Songa is 34 en werkt vandaag als people manager bij de Digital Customer Service van Colruyt Group IT. Als we de nota's van de jury inkijken, dan staat er vooral te lezen dat het enthousiasme haar vooraf gaat en die passie is ook te merken als we met haar spreken. Nochtans is onze Young ICT Lady of the Year pas gaandeweg met IT in contact gekomen. Net zoals ze door een speling van het lot in ons land is beland.

U hebt Rwandese ouders en bent geboren in Kenia, hoe belandt u dan in België?

Belise Songa: Mijn papa was diplomaat en moest dus veel reizen voor zijn job. Zo is het gekomen dat ik en mijn jongere broer in Kenia zijn geboren, omdat we toen daar woonden. Nadien hebben we ook nog in andere Afrikaanse landen gewoond en in de VS. Mijn mama werkte intussen voor Vredeseilanden, dat vandaag Rikolto heet.

In 1993 is mijn vader overleden en een jaar later is de oorlog in Rwanda uitgebroken, waarbij heel wat Belgische collega's van mijn moeder terugkeerden naar België en voorstelden om bij hen te komen werken. En zo zijn we naar België gekomen.

U bent al een tiental jaar professioneel actief met digitale projecten, nochtans was dat niet uw achtergrond.

Songa: Ik ben juriste van opleiding en in die opleiding krijg je maar een paar uurtjes inleiding tot informatica. Ik vond dat wel interessant, maar niet dat ik stond te springen om mij daar verder in te verdiepen. Maar toen ik begon bij MLOZ (Onafhankelijke Ziekenfondsen) merkten we wel dat er een gat was tussen ons en de IT'ers. Ze begrepen wel wat we wilden, waar we naartoe moesten. Maar het resultaat was iets heel anders omdat we een ander beeld hadden. Ze hebben ons daar als team juristen en IT'ers samengezet, en ik ben er agile product owner geworden voor de dienst uitkeringen. Later werd ik ook scrum master en heb ik allerlei opleidingen gevolgd om mensen te kunnen coachen, vinden en rekruteren. Zo ben ik in IT gerold.

Ik wil iets aan mensen kunnen geven waar iedereen mee kan werken, zonder dat je het gevoel krijgt dat een groep wordt uitgesloten

Is dat lastig, zonder die ontwikkelkennis inschatten hoe goed een ontwikkelaar past bij een project?

Songa: Toen ik begon heb ik wel geluk gehad. Mijn werkomgeving wist dat ik die kennis niet had, maar ik heb hen altijd gevraagd om mij mee te nemen in die journeys. Ik heb nooit leren programmeren behalve met low code toepassingen, maar ik heb wel geleerd hoe je de juiste persoon bij de juiste mentor zet en ik weet waarover het gaat als het gaat over ontwikkelen.

Ligt uw passie voor IT dan vooral in het samenbrengen van de juiste mensen?

Songa: Toen ik begon was het eerder om op de nood een antwoord te bieden. Wij moesten tools bouwen om artsen te helpen met de juiste gegevens. Zelf heb ik daar niet aan ontwikkeld, maar om ze voldoende bruikbaar te krijgen moest je wel de juiste mensen op de juiste plaats krijgen, met de nodige trainingen en motivatie. Dat laatste is ook belangrijk: als je team gemotiveerd is, kan je echt wel alles bereiken.

Daarnaast vind ik het ook belangrijk dat we er bij digitalisering genoeg bij stilstaan dat iedereen mee kan. Niet enkel jongeren of wie met technologie bezig is. En dat we daarbij ook uitleggen waarom we dat doen. Vaak hoor je dat die technologiegolf er vooral is voor de toekomst en niet voor wat mensen vandaag nodig hebben. Ik wil iets aan mensen kunnen geven dat eenvoudig is, waar iedereen mee kan werken, zonder dat je het gevoel krijgt dat een groep wordt uitgesloten.

Emy Elleboog
© Emy Elleboog

Hoe kijkt u naar het onevenwicht van vrouwen in IT? Is het realistisch dat dat ooit een veel betere verhouding zal zijn?

Songa: Ik ben heel positief ingesteld en ik zie dat wel gebeuren binnen pakweg vijftig jaar. Dat lijkt nog enorm lang, maar dat gaat niet plots gebeuren. Het geeft mij ook energie om te weten dat we het daar voor doen en intussen awareness kweken dat we er vandaag nog niet zijn en dat we er werk van moeten maken.

