De Databank Ondergrond Vlaanderen (DOV) is een samenwerkingsverband tussen een aantal departementen van de Vlaamse overheid met de bedoeling om via een webloket op dov. vlaanderen.be alle gegevens in verband met de Vlaamse ondergrond ter beschikking te stellen, zoals over geologie, grondwater, grondverschuivingen en bodemerosie. Sinds 2002 gebeurt dat met ESRI's ArcIMS dat communiceert met de ArcSDE/Informix-databank om allerlei kaarten van de ond...

De Databank Ondergrond Vlaanderen (DOV) is een samenwerkingsverband tussen een aantal departementen van de Vlaamse overheid met de bedoeling om via een webloket op dov. vlaanderen.be alle gegevens in verband met de Vlaamse ondergrond ter beschikking te stellen, zoals over geologie, grondwater, grondverschuivingen en bodemerosie. Sinds 2002 gebeurt dat met ESRI's ArcIMS dat communiceert met de ArcSDE/Informix-databank om allerlei kaarten van de ondergrond te tonen. Er waren echter wat problemen met de ESRI-software, vooral voor toegang van buitenaf van diensten die door de Europese INSPIRE-richtlijn vereist waren. Toen DOV in 2009 deelnam aan het Europese project GS Soil, besloot men voor DOV een nieuwe infra-structuur op te zetten in beheer bij het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) van de Vlaamse overheid. Aangezien GS Soil het gebruik van opensourcetechnologie stimuleerde, werd de infrastructuur gebaseerd op PostgreSQL/PostGIS, GeoServer en GeoNet-work. Op de infrastructuur van LNE draait GeoServer, een opensource Java-gebaseerde server die kaarten in allerlei uitvoerformaten kan tonen. De server kan ook via web map services (wms) en web feature service (wfs) de kaarten respectievelijk de onderliggende gegevens met andere toepassingen delen. Marleen Van Damme, coördinator van DOV bij het LNE, legt uit hoe die omschakeling van de oude naar de nieuwe architectuur werkt: "We hebben de tool DataEngine ontwikkeld die elke nacht de gegevens uit de ArcSDE-databank kopieert naar onze nieuwe PostGIS-databank en tegelijk ook GeoServer configureert. We overwegen om die DataEngine opensource te maken." De hele infrastructuur is achter een load balancer geplaatst: twee GeoServer-machines en twee GeoNetwork-servers staan in failover geconfigureerd. Voor de realisatie van het project heeft LNE verschillende partijen ingeschakeld, die onder andere een analist, Java-ontwikkelaar en GIS-ontwikkelaar leverden. De gegevens van alle deelnemers aan het Europese project zijn via WMS en voor een aantal ook via WFS beschikbaar in de portal van GS Soil. Voor de Databank Ondergrond Vlaanderen zijn op dit ogenblik al 169 datasets en netwerkdiensten gedocumenteerd in GeoNetwork en 141 lagen beschikbaar via Geoserver.Koen Vervloesem