Voor de duidelijkheid: IEEE 802.11n is nog altijd niet goedgekeurd, we zitten weliswaar aan de derde kladversie, maar het is nog altijd geen officiële IEEE-standaard. Dat heeft de meeste fabrikanten echter niet tegengehouden om toch maar op de racewagen te springen en producten op de markt te brengen die aan de eerste kladversie van het 802.11n-standaardvoorstel voldoen.
...

Voor de duidelijkheid: IEEE 802.11n is nog altijd niet goedgekeurd, we zitten weliswaar aan de derde kladversie, maar het is nog altijd geen officiële IEEE-standaard. Dat heeft de meeste fabrikanten echter niet tegengehouden om toch maar op de racewagen te springen en producten op de markt te brengen die aan de eerste kladversie van het 802.11n-standaardvoorstel voldoen. Zoiets brengt natuurlijk risico's met zich mee. Het voornaamste en duidelijkste risico is, dat de uiteindelijke standaard belangrijke verschillen zou bevatten met de kladversies: dan zou het kunnen dat eerder aangeschafte netwerkproducten mogelijk niet optimaal of zelfs helemaal niet kunnen samenwerken met producten die aan de officiële standaard voldoen. En dat kan in de praktijk betekenen, dat u alle 802.11n 'draft' producten gewoon in de afvalbak moet gooien zodra de officiële standaard in feit is (waarschijnlijk in september 2008 met publicatie in maart 2009, maar dat kan weer verschuiven). Als die 'draft'-producten goedkoop genoeg zijn (zoals dat met netwerkkaarten en routers of access points meestal het geval is), hoeft dat niet noodzakelijk een probleem te zijn. Bovendien bestaat ook nog de kans, dat ze met een beetje geluk via een firmware-update wel volledig kunnen voldoen aan de officiële standaard. Als dat niet zo is, is een in een notebook ingebouwde draadloze netwerkkaart natuurlijk een ander verhaal, want die kunt u niet weggooien of vervangen. In zo'n geval moet u die uitschakelen en een usb- of PC-Card-netwerkkaart inpluggen die wél aan de officiële standaard voldoet. Waarom zou u zich in de tussentijd dan al die ellende op de hals halen? Eén woord: werksnelheid. 802.11n belooft snelheden tot 300 Mbit/s (officieel 248 Mbit/s). Dat is sneller dan bekabelde Fast Ethernet! En met dergelijke werksnelheden begrijpt u wel waarom iedereen staat te springen om ook 'draft'-producten zo snel mogelijk aan te kopen en te gebruiken. Een 802.11 router of access point heeft doorgaans drie antennes. Die kunnen een iets groter gebied overlappen bij het uitzenden, maar hun echte winst halen die extra antennes bij de ontvangst. Door de signalen bekomen via de drie antennes te analyseren, kan de ontvangsteenheid beter onderscheid maken tussen 'echte' en weerkaatste signalen (deze laatste noemt men ook wel geestsignalen) en daardoor de ontvangst gevoelig verbeteren. De ontwerpers hebben dus veel geleerd de voorbije jaren en voor u betekent dat een veel betere ontvangst- én zendkwaliteit. 802.11n heeft ook enkele nadelen. Om de hoge werksnelheden te halen, worden immers met meerdere antennes meerdere radiokanalen gebundeld volgens het MIMO (Meerdere In, Meerdere Uit)-protocol. Dat zijn dezelfde radiokanalen die ook voor de IEEE 802.11g en 802.11a standaarden gebruikt worden (de hoge-snelheidsstandaarden voor draadloos verkeer tot 54 Mbit/s). We hebben al 802.11n-oplossingen gezien die tot zes kanalen in beslag namen, daar waar een 802.11g-oplossing maar één kanaal nodig had. Het is dus perfect mogelijk dat al uw buren met 802.11g-routers en AP's allesbehalve gelukkig zullen zijn met uw nieuwe 802.11n-router of AP, vermits die een breed stuk van het spectrum in beslag kunnen nemen en de kans dus zeer reëel is dat andere draadloze producten daardoor gestoord worden. 