Soms herinneren we de mensen eraan dat wij alleen maar een provider zijn: wij verschepen enorme volumes 'content' en slechts een klein gedeelte ervan is muziek. Wij kunnen echt niet aansprakelijk worden gesteld voor illegale activiteiten van anderen. Dat zijn de feiten. Maar het gaat hier om grotere kwesties.
...

Soms herinneren we de mensen eraan dat wij alleen maar een provider zijn: wij verschepen enorme volumes 'content' en slechts een klein gedeelte ervan is muziek. Wij kunnen echt niet aansprakelijk worden gesteld voor illegale activiteiten van anderen. Dat zijn de feiten. Maar het gaat hier om grotere kwesties. Minstens één element is even belangrijk als copyright: de regels van de wet. Wijdverspreide piraterij betekent vérstrekkende illegaliteit, en dát is het echte probleem. De vraag is dan: waarom gebeurt dit? Hoe kan het tij gekeerd worden? Door ons te moeien met privé-communicatie en dus het meest fundamentele van alle fundamentele rechten te schenden, namelijk het recht op informatie, op privacy en op communicatie? We bekijken hier de twee belangrijkste beleidsopties die de muzieklobby momenteel nastreeft. De lobby van de muziek- en filmsector vraagt om internetgebruikers af te koppelen zodra ze betrapt worden op inbreuken op het copyright. Deze maatregel wordt soms de ' three strikes'-regel of ook ' graduated response' genoemd. Hoewel dit in sommige gevallen aangewezen kan zijn, moeten er enkele elementaire moeilijkheden uit de weg geruimd worden vooraleer een dergelijk beleid redelijkerwijze goedgekeurd kan worden. Ten eerste: opdat alle copyrightbezitters gelijkwaardige wettelijke bescherming krijgen, moet er een geschikt en onafhankelijk orgaan zijn dat kan oordelen of de klant schuldig is. Om de ISP van deze last te bevrijden, zijn sommige copyrightbezitters best bereid om zelf in te staan voor de beslissing over de schuldkwestie. Het lijkt ons zonneklaar dat dit de rechten van de beschuldigde ondermijnt. Ten tweede moet worden overlegd of verbreking van de verbinding een gepast antwoord is, in verhouding tot de inbreuk.. Dit 'voluntaristische' model betekent in elk geval een aanslag op de democratie. Wetgevers bepalen de regels waaraan burgers moeten gehoorzamen. En het is de verantwoordelijkheid van de rechtbanken om deze regels dwingend te maken, via faire procedures die voor iedereen gelden en die de fundamentele rechten respecteren. De andere eis van de muziek- en filmsector tegenover de ISP's is dat wij het via technische ingrepen onmogelijk zouden maken om muziek te delen zonder toestemming: filtering op basis van het netwerk. Zij verwijzen dan naar de filtering die sommige ISP's toepassen om hun klanten te beschermen tegen accidentele toegang tot kinderporno. Ze vinden dat diezelfde technologie dan ook maar moet worden aangewend om mensen te verhinderen muziek te delen. Dit is gewoon niet realistisch! Op technisch niveau kan filtering nooit merkbaar ingrijpen peer-to-peer file-sharing. En wat wellicht nog belangrijker is: dit is een bijzonder gevaarlijk beleid. Het internet is een onuitgegeven succes geworden precies omdat het een open, democratisch netwerk is dat openstaat voor innovatie door eindgebruikers en ondernemers. Als we de klok proberen terug te draaien, als we proberen om het af te bouwen tot een streng, door netwerkoperatoren gecontroleerd systeem, spelen we die capaciteit om te innoveren en te stimuleren weer kwijt. Er is een debat nodig over de manier waarop we gebruikers kunnen overtuigen over het legitieme karakter van copyright. We moeten dus meer en betere diensten creëren, zodat klanten minstens de keuze hebben om muziek op een wettige manier te downloaden. Wij hebben nieuwe en innovatieve aanbiedingen nodig, en een omgeving waarin het negeren van het copyright uiteindelijk een onaanvaardbare vervuiling van de onlinewereld wordt. Tijdens de recente anti-namaakconferentie van de Europese Commissie vernamen we het bestaan van honderden legitieme muzieksites. Erkende internetmuzieksites bestaan dus wel, maar er is een ernstig tekort aan innovatieve en vooral waardevolle, gebruiksvriendelijke sites. De meeste klanten willen diensten die toegang verlenen tot alle muziekcatalogi van de grote labels die de meeste populaire muziek in hun greep hebben. Enkele prominente voorbeelden: - Apple iTunes - zoals u weet geen aanbod van een muziekmaatschappij maar een lokkertje voor consumentenelektronica, de alomtegenwoordige iPod. Maar... iTunes kan je niet echt gebruiksvriendelijk noemen met zijn beperkt gebruik op concurrentiële muziekspelers. Trouwens, met zowat 1 euro/track is de prijssetting van iTunes-albums bezwaarlijk ondermijnend te noemen voor klassieke albumprijzen. - Pandora.com - een echt innoverende dienst, met een aanpasbaarheid en personaliseerbaarheid die nooit beschikbaar zullen zijn voor wie illegaal muziek plukt. Helaas werd Pandora verplicht om de Europese markt te verlaten omdat de muzieklabels weigerden om in Europa economisch verantwoorde licenties af te leveren. - Rhapsody is een muziekbibliotheek op abonnementsbasis. Een fantastische service! Helaas is Rhapsody enkel in Amerika beschikbaar. 'Dankzij' het enggeestige licentiebeleid van de Europese muziekindustrie. - Playlouder MSP, of het gemak van bestanden delen met gelijkgestemden. Playlouder dacht dat dit dé kans was om "internettoegang met legaal delen van bestanden" te commercialiseren als een bonusproduct, met opbrengsten voor de muziekindustrie in ruil voor een keurige, wettelijke licentie. Dit model kan helaas enkel werken als de klant het recht koopt om eender welke muziektrack te delen, ongeacht de uitgever. En het onvermijdelijke gebeurde: Playlouder bereikte een akkoord met één platenlabel, het volgende label maakte het al wat moeilijker, enz., tot het laatste label botweg alle medewerking weigerde en dus de dienst de doodsteek gaf. Wat we de laatste jaren ook zien, is dat artiesten hun muziek uitbrengen zonder de steun van de grote labels: ofwel via kosteloze onlinedistributie, ofwel via voorafbetaling van rechten door magazines of kranten. Zo wordt de klassieke muziekdistributie effectief omzeild en kan men veel sneller een veel groter publiek bereiken. Iedereen gelukkig, behalve de platenmaatschappijen! Wat leren we uit deze voorbeelden? Volgens ISPA bewijzen ze dat het mogelijk is onlinediensten te creëren die klanten of sponsors stimuleren om te betalen voor muziek, als de muziekindustrie maar bereid is ze te laten ontwikkelen. Illegaal delen van bestanden doet ook ons pijn. Wij zouden veel liever wettelijke en betaalde diensten hebben waarvan we deel willen uitmaken. Malcolm Hutty is secretaris van EuroISPA en woordvoerder 'regulatory affairs' voor Euro-IX. Hij is verantwoordelijk voor 'public affairs' bij LINX, de London Internet Exchange, het grootste internetknooppunt van Europa en verdedigt in die functie de belangen van de Linx-leden bij de Britse regering en de wetgevende instanties. MALCOLM HUTTY