegevens van klanten door elkaar te gebruiken, ...). De teams bereiden zich in ieder geval voor op een dergelijk scenario zodat zodra het groene licht wordt gegeven, niet eerst "nog een ontwikkelingsperiode van zes maanden moet volgen", aldus Wim Casteur. Een ander mogelijk scenario is de hosting van beide datawarehouses op één enkel technisch platform, met een 'Chinese muur' om ze logisch gescheiden te houden. De interne herstructurering en de 'consolidatie' van Belgacom en Proximus verklaren voor een deel de - weliswaar niet veralgemeende - tendens naar harmonisering van de BI-oplossingen. Het duidelijkste voorbeeld is dat van de enterprise reporting, waar de Business-Objects-tools en -omgeving (naast nog een aantal Excel-eilandjes bij Fixed Lines) geleidelijk aan plaats zullen maken voor oplossingen van MicroStrategy (1). In de loop van 2007 werden vier oplossingen gewikt en gewogen: Cognos, Business Objects XI, SAS en MicroStrategy. Die laatste heeft het gehaald, wegens de gegarandeerde prestaties: een vlotter genereren van SQL en meer robuustheid bij complexe of volumineuze verzoeken. "MicroStrategy, dat met slechts één laag metadata werkt, belooft bovendien één enkele versie van de waarheid. In de BO-omgeving werd hetzelfde gegeven vaak op verschillende manieren benaderd. Elke omgeving leidde tot een grote verscheidenheid aan berekeningen van variabelen. Dat maakte een algemeen overzicht onmogelijk, en we wisten nooit welke business unit welke variabele genereerde ..." Bij Belgacom is die diversiteit het gevolg van een aantal interne ontwikkelingen. "In het verleden hadden we slechts één BI-team en dus één enkele omgeving. BO voldeed destijds perfect aan onze behoeften. Maar ondertussen hebben we veel meer teams, elk verspreid over verschillende operationele departementen. Tegelijk is BI een tool geworden die ten dienste staat van de hele onderneming: om de operationele teams te bedienen, de technische teams te coachen, de beste aanbiedingen te vinden voor onze klanten in de teleboetieks, enz. We moeten ons dus kunnen baseren op één enkele versie van de waarheid." Wat Belgacom eventueel inboet aan flexibiliteit, wordt gecompenseerd door de grotere centralisering die overlap en dubbelop tegengaat en ook de kwaliteit van de gegenereerde rapporten ten goede komt. Voor ETL doet Fixed Lines een beroep op AbInitio, terwijl Proximus klant is bij Informatica. Dat zou één enkele leverancier kunnen worden als beide datawarehouses mogelijk gefuseerd worden. Voor datamining vertrouwt Fixed Lines op KXEN, terwijl Mobile Lines nog altijd SAS Enterprise Miner gebruikt. Fixed Lines gebruikte vroeger ook SAS maar besliste om over te schakelen op KXEN, dat beter aangepast zou zijn aan de Teradata-omgeving. "We zien een duidelijke verbetering van de prestaties bij de automatische generatie van SQL-code op basis van het gedefinieerde model en op het vlak van de omzetting van BI-boomstructuren. De scoring gebeurt onmiddellijk." Elke tijdswinst betekent natuurlijk een aanzienlijk concurrentievoordeel. "Als een markt volwassen wordt en de groei gestabiliseerd is, zoals bij Fixed Lines, is het des te belangrijker dat we competitief zijn en snel kunnen reageren." Ook voor marketingcampagnes gebruiken beide Fixed en Mobile verschillende tools: een eigen oplossing voor Fixed Lines, en Cordiant voor Mobile Lines, dat evenwel werkt aan een migratie naar Affinium van Unica, dat later ook bij Fixed Lines zijn intrede zou moeten doen. (1) BO zou bewaard blijven,"maar alleen voor autonome rapporten, die geen effect hebben op andere units of gebruikers." Een inventaris van het meubilair, bijvoorbeeld. "Een wijziging zouden we slechts overwegen zijn als het onderhoud te duur wordt, duurder dan een migratie." Brigitte doucet