Maar is dat dan mannen tegen vrouwen? Neen. We krijgen als vrouw daarin ook steun van mannen omdat ze die meerwaarde zien. De mannen willen ons daar ook hebben, je hoeft IT niet te ontwijken in je carrière omdat het een mannenwereld is.

Er zijn misschien sectoren waar dat moeilijker ligt, of minder nodig is. Maar binnen IT hebben we echt die diversiteit nodig. Man, vrouw, jong, oud. Zeker als je voor consumenten iets ontwikkelt dat conform is en door iedereen kan gebruikt worden, dan heb je daarbij vrouwen nodig.

Het laatste wat je als vrouw hoort te doen is je 'verkleden' als man om carrière te maken. Breng je vrouwelijke waarden aan tafel en schrik daar niet voor terug. Grijp die kans!

In een interview met Data News zegt filosofe Griet Vandermassen dat een evenwicht niet noodzakelijk is. Net omdat elke sekse ook andere interesses heeft. Volg je haar daarin? Zijn mannen en vrouwen voor elk type job even geschikt?

Songa: De essentie van gelijkheid is inderdaad niet die 50/50 verhouding halen. Je hebt bovendien ook mannen met meer 'vrouwelijke' waarden en omgekeerd. Het gaat er om wat je aanbrengt: je waarden, ideeën, attitude, dat gecombineerd moet kwalitatief en efficiënt zijn, waarbij je rekening kan houden met iedereen.

Het gaat niet puur om cijfers maar om wie er aan de tafel zit. En soms is dat 'typisch mannelijk' en soms anders. Wij zijn nu een app aan het ontwikkelen en dat gebeurt hoofdzakelijk door mannen. Maar ik merk wel dat daar dingen in zitten die ik als vrouw belangrijk zou vinden. Dat is ook oké hè, daarom hoeft een ontwikkelaarsteam niet noodzakelijk voor de helft uit vrouwen bestaan, als de waarden er maar zijn.

Je hoeft IT niet te ontwijken in je carrière omdat het een mannenwereld is

Moet evenwicht een doel blijven, ook al gaat het eerder om de weg er naartoe?

Songa: Ja, en dat vrouwen weten dat die deur open staat voor hen. Ik zie trouwens ook omgekeerde situaties: ik heb twee kinderen, de jongste zit nog in de kleuterklas, en daar zit één mannelijke kleuterleider. Dan hoor je wel eens moeders zeggen dat ze hopen dat hun kind bij een juf in plaats van een meester terechtkomen, 'want dat is toch niet hetzelfde.' Terwijl dat helemaal niet zo is, die man doet dat uitstekend en toont dat mannen en vrouwen vaak perfect dezelfde job kunnen doen. Dat is in IT niet anders, zo lang je je werk goed doet en je op de juiste plaats zit, is het goed.

Moet een vrouw in IT meer moeite doen? Hebt u zelf al tegen het glazen plafond aangekeken?

Songa: Vrouwen moeten vaak wel iets meer doen. Al moet ik zeggen dat ik zelf telkens de juiste mentors heb gehad, vooral vrouwen, die mij telkens steunden en de deur hebben opengezet. Dat soort mentor probeer ik nu ook zelf te worden voor andere vrouwen.

Maar het is niet gemakkelijk. Je moet vaak iets extra op tafel leggen, en een fout wordt je langer aangewreven. Maar het zit vaak in heel kleine zaken, wordt je kind ziek op school, dan bellen ze eerst naar de mama, en is het vaak de mama die haar werk laat staan en zo onrechtstreeks moeilijker hogerop geraakt.

Naast mentorschap hoor je ook dat mannen sneller op hun professioneel netwerk kunnen rekenen. Fysiek netwerken zit nog steeds wat in de koelkast, maar ziet u daar naar vrouwen toe beterschap in?

Songa: Ik heb het gevoel dat het beter en beter gaat. Maar misschien is dat ook omdat ik in het begin minder in dat netwerk zat. Je moet weten bij wie je terecht kan.

En zijn dat dan idealiter vrouwen voor vrouwen, of maakt dat minder uit?

Songa: In het begin was ik blij dat het vooral vrouwen waren. Als het er over gaat dat je je kinderen moet gaan ophalen, soms kon een man mij daar niet in begrijpen. Dat gaat over dingen die breder zijn dan je carrière, dat je terechtkan bij iemand als klankbord met vragen over hoe je dingen aanpakt.

