In tegenstelling tot voorgaande jaren torende in deze editie niet meteen één project mijlenver boven de andere uit, maar dat werd gelukkig gecompenseerd door een grote variëteit. Zo kreeg de jury dit jaar een breed spectrum aan projecten voorgelegd, gaande van een overzicht van loopbaangegevens (mycareer.be) tot de beveiliging van oversteekplaatsen voor fietsers en ruiters via een wifi-toepassing (door de gemeente Bonheiden). Of een pilootproject met blockchaintechnologie (door Digipolis), dan wel apps voor een bibliotheek (de Krook, Gent). Dat alles beoordeelde de jury op vijf aspecten - gebruiksvriendelijkheid, rendabiliteit, innovatie, samenwerking en open data - telkens goed voor een award. En gegarandeerd goed voor levendige discussies. De hoofdvogel waarop alle kandidaten mikken is natuurlijk de 'beste project' award!

Beste project Lage-emissiezone Antwerpen - Informatie Antwerpen

Dat we met de uitlaatgassen en het fijne stof van onze auto's elkaar de adem afsnijden, is allang geen geheim meer. Wereldwijd zijn een heleboel steden de strijd met dat gevaar aangegaan door de meest vervuilende voertuigen op grote stukken van hun grondgebied te weren. Begin 2017 werd in België nu ook zo'n 'lage-emissiezone' (LEZ) ingevoerd, in Antwerpen, en het project hiervoor werd door Informatie Vlaanderen ingediend.

"Het invoeren van een lage-emissiezone is één van de meest effectieve maatregelen op lokaal niveau om de milieu-impact van het verkeer te verminderen, " wordt de waarde van het project onderstreept. Zo lezen we dat het percentage van voertuigen die niet (meer) aan de voorschriften voldoen daalde van "ongeveer 5 procent in [startmaand] februari tot 1,3 procent in augustus."

Maar het lovenswaardige milieu- aspect was niet het doorslaggevende argument voor de jury. Het LEZ-project is een initiatief van een gemeente, dat professioneel werd uitgewerkt door een brede groep actoren (lokaal, Vlaamse en federale overheid) in samenwerking met private partners. In tegenstelling tot heel wat gelijkaardige initiatieven in het buitenland werd hierbij wel voor moderne technologie gekozen, zoals intelligente camera's (het ANPR-netwerk). "Beter dan de stickertjes in het buitenland", klonk een jurylid droogjes, en het resulteert zeker in een grotere gebruiksvriendelijkheid voor de autogebruikers. Zij kunnen namelijk opzoeken wat de status is van hun voertuig, en indien nodig vlot een tijdelijke toelating aanvragen. Meer nog, het systeem kan ook makkelijk naar andere gemeenten worden overgezet met mogelijkheden voor een eigen lokaal beleid, zodat een chauffeur de voorruit van zijn wagen niet met grote aantallen (allicht regelmatig te vernieuwen) stickers moet volplakken. "En we zijn meer dan bereid om informatie en ervaring over ons project aan te bieden aan andere Europese steden en regio's."

Het project is tevens een goed voorbeeld van het samenvoegen van een verscheiden groep van databases, gaande van nummerplaat-data uit de camera's, langs de federale database van geregistreerde voertuigen tot het rijksregister en de kruispuntbank voor ondernemingen, dat alles via het Magda-gegevensdelingsplatform. Bovendien moet het systeem grote datavolumes aankunnen, want dagelijks worden meer dan 300.000 voertuigen gescreend. Geeft dat geen zorgen over privacy? "Antwerpen heeft geen toegang tot persoonsinformatie van voertuigen die aan de LEZ-regels voldoen," wordt ons verzekerd, want: "Magda beperkt de hoeveelheid gegevens die worden gedeeld tussen de partijen."

Zijn LEZ's dé oplossing voor het probleem van de luchtkwaliteit in steden? Die discussie laat de jury aan andere experten ter zake over. Maar dat dit LEZ-project solide is en op een hele rist punten excelleert, bekroont het wel met de lauwerkrans van de jury.

Award 'rendabiliteit' Chèques entreprises - DGO6, AWEX, AdN, eWBS

Tja, hoe definieert u de 'rendabiliteit' van een eGov-project? Voor een project uit de privésector is dat makkelijker: u becijfert gewoonweg hoeveel meer omzet en/of winst het project oplevert. Maar voor overheidsdiensten zijn termen als omzet en winst al niet zo vanzelfsprekend. Meer nog, de jury besprak terdege ook de mogelijkheid om het 'maatschappelijk rendement' van een project in overweging te nemen (zeg maar de voordelen voor de maatschappij, zoals bijvoorbeeld minder gezondheidsproblemen door een betere luchtkwaliteit in de stad). Vaak is zo'n rendement nog heel wat moeilijker in te schatten, want allicht ook meer indirect van aard. Waardoor een onderlinge vergelijking van projecten nog wat moeilijker wordt. In de praktijk vertaalt 'rendabiliteit' van een eGov-project zich dan ook gewoonlijk in 'besparingen' van allerlei aard (minder personeel, minder werkingskosten enzovoort), waarop (liefst harde) cijfers kunnen worden geplakt.

