Wat is de rol van de it bij Mercedes-Benz Belux?

CHRISTEL PLESSERS: Wij zijn een organisatie voor verkoop, dienst na verkoop en ook marketing. We hangen voor de voertuigen dus volledig af van ons moederbedrijf in Duitsland, maar zijn tamelijk onafhankelijk wat onze it-strategie betreft. Als importeur zijn we zo'n 2,5 jaar geleden begonnen met de ontwikkeling van applicaties voor voorraadbeheer, garantiebeheer, enz. De laatste tien jaar hebben we daar (dienst na) verkoop- en marketingapplicaties aan toegevoegd. Het gaat zowel om centrale als lokale applicaties, aangepast aan de specifieke omgeving van ons land. We hebben tal van lokale applicaties, maar telkens er een nieuwe behoefte opduikt, kijken we eerst naar wat de hoofdzetel in Duitsland te bieden heeft. Als er niets is, kopen we lokaal een applicatie of ontwikkelen we ze zelf.
...

CHRISTEL PLESSERS: Wij zijn een organisatie voor verkoop, dienst na verkoop en ook marketing. We hangen voor de voertuigen dus volledig af van ons moederbedrijf in Duitsland, maar zijn tamelijk onafhankelijk wat onze it-strategie betreft. Als importeur zijn we zo'n 2,5 jaar geleden begonnen met de ontwikkeling van applicaties voor voorraadbeheer, garantiebeheer, enz. De laatste tien jaar hebben we daar (dienst na) verkoop- en marketingapplicaties aan toegevoegd. Het gaat zowel om centrale als lokale applicaties, aangepast aan de specifieke omgeving van ons land. We hebben tal van lokale applicaties, maar telkens er een nieuwe behoefte opduikt, kijken we eerst naar wat de hoofdzetel in Duitsland te bieden heeft. Als er niets is, kopen we lokaal een applicatie of ontwikkelen we ze zelf. CHRISTEL PLESSERS: We hebben zopas in België, zoals in andere Europese landen, een nieuwe 'Cesar'-applicatie opgestart voor bestellingen, distributie, facturering en homologatie. De toepassing is sinds kort operationeel voor bedrijfsvoertuigen en zal in de toekomst worden uitgebreid naar personenwagens. Op het niveau van de retailbusinessapplicaties, installeren we een beheersapplicatie voor de concessiehouders (DMS of Dealer Management System), ervan uitgaand dat elke verdeler in feite een kmo op zich is. Het gaat om de applicatie Autoline van ADP voor de Own Retail (verdelers en filialen) van Mercedes-Benz. Na de roll-out zullen we overal in ons eigen netwerk hetzelfde beheerssysteem hebben. De onafhankelijke concessiehouders en erkende servicepunten gebruiken Incadea, Flexigar of Davis, en we werken actief met hen samen, bijvoorbeeld voor de implementatie van nieuwe interfaces. Derde groot project in België: de integratie van Mercedes-Benz Financial Services, het bedrijf dat zorgt voor de financiering. Tot nu toe stond die it-organisatie los van de importeur, maar tegen het einde van het jaar zal ze volledig geïntegreerd zijn in onze it-organisatie en -infrastructuur. Een vierde intern it-project met een grote impact op de gebruikers, is de optimalisatie van onze servicedesk, in samenwerking met onze nieuwe outsourcingpartner. Gemiddeld voeren wij een twintigtal projecten per jaar uit, zowel grote zoals die waar ik het net over had, als kleinere projecten van zo'n 20 mandagen. De lokale ontwikkelingen gebeuren in Java Websphere, terwijl centrale ontwikkelingen steeds vaker in SAP gerealiseerd worden. Na de nieuwe applicaties en de integratie van de afdeling Financial Services, beschikken we nu plaatselijk over SAP BW, naast ons Cognos-datawarehouse, en over Business Objects, eveneens 'SAP', wat een serieuze uitdaging betekent voor de it. Voor de ontwikkeling van de applicaties hebben we zeer goede lokale contacten met Atos Origin, in het kader van een outsourcingcontract van drie jaar dat binnenkort herzien en verlengd zal worden. CHRISTEL PLESSERS: Op groepsniveau beschikken we dankzij de consolidatie over meer koopkracht. Sommige leveranciers beschikken overigens over een veel te breed aanbod, vaak weten ze niet meer wat ze aan de klant moeten aanbieden. De prioriteiten van leveranciers verschillen soms ook op centraal en lokaal vlak, bijvoorbeeld om een budget te bereiken, omdat de accountmanagers verschillen. Anderzijds proberen we de evolutie te volgen van de leveranciers waarmee wij goede relaties hebben op lange termijn, ook al werken we altijd met requests for quotation. We zijn hier gewoon te klein om met één enkele leverancier te kunnen werken, vooral ook omdat we