Het is vandaag gemakkelijker dan ooit om een nieuwe softwaretoepassing uit te rollen. Je huurt wat computerpower en wat storage in de cloud, en klaar: je bent vertrokken. Maar wil je schalen en wil je dat je app kan bogen op een veilig, robuust en globaal netwerk, dan wordt het wat moeilijker. Eer een operator een link gelegd heeft naar de bedrijfseigen infrastructuur van een grote cloudleverancier, ben je snel al enkele maanden verder.
...

Het is vandaag gemakkelijker dan ooit om een nieuwe softwaretoepassing uit te rollen. Je huurt wat computerpower en wat storage in de cloud, en klaar: je bent vertrokken. Maar wil je schalen en wil je dat je app kan bogen op een veilig, robuust en globaal netwerk, dan wordt het wat moeilijker. Eer een operator een link gelegd heeft naar de bedrijfseigen infrastructuur van een grote cloudleverancier, ben je snel al enkele maanden verder. "Omdat leveranciers van managed services niet op een eenduidige manier met cloudboeren als Amazon of Google kunnen 'praten', duurt het soms een eeuwigheid eer sommige klanten hun softwaretoepassingen uitgerold krijgen in de cloud", knikt Angus Robertson van Open Cloud Connect. Om sneller te kunnen schakelen, en om bedrijven de mogelijkheid te bieden om vlot te kunnen wisselen van cloudleverancier, ontwikkelt het Open Cloud Connect-consortium een referentie-architectuur met een reeks open standaarden. Het consortium (dochter van het befaamde 'Metro Ethernet Forum') telt al 28 leden, vooral uit netwerk- en infrastructuurhoek. Huawei, Cisco, Avaya en Alcatel-Lucent, maar ook Comcast, Verizon, Tata Communications en Ericsson. Opvallend (of net niet): de grote cloudleveranciers zoals Amazon Web Services, Dropbox, Microsoft en Google doen niet mee, en waarom zouden ze ook, gebaat als ze zijn met de huidige lock-in van hun klanten. Standaarden die de eigen business ondergraven, kunnen ze missen als kiespijn. "We zitten nog maar aan het begin van de migratie van business-kritische applicaties naar de cloud", reageert Sebastien Jobert van Open Cloud Connect. Jobert (Iometrix) vertegenwoordigde samen met Angus Robertson (Hubble) het nieuwe consortium op het voorbije NetEvents-technologiecongres in San Francisco. "De markt gaat er binnen enkele jaren helemaal anders uitzien", verzekert de naar de VS uitgeweken Fransman. "Uiteindelijk zullen het de eindklanten zijn die bepalen wat de cloudleveranciers moeten doen. We verwachten toch dat bedrijven hun apps op een eenduidige manier van en naar een cloud zullen willen brengen. Dat de 'opgesloten' positie waarin velen zich nu bevinden niet gezond is, daar is iedereen het over eens." "Als we voldoende bedrijven achter ons krijgen en wanneer onze standaarden gebruikt worden door voldoende Open Cloud-providers, dan kan de sector wel degelijk veranderen. Hetzelfde is ooit gebeurd met metro-ethernet." ANGUS ROBERTSON: "We praten met alle cloud-leveranciers, maar momenteel is er vooral bij de kleintjes interesse. Bij de grotere spelers stelt voorlopig enkel Microsoft zich welwillend op, bij Google en Amazon vangen we bot." "Maar neem nu Netflix even als voorbeeld. Dat bedrijf draait momenteel volledig op Amazon Web Services, en vertrouwt dat bedrijf voor 100 procent. Alleen, Amazon heeft met Prime een aanbod gelanceerd dat met Netflix concureert. Moet Netflix dan niet de mogelijkheid hebben om snel van leverancier te kunnen veranderen, of om minstens een andere speler in het verhaal te kunnen betrekken? Want wat als Amazon Netflix benadeelt ten opzichte van het eigen aanbod?" "Content-leveranciers die een beroep doen op één cloudleverancier worden in een té afhankelijke rol gedwongen, wat hun toekomst hypothekeert. Het wordt tijd dat ze dat beseffen, en dat ze hun eisen beginnen te stellen." ROBERTSON: "In ons hoofd gaat het eigenlijk om hetzelfde: een aparte service-laag die losstaat van de technologie én van de cloud-leverancier. Uiteindelijk zullen onze standaarden er wel komen, maar eer het zo ver is kan een abstractielaag al helpen bij het behouden van de controle, en bij het isoleren van kritische applicaties." ROBERTSON: "We staan nog maar aan het begin, maar er is al hard gewerkt aan de referentie-architectuur voor het cloud-ecosysteem: de verschillende lagen, een gemeenschappelijke terminologie, de demarcatiepunten tussen de verschillende spelers: er is al heel wat werk ingekropen." "Naast de referentie-architectuur hebben we ook een 'Open Cloud Lab' opgezet waarmee we de wereld rondtrekken en waarin we verschillende use cases uitproberen. Op basis van wat werkt en wat niet werkt zetten we de standaarden verder op punt." ROBERTSON: "Het doel is om met standaarden te komen in cycli van zes tot negen maanden. Nu het Open Cloud Lab actief is en de referentie-architectuur op punt staat, kunnen de eerste standaarden (interfaces, service definitions, ...) snel uitgewerkt worden." SEBASTIEN JOBERT: "Nu de standaarden reëel worden en we met de eerste showcases uitpakken, groeit de interesse ook bij hen. Heel wat bedrijven komen tot bij ons en zeggen: we hebben hetzelfde probleem. We moeten linken naar een nieuw datacenter en maken hetzelfde mee. Omdat cloud alsmaar belangrijker wordt, moeten we dit standaardiseringsproces opentrekken naar het datacenter. Er werken trouwens al datacenter-providers mee, denk maar aan Interxion. Alles raakt in een stroomversnelling." ROBERTSON: "Security is één van de domeinen waar we met Open Cloud Connect volop op focussen, naast virtualisatie en automatisering. Ik ga er dan ook vanuit dat de securitycomponenten in onze standaarden de veiligheid nog gaan verbeteren." "Omdat alles wat we doen zichtbaar is, zullen hackers misschien wel hun kans willen wagen, maar dat onze standaarden getest worden door verschillende leden en bedrijven, maakt hen ook sterker. ROBERTSON: "Een bedrijf beseft niet welk risico het loopt als het te afhankelijk is van één cloudleverancier. Enkel bij de gevorderde spelers begint het te dagen dat hun kritische toepassingen 'gevangen' zitten bij hun leverancier. Terwijl ze voor sommige kritische applicaties misschien beter bij een ander cloudboer terecht hadden gekund." "Als jij je hele ecosysteem bouwt rond één leverancier, en je zou kunnen differentiëren door naar een andere provider te verhuizen, waar de prijs lager is, of waar ze een andere technologie gebruiken met mogelijkheden die je bij je huidige partner niet kan benutten, dan kan je benadeeld worden ten opzichte van je concurrenten." "Het gevaar bestaat dat, als een bedrijf wil innoveren en daarvoor beter van de diensten van een andere cloudboer gebruik maakt, dat het alles from scratch opnieuw mag opbouwen. Het is belangrijk dat bedrijven dat beseffen, zeker nu de cloud zo kritisch is geworden voor alles wat ze doen. Bedrijven moeten meer controle krijgen, en op een flexibelere manier te werk kunnen gaan." Frederik Tibau