Na Real Software en Ubizen komt nog maar eens een beloftevol Vlaams technologiebedrijf in buitenlandse handen. "Critici zeggen vaak: alweer een parel verloren aan de Amerikanen. Maar eigenlijk is het net andersom. Wij halen een veel grotere parel naar Leuven", aldus Anton DeProft. "Net zoals IMEC, behoort KLA immers tot de absolute wereldtop."
...

Na Real Software en Ubizen komt nog maar eens een beloftevol Vlaams technologiebedrijf in buitenlandse handen. "Critici zeggen vaak: alweer een parel verloren aan de Amerikanen. Maar eigenlijk is het net andersom. Wij halen een veel grotere parel naar Leuven", aldus Anton DeProft. "Net zoals IMEC, behoort KLA immers tot de absolute wereldtop." "We verankeren met andere woorden de activiteiten van KLA-Tencor en Icos in Leuven", glundert de topmanager. "Overigens zou ik graag zien dat er nog enkele grote spelers bijkomen, waardoor je een betere wisselwerking krijgt met de spin-offs. En waardoor de biotoop die na 25 jaar goed op dreef begint te komen, zich ook verder kan ontwikkelen." Misschien is een woordje uitleg over beide bedrijven hier op zijn plaats. In de productieketen van de chipindustrie zitten de machines van de Leuvenaars helemaal aan het einde, na het productieproces, in de zogeheten back-end. De producten van Icos controleren met minuscule camera's of de hechtingspunten op computerchips wel nauwkeurig geplaatst zijn. KLA-Tencor inspecteert dan weer de front-end (tijdens het productieproces van de chips). Volgens DeProft is die complementariteit een zegen, "want we krijgen er een belangrijke hulp bij, die ons zal toelaten om enkele versnellingen hoger te schakelen." Dat is nodig omdat Icos sinds enkele jaren actief is in snelgroeiende markten zoals de inspectie van zonnecellen en van chips in ledverlichting. Markten waarin de front-end en de back-end langzaamaan naar elkaar toegroeien, omdat er hoe langer hoe meer verschillende chips in één package worden gestoken. In mensentaal: de chips moeten eigenlijk al op voorhand, in de front end, worden getest. "Dit is dan het ideale moment is om de handen in elkaar te slaan", oppert DeProft. "Als we nog enkele jaren hadden gewacht, waren we allicht concurrenten geworden. Is het niet beter om samen te gaan voor je op elkaars tenen begint te trappen?" Voor DeProft zelf brengt de vriendschappelijke overname nochtans enkele flinke aanpassingen. Niet alleen is hij binnenkort ceo-af, ook het publieke karakter van zijn bedrijf verdwijnt, waardoor beleggersdagen en analistenvergaderingen naar de geschiedenisboekjes verwezen worden. "De communicatie naar investeerders en analisten toe is iets wat ik altijd graag gedaan heb", geeft de topman toe. "Ik ga dat missen, daar moet ik niet flauw over doen. Mijn job zal sowieso een stuk operationeler worden. Maar goed, elke verandering heeft pro's en contra's. Voor Icos is het nu eenmaal de beste stap." Dat Icos DeProft erg nauw aan het hart ligt, heeft ook met de voorgeschiedenis van de ceo te maken. Het bedrijf loopt immers als een rode draad doorheen zijn hele carrière. Hij was er misschien niet bij van in het prille begin, maar veel heeft het niet gescheeld. "Toen Icos werd opgestart in 1982, was ik net afgestudeerd als ingenieur, en werkte ik in het laboratorium van initiatiefnemer André Oosterlinck. Maar ik moest mijn legerdienst nog doen, en wilde daarna in de VS gaan werken." Maar zelfs toen DeProft in 1985 aan de slag ging bij International Imaging Systems in Silicon Valley, was er een link met Leuven. "IIS was op dat moment distributeur van Icos-producten in de VS", klinkt het nog. "Maar het werd me al snel duidelijk dat Icos een eigen bureau nodig had in Californië. In 1986 trok ik met die boodschap naar de directie in Brussel, en niet veel later kon ik al aan de slag gaan voor Icos aan de Westkust." Iets wat weinigen weten, is dat vader Jozef DeProft, de voormalige administrateur generaal van de RTT, in die periode nog bestuurder geweest is bij Icos. "We hebben in het begin zwarte sneeuw gezien, en mijn vader heeft toen geïnvesteerd in het bedrijf, dat klopt. Maar al bij al heeft hij maar een beperkte rol gespeeld, je moet die familieband dus niet overschatten (lacht)." Icos werd uit de grond gestampt met het idee om 'elektronische ogen' te maken. In de jaren tachtig ging men er immers van uit dat fabrieken in de nabije toekomst volledig op robots zouden draaien, en dat die robots