802.11n systemen gaan immers standaard op zoek naar frequentiebanden waarin weinig sterke zenders voorkomen. Daaruit volgt natuurlijk dat één sterke zender in een gebied met zwakke deze zwakke zenders gewoon zal wegdrukken. Dat kan een probleem zijn voor bijvoorbeeld Bluetooth en soortgelijke toepassingen, die zelf per definitie zwakke zenders zijn en zich in hetzelfde zendgebied bevinden als 802.11n. In de VS. is nu wel de 5000 MHz-band vrijgekomen (die was eerst voorbehouden voor militaire toepassingen) en mogelijk luidt dat een verhuis van 802.11n naar die frequentieband in. Om alles nog erger te maken, staan alle AP's en routers die wij gezien hebben standaard ingesteld om op maximumvermogen uit te zenden. Wij stellen dus voor dat u test welk zendbereik u nodig hebt en dan uw router of AP instelt op het vermogen dat u effectief gaat gebruiken en hem niet nodeloos op het maximum laat staan. Uw buren zullen u dankbaar zijn! We kregen van verschillende leveranciers een hele waaier aan 802.11n 'draft' producten binnen. Het gaat om notebooks, netwerkkaarten en routers. Omdat het om verschillende soorten producten gaat, hebben we die niet in een tabel geduwd, maar bespreken we ze gewoon hierna, inclusief onze testresultaten. In deze test (zie tekstkader voor meer uitleg) interesseren we ons voornamelijk voor botte werksnelheid en interoperabiliteit. Van HP kregen we een Compaq 6910p notebook met ingebouwde 802.11n 'draft' netwerkkaart van Intel: de Wireless WiFi Link 4965AGN. Deze chip zult u eveneens in tal van andere notebooks aantreffen; de HP Compaq dient hier dus als sample voor al die notebooks. We gebruikten de HP Compaq 6910p voor alle uitgevoerde benchmarks: zowel met zijn eigen Intel 802.11n 'draft' netwerkkaart als met externe adapters. Met de kabel verbonden aan een Gigabit netwerk noteerden we voor deze notebook een maximumbenchmarkprestatie van 59 Mbit/s bij een belasting van tien clients. De ingebouwde Intel wlan-chip blijkt het niet goed te doen met de willekeurige 802.11n-routers en tekende ronduit slechte prestaties op: 7,85 Mbit/s voor LevelOne; 18,3 Mbit/s voor Linksys; 16,2 Mbit/s voor NetGear; 11,68 Mbit/s voor Sitecom en 18,3 Mbit/s voor SMC. (De later binnengekomen D-Link hebben we niet meer met deze notebook kunnen testen.) We wilden ook weten of dat eveneens zou gelden voor andere combinaties. Omwille van tijd- en budgetbeperkingen hebben we niet alles kruislings kunnen testen, maar wel een steekproef uitgevoerd. We combineerden de NetGear usb-adapter (die in combinatie met zijn merkeigen router het best scoorde) met de Level One router (omdat die het allerslechtst scoorde in combinatie met de in de HP ingebouwde Intel-chip). Dat leverde een benchmarkresultaat op van 41,5 Mbit/s voor tien clients en meer. Het is dus kennelijk de Intelchip die momenteel niet goed presteert met 'vreemde' 802.11n-routers. Het Taiwanese D-Link zag het levenslicht in 1986 en staat bij ons vooral bekend als een fabrikant van goede en goedkope netwerkspulletjes. De DIR-635 breedbandrouter met 802.11n 'draft' specificatie is uitgevoerd in zwart en aluminium en kan zowel vlak als rechtop opgesteld worden, dit laatste dan met behulp van een speciale voet. Aan de achterkant zitten alle connectoren samen met aan beide