"We staan hier niet te roepen dat je de klassieke opleidingen en seminars niet meer nodig hebt. Maar met de roep van mensen die niet langer zomaar uit hun dagdagelijks werkritme willen gehaald worden, moet toch rekening worden gehouden", zegt Leo Van Geyt, senior vice-president bij Instruxion dat gespecialiseerd is in e-learning. "Niet alleen e-learning," voegt ceo Geert Coppens daar meteen aan toe, "eigenlijk stoppen we allerlei content in een attractief online formaat, zodat je - al naargelang het doelpubliek en het type content - kan spreken over e-learning, e-marketing of e-support."
...

"We staan hier niet te roepen dat je de klassieke opleidingen en seminars niet meer nodig hebt. Maar met de roep van mensen die niet langer zomaar uit hun dagdagelijks werkritme willen gehaald worden, moet toch rekening worden gehouden", zegt Leo Van Geyt, senior vice-president bij Instruxion dat gespecialiseerd is in e-learning. "Niet alleen e-learning," voegt ceo Geert Coppens daar meteen aan toe, "eigenlijk stoppen we allerlei content in een attractief online formaat, zodat je - al naargelang het doelpubliek en het type content - kan spreken over e-learning, e-marketing of e-support." Maar is het niet bewezen dat heel wat mensen juist erg 'slecht' lezen op een scherm, en de inhoud erg vluchtig opnemen? "Klopt", aldus Geert Coppens, "en dat is meteen de grootste uitdaging bij het opstellen van online cursussen. Om het aandachtsprobleem op te lossen moet je de content in een aantrekkelijke vorm presenteren. Ontzettend belangrijk is dat je daarbij voortdurend in het achterhoofd houdt dat je de aandacht van de 'kijker' constant moet blijven vasthouden. Maar uiteindelijk geldt dat aandachtsprobleem even goed voor de klassieke opleidingen waar een trainer ook de hele klas moet 'mee' hebben", vervolgt Coppens die vanuit zijn ervaring bij Cisco spreekt. "Ik heb in het verleden ook vaak certificatiecursussen gegeven om trainers op te leiden. Je gebruikt dan een aantal tactieken die eigenlijk al een tiental jaar bestaan om interactief bezig te zijn met de klas. Als je je een leraar herinnert van vroeger, dan is dat toch altijd diegene die het goed kon brengen? Een e-learning bedrijf zoals Instruxion gebruikt eigenlijk dezelfde tactiek: content en bestaande didactiek overbrengen met visuele en auditieve prikkels en wat interactiviteit erover." E-learning roept bij heel wat bedrijven negatieve herinneringen op. Net zoals dtp-pakketten hun opmars deden, doken plotseling ook auteurspakketten op waardoor haast iedereen e-cursussen kon opstellen. "Het grote voordeel daarvan is dat iedereen zijn kennis kan omzetten in lessen, maar dat bleek meteen ook het grote nadeel te zijn", aldus Coppens. "In het verleden is op die manier héél veel slechte content gemaakt. Teveel mensen denken ook nog steeds dat men maar een geschreven cursus te nemen heeft en hem in een webformaat online moet gooien om over e-learning te spreken. Het is ondertussen al bewezen dat die typische 'click next to continue' en 'nog zoveel pagina's te gaan' aanpak echt niet werkt." "De uitdaging voor een bedrijf als het onze is om nu te bewijzen dat de tweede-generatie e-learning wél kan werken", voegt Leo Van Geyt daar nog aan toe. Een bedrijf bespaart met e-learning in ieder geval veel kosten, zeker in een internationale context: geen dure hotels voor een seminarie, geen vliegtuig- of andere transportkosten. "En ook niet onbelangrijk, is het 'just in time learning' aspect", aldus Coppens. "Mensen hebben geen tijd meer om urenlang van de werkvloer weg te zijn, laat staan dat er veel cursussen zijn die van a tot z interessant zijn. Een e-learning parcours kun je modulair samenstellen waarbij je als werkgever iedereen bijvoorbeeld een verplicht gedeelte laat doorlopen met de essentiële informatie en daarnaast nog optionele sets met informatie aan bepaalde werknemers aanbiedt. Die mensen kunnen dan individueel ook de vrijheid hebben om daaruit alleen die dingen door te nemen die voor hen interessant zijn, én op het moment dat ze dat zelf willen." De klantenportfolio van Instruxion bestaat hoofdzakelijk uit grote namen. Geert: "Grote bedrijven zetten ons in voor volwaardige opleidingen, transities e.d. Toch hebben we ook al dingen gemaakt voor bijvoorbeeld C-Cure en Ascure. Kmo's gebruiken ons vooral als extern middel om nieuwigheden of evenementen aan te kondigen en te illustreren." Dat e-learning niet noodzakelijk een bedreiging hoeft te zijn voor klassieke opleidingssinstituten, blijkt bijvoorbeeld uit het project dat Instruxion samen met Xylos deed voor Electrabel. "Dat project - het begeleiden van werknemers in het migratietraject naar de nieuwe Office 2007 werkomgeving - is er gekomen vanuit de expliciete vraag naar een blended approach bij Electrabel", aldus Van Geyt. "Xylos verzorgt de klassikale opleidingen, en wij zijn verantwoordelijk voor het online traject." Geert Coppens voegt daar nog aan toe dat het over een gelijktijdige opleiding van 11.000 mensen gaat: "Die konden ze bij Electrabel onmogelijk allemaal op cursus sturen. Stel dat het budgettair al mogelijk zou zijn, hoe ga je het dan praktisch doen? Daar komt nog bij dat lang niet iedereen dezelfde opleiding nodig heeft. Dus geeft Electrabel aan iedere werknemer 'de basis' mee, met de meest essentiële nieuwigheden. Een van de grote problemen die bij Office 2007 bijvoorbeeld regelmatig terugkeren, is dat mensen het product zoals versie 2003 willen gebruiken. In plaats van gebruik te maken van de nieuwere, snellere functies gaan ze juist zoeken naar de 'oude' manier van werken waardoor de productiviteit dus daalt." Voor de eigenlijke content staat Instruxion zelf doorgaans niet in. Geert Coppens: "We hebben voor Agfa Healthcare bijvoorbeeld een cursus rond cardiologie gemaakt. Vergeef ons dat wij daar geen specialisten in zijn; dus vroegen we aan Agfa - net als bij elke klant trouwens - dat ze ons een 'subject matter expert' aanleverden zodat we samen de content konden vastleggen. Zo'n expert laat ons ook toe om aan de hoeveelheid content prioriteiten toe te kennen, wat belangrijk is om mensen te kunnen gidsen naar het contentniveau dat zij willen." z Kristof Van der Stadt