een brede waaier van applicaties gebruiken. CHRISTEL PLESSERS: De infrastructuur is in mei 2008 verhuisd van Zaventem naar ons nieuwe datacenter in Woluwe waar we virtualiseren met VMware. We hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om een deel van ons serverpark te vernieuwen. De keuze viel op IBM via een raamcontract van de groep. Onze infrastructuur bestaat voornamelijk uit Windows- en Unix-servers, met een beetje Linux, in hoofdzaak beheerd vanuit Duitsland. Het gaat dus om een soort outsourcing, maar binnen de groep. We hebben Oracle- en SQL-databases, en Lotus Notes voor e-mail. Het it-team, met momenteel één vacature, telt 25 personen, die geleidelijk overschakelen van programmeertaken naar business consultancy, alignment en projectbeheer. Sinds 2006 werd de programmering overigens toevertrouwd aan Atos Origin. Het personeelsverloop ligt zeer laag bij ons. CHRISTEL PLESSERS: We gebruiken al outsourcing in sommige domeinen. Vooral op het niveau van de operationele exploitatie met Informatic Services (IS) voor de servicedesk sinds begin dit jaar, T-Systems voor de ondersteuning van de productie en Atos Origin voor de ondersteuning en het onderhoud van de lokale applicaties. De ondersteuning van de infrastructuur is centraal toegewezen aan Daimler AG. De centrale ontwikkeling van bepaalde applicaties werd dan weer toevertrouwd aan Infosys, dat offshorediensten gebruikt. In het kader van de optimalisering van onze huidige processen worden contracten herzien wanneer ze aflopen. We onderhandelen opnieuw met leveranciers en leggen hen uit dat we in hetzelfde schuitje zitten. We geven de voorkeur aan dit samenwerkingsmodel, om onze leveranciers niet in gevaar te brengen. Dit gezegd zijnde, momenteel is er geen sprake van een totale outsourcing, met name om te vermijden dat we interne expertise en kennis op het vlak van businessprocessen, applicaties en it-infrastructuur verliezen. Het gaat om partnerships op lange termijn met onze voornaamste leveranciers; intern bewaren we de nodige kennis. CHRISTEL PLESSERS: Het it-budget werd verlaagd met 15 tot 20 procent ten opzichte van het reële budget van 2008. Dat is volgens mij een haalbare kaart, vooral dankzij nieuwe onderhandelingen over de aflopende contracten, met het oog op een betere kostenbeheersing. Sommige projecten werden trouwens uitgesteld tot 2010 na beslissingen op centraal niveau. Ook de outsourcingcontracten zullen opnieuw geanalyseerd worden. CHRISTEL PLESSERS: Ik ben permanent geïnviteerd lid van het directiecomité. Er is een volledige afstemming tussen de it en de business; de communicatiestructuur is heel direct. In het verleden werd it gezien als een wereldje van 'bit developers' en de cio werd er enkel bijgehaald in geval van problemen. Er was een cultuur van 'blame IT'. Vandaag staat de it in dienst van het bedrijf. Om een opdracht te kunnen uitvoeren, moet er een directe relatie zijn tussen de departementen en de teamleaders van it, voor elk functioneel domein. Aangezien er nooit genoeg middelen zijn voor al het werk dat it krijgt, moet je 'nee' kunnen zeggen, uiteraard met de nodige toelichting. Daarna moet je prioriteiten bepalen, en de scope, middelen en termijnen in detail uitwerken. Nu wordt it dus niet aleen geraadpleegd in geval van problemen, maar ook als een proactieve partner voor verandering gezien. In een organistie voor (dienst na) verkoop en marketing, evolueert de rol van de cio steeds meer naar teambeheer, accountmanagement en business (customer) relationships. De cio moet over technische it-bagage beschikken. Hij moet weten waarover hij spreekt, maar ook en vooral psychologische aspecten, motivatie, teamwerk beheersen. CHRISTEL PLESSERS: Geen van beide. Het is een 'non-issue'. Er zijn inderdaad vaak minder dan 10 procent vrouwen op cio-vergaderingen of in de it in het algemeen. Maar ons departement bestaat uit 25 procent vrouwen, wat meer is dan het gemiddelde. Ik heb mijn beroepsleven en privéleven altijd kunnen combineren. Het is vooral een kwestie van planning en organisatie. Ik heb een hekel aan chaos. Het is misschien ook typisch vrouwelijk, maar ik ga niet vaak naar vergaderingen van cio-verenigingen. Het is wel leuk om andere cio's te ontmoeten en ervaringen uit te wisselen, maar ik ben zeer selectief over de inhoud van de vergaderingen. Ik moet er iets kunnen van opsteken. Marc Husquinet