uiteinden in het midden de drie antennes. De productdozen van D-Link vertonen een opvallend donkeroranje kleur en die vinden we ook terug in de webinterface. Die heeft een rechtlijnige beheerinterface met startwizards voor uw internetverbinding en het draadloze deel. Standaard staat WEP-beveiliging voorgekozen en de meest uitgebreide communicatiemogelijkheden (dus zowel 802.11b als g als n) met maximum zendbereik. De installatie van de stuurbestanden van de PC Card adapter op een notebook met Windows Vista verloopt niet zoals de documentatie dat beschrijft. Ondanks het feit dat de cd-rom zoals beschreven eerst software installeert, komt Vista bij het inpluggen van de kaart meteen klagen dat hij er geen sturingen voor heeft. We negeren dat eerst omdat de installatieprocedure van D-Link verder lijkt te gaan en herstarten het systeem omdat die dat vraagt. Na de herstart klaagt Vista weer dat hij geen sturingen heeft voor de netwerkkaart. We stoppen dan maar de meegeleverde cd-rom terug in de drive en Vista vindt en leest de benodigde sturingen dan zelf. Dit is te erg verwarrend voor onervaren gebruikers, maar gelukkig werkt alles uiteindelijk wel. Onze benchmark laat een maximum werksnelheid van 27,8 Mbit/s bij 10 clients optekenen en dat is dan al afgevlakt. Qua snelheid is dit dus zeker geen hoogvlieger. LevelOne - van Duitse origine - heeft als merkkleuren oranje en glanzend zwart. En die kleuren worden dan ook gebruikt in het ontwerp van de WBR6000 router. Gelukkig is het knaloranje beperkt tot de bodemplaat. De oranje antennepunten kunnen er nog wel mee door. De glanzend pianozwarte afwerking van de rest van de behuizing is prachtig en de blauwe leds sluiten daar goed bij aan. De webinterface is sober te noemen en biedt een wizard die alleen wan en lan instelt; het draadloze netwerk moet u apart en zelf configureren. Bij de 802.11n-instellingen zien we een optie voor 'Protected Mode' die standaard aan staat. Dat zorgt ervoor dat deze router netjes samenleeft met andere draadloze 802.11b of -g systemen in de buurt, maar dat beperkt dus wel zijn werksnelheid. Voor onze benchmark hebben we dat dus uitgezet zodat hij zijn volle snelheid kon halen. Bij de usb-adapter heeft LevelOne ook oranje gebruikt, maar alleen aan de zijkanten en daar ziet dat in combinatie met het glanzend zwart prima uit. De eigenlijke adapter zit aan een wat langere usb-kabel en kan dus wat hoger opgesteld worden voor een betere ontvangst. Helaas staat de adapter dan opgesteld op een bijzonder lichtgewicht voetje, waardoor hij bij de minste snok aan de kabel omver valt. Bij onze benchmark meten we 40,6 Mbit/s bij 10 clients en stijgend, maar de Intelchip in onze notebook lust ook hier geen pap van met een zeer povere 7,85 Mbit/s bij negen clients en dalend. Een steekproef met de NetGear usb-adapter levert 41,5 Mbit/s bij 10 clients en stijgend op, dus nog beter dan met de usb-adapter van LevelOne zelf. Ciscodochter Linksys is natuurlijk een marktspeler die niet mag ontbreken in onze test. (Cisco zelf verkoos geen 802.11n producten in te sturen voor deze test wegens "te vroeg".) De Linksys WRV54400N router (voluit Wireless-N Gigabit Security Router with VPN) biedt vier Gigabit Ethernet poorten, een wan-poort en uiteraard 802.11n 'draft' in een zeer aantrekkelijke verpakking. De aluminiumkleur met zwarte zijkanten en een glanzend pianozwart front is erg mooi. Aan een hoek zit een draaibare bobbel met drie antennes. Zo kunt u kiezen of u deze