Eerder op de maand vond in Nairobi de 37ste Icann meeting plaats, u weet wel, de hoogmis van de domeinnaamindustrie die in juni Brussel aandoet. Omwille van de veiligheidsrisico's in de Keniaanse hoofdstad, is er minder volk komen opdagen dan gewoonlijk. Dat is jammer, want uiteindelijk is het een interessante vijfdaagse geworden waar heel wat controversiële en betwistbare beslissingen genomen werden.
...

Eerder op de maand vond in Nairobi de 37ste Icann meeting plaats, u weet wel, de hoogmis van de domeinnaamindustrie die in juni Brussel aandoet. Omwille van de veiligheidsrisico's in de Keniaanse hoofdstad, is er minder volk komen opdagen dan gewoonlijk. Dat is jammer, want uiteindelijk is het een interessante vijfdaagse geworden waar heel wat controversiële en betwistbare beslissingen genomen werden. De meest opvallende demarche van de Icann Board, was het schrappen van het 'expressions of interest'-principe (EOI), waarbij het mogelijk zou worden om te 'preregistreren' voor een domeinnaam. Het EOI-idee was gegroeid vanuit de basis, om het hele proces rond de nieuwe internetachtervoegsels (gTLD's) te versnellen. Dat is nodig, want intussen is er nog steeds geen concrete datum vastgelegd waarop de aanvragen voor nieuwe suffixen van start kunnen gaan. Met heel wat frustratie tot gevolg. Icann ging er van uit dat EOI nuttige informatie had kunnen opleveren over de interesse in nieuwe internetachtervoegsels, bijvoorbeeld om een idee te krijgen over hoeveel TLD's het in werkelijkheid zou gaan. Omwille van technische beperkingen, kunnen er in eerste instantie immers maar enkele honderden nieuwe generic top level domains ingevoerd worden. Tegenstanders hekelden het feit dat de preregistratie verplicht zou worden gemaakt. Wie niet meeging in het verhaal, zou sowieso niet meer kunnen deelnemen aan de 'echte' biedingronde. Waardoor kleinere spelers, die niet van de ene dag op de andere 55.000 dollar op tafel kunnen leggen, uit de boot zouden vallen. Algemeen directeur Marc Van Wesemael van Eurid, de beheerder van het Europese top level domein .eu, stipte nog een ander probleem aan. "De regels waar de kandidaten aan moeten voldoen om in aanmerking te komen voor een internetachtervoegsel, liggen nog niet vast. En zo lang die regels niet sluitend zijn, kan een EOI-procedure simpelweg niet van start gaan. Je gaat toch geen toezegging doen en geld op tafel leggen als je niet weet waar je gaat eindigen?" Belangrijk voor de geloofwaardigheid van Icann als organisatie, en een grote test voor de tandem Peter Dengate Trush / Rod Beckstrom (respectievelijk de voorzitter van de Raad van Bestuur en de ceo van Icann), was de manier waarop er omgesprongen werd met .xxx in de Keniaanse hoofdstad. In 2007 hield Icann de komst van het pornodomein nog tegen, onder druk van de conservatieve Bush-administratie. Een onafhankelijke arbitragecommissie bij het Amerikaanse International Centre for Dispute Resolution oordeelde onlangs echter dat het dossier opnieuw bekeken moet worden. In zekere zin negeerde de Icann Board de aanbevelingen van de arbitragecommissie, door de stemming over een herziening van het dossier uit te stellen. Het feit dat de Amerikaanse registry ICM oneerlijk behandeld werd in het verleden, is dus alles behalve rechtgezet. Nu al staat vast dat Icann hier niet zonder kleerscheuren uit komt. Als er in Brussel alsnog beslist wordt dat ICM toch mag doorgaan met het pornodomein, dan geeft de organisatie voor het eerst toe fout te zijn, en wordt er een gevaarlijk precedent gecreëerd. Wordt de beslissing van 2007 bevestigd, dan zal de vraag gesteld worden of Icann onafhankelijke adviezen wel serieus neemt. Ging de organisatie er niet prat op te luisteren naar de internetgemeenschap? Wil Icann geen transparante organisatie zijn die de belangen van alle internetgebruikers behartigt, tot in Peking en Afghanistan toe? Onder druk van de grote merkhouders, werd er tijdens de meeting in Nairobi ook definitief beslist om een clearinghouse voor merknamen uit te bouwen, een soort van database waarin alle geregistreerde merken worden opgenomen. Bedoeling is het clearinghouse te kunnen raadplegen bij klachten over intellectueel eigendom. Indien merkhouders bezwaar maken bij de introductie van een nieuwe gTLD, volgt er sowieso een geschillenprocedure. Een Uniform Rapid Suspension System moet er voor zorgen dat er heel snel kan worden opgetreden wanneer het zo ver is. Of zoals hoogleraar Milton Mueller het verwoordt op de Internet Governance Blog: "Als er grote bedrijven in het spel zijn, doet de Icann Board er alles aan om snel tot een beslissing te komen. Dan kan het blijkbaar wél." Frederik Tibau