Dat laatste is zeker het geval in het 'bedrijvencheques'-project waaraan een reeks diensten in Wallonië en Brussel samenwerken. 'De hulp aan bedrijven tegen 5G-snelheid', zo omschrijft het project zichzelf, om "de toegang tot financiële hulp voor bedrijven duidelijker, eenvoudiger en sneller te maken." Het project creëert één digitaal platform voor de aanvraag, toekenning en uitbetaling van steun in het kader van "opleidingen, adviezen, coaching en dies meer voor Waalse ondernemers en ondernemingen." Door een vlottere uitwisseling van gegevens tussen de betrokken diensten, met minder nood aan bewijsstukken (door hergebruik van data) wordt het hele proces eenvoudiger en sneller afgewikkeld.

En de besparingen? "In de circa zeven maanden sinds de start hebben we in totaal naar schatting een miljoen euro besparing op administratieve lasten gehaald", of ongeveer de investering in het project. "En dat is nog zonder de tien- of honderdduizenden euro's die de betrokken diensten zelf hadden moeten besteden om intern een specifieke toepassing te bouwen in de back-office, om de datastromen te integreren en te beheren." QED.

Award 'gebruiksvriendelijkheid' mycareer.be - RSZ, Sigedis & de OISZ

Een ander aspect waarop u een eGov-project kan afrekenen - zeg maar als vorm van 'maatschappelijk rendement' - is in welke mate dit project het leven van de burger vereenvoudigt of verbetert. Het is alvast een doelstelling waarin we ons allemaal kunnen in vinden, en waarbij ook een optimale gebruiksvriendelijkheid welkom is!

Dat is zeker de opzet van 'mycareer.be' - de plek waar een burger voortaan zijn "persoonlijke informatie over zijn professionele leven in België, afkomstig uit meer dan 15 verschillende databanken bij verschillende openbare instellingen van sociale zekerheid (OISZ), overzichtelijk samengebracht" aantreft. Deze webtoepassing - gebouwd door Sigedis - vormt het toegangspunt waar de burger in self-service die informatie keurig chronologisch geordend aantreft, en tevens het unieke contactpunt waar hij of zij eventuele correcties, problemen en vragen meteen bij de juiste dienst kan aankaarten. Voor dat laatste volstaat "één druk op de 'meld een probleem'-knop," lezen we, waarbij de burger ook zelf via een bijlage bewijsstukken kan toevoegen. Dergelijke correcties worden meteen overal waar nodig uitgevoerd. En voorts kan de gebruiker al die informatie ook aanwenden voor onder meer het opstellen van een gedetailleerd cv of om werkervaring aan te tonen.

De 'mycareer.be'-toepassing kadert "in het recht van elke burger om te weten welke informatie de overheid over hem of haar bezit, en om die zo nodig te verbeteren." Het succes van een makkelijk toegangspunt tot dergelijke informatie laat zich makkelijk voorspellen. Na een eerste persvoorstelling werden vervolgens op 48 uur tijd al meteen ca. 1.000 opmerkingen geregistreerd via de 'meldknop'. Bij de opstart bleek "liefst 5 procent van alle bezoekers een melding te hebben achtergelaten." Ook hier kan u dus concluderen dat het project overduidelijk niet alleen aan een behoefte voldoet maar ook aan zijn doelstellingen, en dat op een wijze die het de gebruiker makkelijk, en niet moeilijk maakt.

Samenwerking, innovatie, open data

Bij het aspect samenwerking beoordeelt de award in eerste instantie hoe succesvol overheidsdiensten hebben samengewerkt bij de ontwikkeling van het project. Maar soms betreft het ook een project dat in de dagelijkse praktijk een samenwerking bevordert wanneer u daar hoge nood aan hebt! Dat is zeker het geval voor het project 'cartografie voor natuurbranden' door het Nationaal Geografisch Instituut. Het betreft een digitale basiskaart die komaf maakt met "klungelige plannetjes" zodat bij "grote, grensoverschrijdende natuurbranden de verschillende hulpdiensten overal over dezelfde goede terreinkennis beschikken." De lijst stakeholders die aan dit project hebben meegewerkt, leest als een 'who's who' van civiele en militaire hulp- en ordediensten, en organismen uit het crisismanagement.

Innovatie hoeft niet altijd een kwestie te zijn van de nieuwste 'bleeding edge' technologie. Soms gaat het erom van bij de aanvang van een toepassing bedachtzaam rekening te houden met specifieke behoeften, en daarvoor de juiste technologie aan te wenden. Het 'eDiv'-project van Unia is bovendien een mooi voorbeeld van 'practice what you preach'. Als e-learning tool informeert eDiv de werkgevers over de wetgeving rond redelijke aanpassingen op het werk voor personen met een handicap. Unia heeft van bij de aanvang de inhoud van de e-learning tool ook in gebarentaal voorzien - een primeur. Hierbij werd gebruik gemaakt van de open source software Moodle, die toegankelijk werd gemaakt voor blinden en personen met een motorische handicap. eDiv kan voorts ook als voorbeeld voor toepassingen in de onderwijswereld dienen.

En wat met 'open data'? Traditiegetrouw is en blijft dit helaas het zwakste award-broertje, met slechts weinig projecten die intensief gebruik (willen?) maken van 'open data'. Dit jaar zet evenwel de 'zonnekaart Vlaanderen' van het Vlaams Energieagentschap de 'open data' toch in het zonnetje.

Guy Kindermans