Maar ik heb ook vaak mannen als manager gehad en die hebben mij daarin ook wel gesteund. Toen ik aan kinderen begon heb ik dat laten vallen bij een van hen, met de vraag wat zoiets betekent voor je job. Die zei vlakaf dat ik me daar niets van moest aantrekken en dat hij zelf twee kinderen heeft. Als je zoiets hoort, dan krijg je ook het zelfvertrouwen om voor zowel je job als je gezin kan gaan. Ik ken mensen die daarop te horen kregen dat ze dan maar beter 4/5e zouden gaan werken of klagen dat het kind altijd ziek zal zijn. In zo'n omgeving wil je geen kinderen met een carrière combineren.

Waar wordt u privé of professioneel gelukkig van?

Songa: Dat is een heel typisch antwoord, maar ik wil me inzetten voor jonge vrouwen. Weten dat iedereen toegang heeft om bij te leren, geeft mij energie. Kunnen netwerken bijvoorbeeld. Ik ga binnenkort naar Dubai voor een studiereis met Woman of the World met als thema Global Tech Innovation summit waar ik die twee ga combineren. Vrouwen blijven in veel omgevingen ook op de tweede plaats staan, in huishoudens waar er geld is, gaat het eerst naar de jongens. Dan is IT wel de ideale sector omdat je veel van thuis uit kan leren met de juiste tools.

Ik wil de mentor en de connector zijn en zo hopen dat mensen er in meegaan. Dat mensen me zeggen dat ik hen heb geholpen, dat vind ik super.

Hoe ziet u uw carrière verder evolueren?

Songa: Zelf iets oprichten wil ik niet uitsluiten, maar momenteel is die drang er niet. Ik wil vooral een stem zijn voor vrouwen en talentvolle mensen, maar ook voor wie niet mee is met technologie. Vanuit Colruyt doe ik dat door als ambassadeur op jobbeurzen te spreken. Door lid te zijn van ImpalaBridge ga ik spreken bij jongeren over digitalisering of programmeren. Dus die ambassadeursrol invullen en mensen helpen binnen Europa, maar zeker binnen België, en zowel binnen IT als daarbuiten is mijn passie. Ik wil dat de juiste mensen toegang krijgen tot de juiste trainingen en opleidingen.

