In het verleden raakten heel wat operatoren gefrustreerd tijdens het samenwerken met applicatieontwikkelaars. Andersom gold trouwens net hetzelfde. Wist u dat meer dan de helft van de ontwikkelaars die nu actief zijn binnen de Android en Apple communities, ooit aan de slag waren voor een telecomoperator, maar de handdoek in de ring gegooid hebben? Hoe komt dat, en beter nog: wat kan daar aan gedaan worden?
...

In het verleden raakten heel wat operatoren gefrustreerd tijdens het samenwerken met applicatieontwikkelaars. Andersom gold trouwens net hetzelfde. Wist u dat meer dan de helft van de ontwikkelaars die nu actief zijn binnen de Android en Apple communities, ooit aan de slag waren voor een telecomoperator, maar de handdoek in de ring gegooid hebben? Hoe komt dat, en beter nog: wat kan daar aan gedaan worden? "In de eerste plaats moeten de operatoren ervoor zorgen dat wij als ontwikkelaars een eerlijk deel van de koek kunnen binnenhalen", zegt Sean O' Sullivan van Dial2Do, een dienst waarmee je handsfree sms- en e-mail- en Twitterberichten kan inspreken. "Een 70/30 verdeling lijkt ons fair, 60/40 als het niet anders kan." "Een nóg groter probleem draait om snelheid", zegt ceo Varun Arora van HomeCinema, een toepassing waarmee je je huis in het oog kan houden met behulp van een rist webcams. "Hoe lang duurt het soms niet voor dat we een applicatie bij de eindgebruiker krijgen? Minstens 10 maanden? Dat is veel te lang voor een kleine ontwikkelaar. Operatoren moeten sneller beslissingen leren nemen." Arora heeft hier zeker een punt, als je weet dat het bij Apple 6 tot 7 dagen duurt voor een toepassing al dan niet wordt goedgekeurd. Bij Microsoft zou 14 dagen gangbaar zijn, de Verizon Developer Community mikt op twee weken. "Het moet ook gemakkelijk zijn om bij de klant te geraken", vertelt James Steadman van Oracle. "De meeste operatoren schermen hun klanten voortdurend af van ontwikkelaars, met heel wat frustratie tot gevolg. Terwijl het toch één van de grote troeven van de operator is dat ze een gigantisch publiek kunnen aanboren." Vice president Mobile Multimedia Christophe François van Orange beseft dat het moeilijk is voor kleine start-ups om door te dringen tot bij de beslissingnemers. Hij vraagt zich ook af wat zijn bedrijf juist moet doen om de zichtbaarheid voor kleine ontwikkelaars te vergroten. "Facebook telt intussen 350.000 applicaties, de iPhone is goed voor 65.000 stuks. Maar met slechts vijf procent van de toepassingen in de App Store van Apple wordt er geld verdiend. Dus wat als je dan toch in de winkel beland bent? Wat als je geen gigantisch marketingbudget ter beschikking hebt? Daar zouden wij als operatoren onze duit in het zakje moeten kunnen doen." "Belangrijk is ook te weten wie welke toestellen gebruikt. Niet iedereen koopt zomaar een iPhone. Als ontwikkelaar wed je dus bij voorkeur niet op één paard als je je potentieel wil maximaliseren", aldus nog François. "Als we één ding geleerd hebben van Apple, dan is het wel dat de klant beslist", besluit Sean O'Sullivan. "De beste applicaties komen sowieso bovendrijven, via vrienden, via communities. Dàt moeten operatoren goed in het achterhoofd houden. Ik zal mijn product zelf wel promoten, ik zal zelf wel zorgen voor de support. Van de Belgacom's van deze wereld verwacht ik dat ze het zo gemakkelijk mogelijk maken om mijn applicatie te downloaden. En voor de rest speelt Darwin." Frederik Tibau