router plat zet, of met een paar extra voetjes rechtop positioneert als een torenmodelletje. Er is een cd-rom meegeleverd, maar daarop staat alleen een handleiding in pdf-formaat en een vpn-client. Voor de configuratie is alleen vereist dat u een pc of notebook aansluit op de router en automatisch een ip-adres daarvan aanneemt. Dan is het een kwestie van surfen naar het gateway-adres van de router (192.168.1.1) en vervolgens doorloopt u een aantal menuopties (helaas geen setupwizard) waarmee u het toestel klaarmaakt voor gebruik. Ondanks het ontbreken van die wizard is het ding vrij gebruiksvriendelijk en wie een basiskennis heeft van netwerkconfiguratie in een Windows-omgeving zal hier geen problemen mee hebben. De router ondersteunt een dubbele ip-stack met zowel IPv4 als IPv6 voor het lan-gedeelte. De installatie van de PC-Card 'Notebook Adapter' loopt helaas niet even gebruiksvriendelijk. (Linksys leverde geen usb-adapter.) Eerst de software installeren (Win9x en Me worden niet ondersteund) en dan pas de kaart insteken en klaar: dat zegt de snelle-installatiegids. Helaas geldt dat alleen voor XP en blijkt Vista niet ondersteund te worden. De installatieprocedure blijft bij 20 procent hangen en gaat nooit verder. Er bleek wel een stuurbestand voor Vista op de website van Linksys te staan en dat hebben we dan gedownload en gebruikt. Daarvoor moet u dan in tegenstelling tot wat de handleiding zegt, gewoon de PC Card in de notebook steken en als Vista dan om een stuurbestand vraagt, met de juiste opties naar het gedownloade en uitgepakte stuurbestand wijzen. Daarna werkt de kaart en kunnen we onze testen uitvoeren. Onze benchmark meet 26,5 Mbit/s bij 10 clients bij gebruik van de Linksys adapter in onze notebook en de prestaties zijn dan al afgevlakt. Bij gebruik van de interne Intel netwerkkaart meten we 18,26 Mbit/s bij 10 clients, wat dus bewijst dat geen van beide combinaties goed samenwerkt als het besturingssysteem Windows Vista is. Van NetGear kregen we een draadloze breedbandrouter met Giga Ethernet netwerkaansluitingen en uiteraard met ondersteuning voor 802.11n. Het gaat om een WNR854T torenmodelletje in glanzend pianowit en grijs: helemaal de traditionele Apple-kleuren. Er zijn vier Giga-kabelpoorten, één internetpoort om een kabelmodem of adsl-modem (of een andere router of gateway) op aan te sluiten en meer is er niet aan. De antennes zitten ingebouwd en die hoeft u er dus niet op te schroeven. Er is een installatie-assistent en die vraagt u bij het instellen van het draadloze netwerk wat u wenst: 145 Mbit/s omdat dat vriendelijk is voor uw buren, of 300 Mbit/s voor de hoogst mogelijke draadloze snelheid. Dat impliceert natuurlijk dat de draadloze netwerken van uw buren de ether uit gedrumd mogen worden. Wij kozen voor 300 Mbit/s omdat we wilden weten hoe snel het gaat en hoeveel storing onder meer ons eigen draadloze netwerk hiervan ondervindt. Als u de webinterface van de router bezoekt, stelt die standaard voor om op firmware-updates te controleren en zodra er een nieuwere versie gevonden wordt, die ook te downloaden en te installeren. Bij onze prestatietest bleek de Intel-chipset van de HP-notebook niet zo dol op deze NetGear. De hoogste benchmarkprestatie was slechts 16,2 Mbit/s bij 10 clients. Met de eigen usb-netwerkkaart WN121T-100FSS maten we al 46,7 Mbit/s bij 10 clients, wat duidelijk aantoont dat u de beste prestaties bereikt door NetGear producten met elkaar te laten werken. Met