Songa is 34 en werkt vandaag als people manager bij de Digital Customer Service van Colruyt Group IT. Als we de nota's van de jury inkijken, dan staat er vooral te lezen dat het enthousiasme haar vooraf gaat en die passie is ook te merken als we met haar spreken. Nochtans is onze Young ICT Lady of the Year pas gaandeweg met IT in contact gekomen. Net zoals ze door een speling van het lot in ons land is beland. U hebt Rwandese ouders en bent geboren in Kenia, hoe belandt u dan in België? Belise Songa: Mijn papa was diplomaat en moest dus veel reizen voor zijn job. Zo is het gekomen dat ik en mijn jongere broer in Kenia zijn geboren, omdat we toen daar woonden. Nadien hebben we ook nog in andere Afrikaanse landen gewoond en in de VS. Mijn mama werkte intussen voor Vredeseilanden, dat vandaag Rikolto heet. In 1993 is mijn vader overleden en een jaar later is de oorlog in Rwanda uitgebroken, waarbij heel wat Belgische collega's van mijn moeder terugkeerden naar België en voorstelden om bij hen te komen werken. En zo zijn we naar België gekomen. U bent al een tiental jaar professioneel actief met digitale projecten, nochtans was dat niet uw achtergrond. Songa: Ik ben juriste van opleiding en in die opleiding krijg je maar een paar uurtjes inleiding tot informatica. Ik vond dat wel interessant, maar niet dat ik stond te springen om mij daar verder in te verdiepen. Maar toen ik begon bij MLOZ (Onafhankelijke Ziekenfondsen) merkten we wel dat er een gat was tussen ons en de IT'ers. Ze begrepen wel wat we wilden, waar we naartoe moesten. Maar het resultaat was iets heel anders omdat we een ander beeld hadden. Ze hebben ons daar als team juristen en IT'ers samengezet, en ik ben er agile product owner geworden voor de dienst uitkeringen. Later werd ik ook scrum master en heb ik allerlei opleidingen gevolgd om mensen te kunnen coachen, vinden en rekruteren. Zo ben ik in IT gerold. Is dat lastig, zonder die ontwikkelkennis inschatten hoe goed een ontwikkelaar past bij een project? Songa: Toen ik begon heb ik wel geluk gehad. Mijn werkomgeving wist dat ik die kennis niet had, maar ik heb hen altijd gevraagd om mij mee te nemen in die journeys. Ik heb nooit leren programmeren behalve met low code toepassingen, maar ik heb wel geleerd hoe je de juiste persoon bij de juiste mentor zet en ik weet waarover het gaat als het gaat over ontwikkelen. Ligt uw passie voor IT dan vooral in het samenbrengen van de juiste mensen? Songa: Toen ik begon was het eerder om op de nood een antwoord te bieden. Wij moesten tools bouwen om artsen te helpen met de juiste gegevens. Zelf heb ik daar niet aan ontwikkeld, maar om ze voldoende bruikbaar te krijgen moest je wel de juiste mensen op de juiste plaats krijgen, met de nodige trainingen en motivatie. Dat laatste is ook belangrijk: als je team gemotiveerd is, kan je echt wel alles bereiken. Daarnaast vind ik het ook belangrijk dat we er bij digitalisering genoeg bij stilstaan dat iedereen mee kan. Niet enkel jongeren of wie met technologie bezig is. En dat we daarbij ook uitleggen waarom we dat doen. Vaak hoor je dat die technologiegolf er vooral is voor de toekomst en niet voor wat mensen vandaag nodig hebben. Ik wil iets aan mensen kunnen geven dat eenvoudig is, waar iedereen mee kan werken, zonder dat je het gevoel krijgt dat een groep wordt uitgesloten. Hoe kijkt u naar het onevenwicht van vrouwen in IT? Is het realistisch dat dat ooit een veel betere verhouding zal zijn? Songa: Ik ben heel positief ingesteld en ik zie dat wel gebeuren binnen pakweg vijftig jaar. Dat lijkt nog enorm lang, maar dat gaat niet plots gebeuren. Het geeft mij ook energie om te weten dat we het daar voor doen en intussen awareness kweken dat we er vandaag nog niet zijn en dat we er werk van moeten maken. Maar is dat dan mannen tegen vrouwen? Neen. We krijgen als vrouw daarin ook steun van mannen omdat ze die meerwaarde zien. De mannen willen ons daar ook hebben, je hoeft IT niet te ontwijken in je carrière omdat het een mannenwereld is. Er zijn misschien sectoren waar dat moeilijker ligt, of minder nodig is. Maar binnen IT hebben we echt die diversiteit nodig. Man, vrouw, jong, oud. Zeker als je voor consumenten iets ontwikkelt dat conform is en door iedereen kan gebruikt worden, dan heb je daarbij vrouwen nodig. Het laatste wat je als vrouw hoort te doen is je 'verkleden' als man om carrière te maken. Breng je vrouwelijke waarden aan tafel en schrik daar niet voor terug. Grijp die kans!In een interview met Data News zegt filosofe Griet Vandermassen dat een evenwicht niet noodzakelijk is. Net omdat elke sekse ook andere interesses heeft. Volg je haar daarin? Zijn mannen en vrouwen voor elk type job even geschikt? Songa: De essentie van gelijkheid is