moesten kunnen zien. "In de beginfase hebben we echt alles gedaan, tot de inspectie van pralines en avocado's toe. Ik hoef je niet te vertellen dat dat allemaal verlieslatende projecten waren. Er was geen focus." Een eerste scharnierpunt kwam er rond 1985, "eigenlijk dankzij een groot contract met Siemens, voor een OEM-toepassing in pick-and-place machines. We leverden toen inspectiekaarten met software, die de beeldverwerking verzorgden. Zo zijn we dan langzaamaan in de wereld van de halfgeleiders terechtgekomen." Mettertijd hebben de Leuvenaars hun productgamma verticaal uitgebouwd. In plaats van inspectiesystemen te leveren voor inbouw in machines van derden, werd er overgeschakeld op eigen inspectiemachines, waarmee het bedrijf dan ook zelf naar de chipfabrikanten trok. Voor een volgend scharniermoment, moeten we wachten tot in 2002. "2001 en 2002 waren uiteraard barslecht", aldus nog DeProft. "Tweeënhalf jaar lang zaten we onder de bodem van 1996, toen er ook een crisis was in de sector van de geheugenchips." Maar Icos herrees als een fenks, en begon ook horizontaal uit te breiden. "Op dat moment zijn we onze klanten ook andere systemen beginnen aanbieden, zoals wafer-inspectie en zonne-inspectie." Niet dat DeProft Icos zelf door de crisis geloodst heeft. Op het moment dat de bubble barstte, had de manager immers net de deuren van Icos achter zich dichtgetrokken. "Na mijn periode in de VS ben ik tien jaar wereldwijde marketing- en salesdirecteur geweest, en kende ik bij wijze van spreken elke Japanner en elke Chinees. Rond de eeuwwende had ik gewoon zin in iets nieuws. Ik heb toen een erg goed bedrijf achtergelaten, om me als zelfstandige volledig op consultancy te storten. Een masterplan had ik niet, maar het was niet de bedoeling om nog ooit terug te keren." Als DeProft in die periode één ding geleerd heeft, dan is het wel dat hij zijn karretje beter niet aan de grootbanken gehangen had. "Ik heb toen een half miljoen euro geïnvesteerd in Synes, een specialist in software voor artificiële intelligentie. Dat was het typevoorbeeld van een investering die volledig de mist in gegaan is (lacht). Ik dacht toen dat ik iets kende van de business, maar ik heb me laten verblinden door de waanzinnige waarderingen waar de banken mee zwaaiden. Conclusie: je maakt beter je eigen huiswerk." Op 1 april 2002 haalde zijn vroegere baas Jos Verjans DeProft opnieuw binnen. Op het moeilijkst denkbare moment, maar wel als chief executive officer. Het bleek het begin van de ommekeer in de markt. "Ik was toen ook met erg interessante dingen bezig, maar ik heb geen vijf seconden getwijfeld", klinkt het nu. "Ik kende Icos, ik kende het cyclische karakter van de markt, en als consultant had ik een erg goed zicht op wat er allemaal aan het gebeuren was." Intussen ogen de toekomstperspectieven voor Icos rooskleuriger dan ooit tevoren. Dat de halfgeleidermarkt minder cyclisch is dan vroeger (toen je nog de fameuze vierjarige 'Wintelcycli' had, een samentrekking van Windows en Intel), is daar zeker niet vreemd aan. "Vandaag gaat nog maar 40 procent van de chips naar pc's. Het aandeel van de telecom- en de automotive markten wordt steeds groter." "De markt is ook minder voorspelbaar", gaat DeProft verder. "In 2008 wordt onze sector gekenmerkt door korte termijn nervositeit, rond grote hypes zoals de iPhone. Op het moment dat zo'n product gelanceerd wordt, zie je dat de vraag naar alle soorten van hardware voor de productie van dat ding gevoelig stijgt. Ook wij pikken dus een graantje mee van het succes van Apple." Omdat de halfgeleiderindustrie veel meer consumentgericht is dan vroeger, krijg je veel meer investeringsgolven, wat Icos alleen maar ten goede kan komen. "Onze nieuwe markten maken onze business trouwens minder cyclisch. Het voordeel van zonnecellen is dat het om een energiemarkt gaat, en die heeft sowieso niet het cyclische karakter van halfgeleiders. De sector van de leds is dan weer een verlichtingsmarkt, die evenmin in dat bedje ziek is." "Ik heb geen glazen bol, en wil me niet vastklampen aan het verleden. Het staat vast dat Icos een nieuw hoofdstuk gaat schrijven. De vorige waren al interessant, maar ik denk dat er nu nog veel meer deuren zullen opengaan. Ook zelf voel ik me in mijn sas. Ik blijf de Icos-divisie binnen KLA leiden, en ben daarnaast nog voorzitter van de raad van bestuur bij IMEC. Als dat niet mooi is?" z Frederik Tibau