inderdaad niet die 50/50 verhouding halen. Je hebt bovendien ook mannen met meer 'vrouwelijke' waarden en omgekeerd. Het gaat er om wat je aanbrengt: je waarden, ideeën, attitude, dat gecombineerd moet kwalitatief en efficiënt zijn, waarbij je rekening kan houden met iedereen. Het gaat niet puur om cijfers maar om wie er aan de tafel zit. En soms is dat 'typisch mannelijk' en soms anders. Wij zijn nu een app aan het ontwikkelen en dat gebeurt hoofdzakelijk door mannen. Maar ik merk wel dat daar dingen in zitten die ik als vrouw belangrijk zou vinden. Dat is ook oké hè, daarom hoeft een ontwikkelaarsteam niet noodzakelijk voor de helft uit vrouwen bestaan, als de waarden er maar zijn. Moet evenwicht een doel blijven, ook al gaat het eerder om de weg er naartoe? Songa: Ja, en dat vrouwen weten dat die deur open staat voor hen. Ik zie trouwens ook omgekeerde situaties: ik heb twee kinderen, de jongste zit nog in de kleuterklas, en daar zit één mannelijke kleuterleider. Dan hoor je wel eens moeders zeggen dat ze hopen dat hun kind bij een juf in plaats van een meester terechtkomen, 'want dat is toch niet hetzelfde.' Terwijl dat helemaal niet zo is, die man doet dat uitstekend en toont dat mannen en vrouwen vaak perfect dezelfde job kunnen doen. Dat is in IT niet anders, zo lang je je werk goed doet en je op de juiste plaats zit, is het goed. Moet een vrouw in IT meer moeite doen? Hebt u zelf al tegen het glazen plafond aangekeken? Songa: Vrouwen moeten vaak wel iets meer doen. Al moet ik zeggen dat ik zelf telkens de juiste mentors heb gehad, vooral vrouwen, die mij telkens steunden en de deur hebben opengezet. Dat soort mentor probeer ik nu ook zelf te worden voor andere vrouwen. Maar het is niet gemakkelijk. Je moet vaak iets extra op tafel leggen, en een fout wordt je langer aangewreven. Maar het zit vaak in heel kleine zaken, wordt je kind ziek op school, dan bellen ze eerst naar de mama, en is het vaak de mama die haar werk laat staan en zo onrechtstreeks moeilijker hogerop geraakt.Naast mentorschap hoor je ook dat mannen sneller op hun professioneel netwerk kunnen rekenen. Fysiek netwerken zit nog steeds wat in de koelkast, maar ziet u daar naar vrouwen toe beterschap in? Songa: Ik heb het gevoel dat het beter en beter gaat. Maar misschien is dat ook omdat ik in het begin minder in dat netwerk zat. Je moet weten bij wie je terecht kan. En zijn dat dan idealiter vrouwen voor vrouwen, of maakt dat minder uit? Songa: In het begin was ik blij dat het vooral vrouwen waren. Als het er over gaat dat je je kinderen moet gaan ophalen, soms kon een man mij daar niet in begrijpen. Dat gaat over dingen die breder zijn dan je carrière, dat je terechtkan bij iemand als klankbord met vragen over hoe je dingen aanpakt. Maar ik heb ook vaak mannen als manager gehad en die hebben mij daarin ook wel gesteund. Toen ik aan kinderen begon heb ik dat laten vallen bij een van hen, met de vraag wat zoiets betekent voor je job. Die zei vlakaf dat ik me daar niets van moest aantrekken en dat hij zelf twee kinderen heeft. Als je zoiets hoort, dan krijg je ook het zelfvertrouwen om voor zowel je job als je gezin kan gaan. Ik ken mensen die daarop te horen kregen dat ze dan maar beter 4/5e zouden gaan werken of klagen dat het kind altijd ziek zal zijn. In zo'n omgeving wil je geen kinderen met een carrière combineren. Waar wordt u privé of professioneel gelukkig van? Songa: Dat is een heel typisch antwoord, maar ik wil me inzetten voor jonge vrouwen. Weten dat iedereen toegang heeft om bij te leren, geeft mij energie. Kunnen netwerken bijvoorbeeld. Ik ga binnenkort naar Dubai voor een studiereis met Woman of the World met als thema Global Tech Innovation summit waar ik die twee ga combineren. Vrouwen blijven in veel omgevingen ook op de tweede plaats staan, in huishoudens waar er geld is, gaat het eerst naar de jongens. Dan is IT wel de ideale sector omdat je veel van thuis uit kan leren met de juiste tools. Ik wil de mentor en de connector zijn en zo hopen dat mensen er in meegaan. Dat mensen me zeggen dat ik hen heb geholpen, dat vind ik super. Hoe ziet u uw carrière verder evolueren? Songa: Zelf iets oprichten wil ik niet uitsluiten, maar momenteel is die drang er niet. Ik wil vooral een stem zijn voor vrouwen en talentvolle mensen, maar ook voor wie niet mee is met technologie. Vanuit Colruyt doe ik dat door als ambassadeur op jobbeurzen te spreken. Door lid te zijn van ImpalaBridge ga ik spreken bij jongeren over digitalisering of programmeren. Dus die ambassadeursrol invullen en mensen helpen binnen Europa, maar zeker binnen België, en zowel binnen IT als daarbuiten is mijn passie. Ik wil dat de juiste mensen toegang krijgen tot de juiste trainingen en opleidingen.