een LevelOne router haalde deze adapter bij een steekproef overigens nog 41,5 Mbit/s bij 10 clients en stijgend, wat ook een erg goed resultaat is. Die usb-netwerkkaart bestaat trouwens uit een wit rechtopstaand vierkant dat met een wat langere usb-kabel met uw pc of notebook verbonden wordt. Zoals bij de meeste dergelijke usb-producten moet u eerst de software installeren voordat u de kabel mag inpluggen. Sitecom klinkt Taiwanees, maar het is Nederlands. De WL-183 router is een compact desktoptoestelletje in matzwart en grijs. Installatie van de router is niet moeilijk en hoewel de webinterface een wizard aan boord heeft voor de eerste configuratie wordt die niet automatisch gestart en doet hij in feite niet meer dan de wan-configuratie en die van de bekabelde poorten. Het draadloze netwerk moet u dan nog apart configureren. Wel prettig is dat u alle configuratieschermen kunt aflopen en instellingen wijzigen en slechts één globale herstart hoeft te doen als u met alles klaar bent. De meegeleverde WL-182 USB-adapter is ook matzwart. Een aparte eigenschap is dat zowel de router als de adapter een speciale WPS-knop hebben, daarmee kunt u in een oogwenk een beveiligde draadloze verbinding tussen de twee opbouwen zonder dat u verder nog iets moet invullen (nadat u eerst een WPA-sleutel hebt gedefinieerd uiteraard). WPS staat overigens voor 'Wi-Fi Protected Setup'. Sitecom voorziet ook in WMM/WME (Wireless MultiMedia Extensions), een technologie die QoS (Quality of Service) verzorgt specifiek voor multimediatoepassingen, maar zonder garantie van een minimumbandbreedte. Zelfs op nauwelijks enkele meter afstand kwamen we niet boven 142 Mbit/s uit, dat is dus allesbehalve de beloofde 300. Onze benchmark werd met succes doorlopen en leverde 40,1 Mbits bij 10 clients en stijgend op voor de Sitecom usb-adapter, maar slechts 11,68 Mbits bij 8 clients en dan heel licht afvallend voor de Intel-adapter in de HP-notebook. SMC presenteert ons een typische Soho-router met drie antennes voor het 802.11n-geweld. De aansluitingen achteraan zijn gekleurd zodat vergissen vrijwel uitgesloten is. De eerste configuratie moet met een pc gebeuren die met een kabel aangesloten is en via diens webbrowser. Er zijn twee aparte instelwizards: een algemene en een voor het draadloze gedeelte. Als u ze allebei even doorloopt, hebt u vlug een werkklaar systeem. SMC koos voor de router voor twee verschillende tinten grijs en zwarte antennes. Het gaat om een tafelmodelletje van ongeveer dezelfde grootte als een typische 8-poorten netwerkswitch. Voor de client usb -adapter moet eerst de software geïnstalleerd worden, maar dat wordt nergens uitdrukkelijk vermeld. De SMC-combinatie haalt bij onze benchmark 36,5 Mbit/s bij 9 clients en valt dan af. Gecombineerd met de Intel-netwerkkaart in de HP-notebook meten we 18,3 Mbit/s bij 9 clients en daarna afvallend, dus ook deze combinatie kunnen we niet echt geslaagd noemen. Veel moderne notebooks worden standaard uitgerust met de Intel 4965AGN adapterchip en die blijkt met geen enkele van de hier geteste 802.11n-routers goed te presteren. De netwerkverbinding werkt wel, maar traag. Het heeft dus zin alsnog te investeren in een aparte wlan-adapter, waarbij u de beste prestaties krijgt als die van hetzelfde merk is als uw router. De best presterende 802.11n-producten komen van NetGear en daarvan werkt de adapter ook erg snel met andere routers (we namen een steekproef met LevelOne). We praten wel over de helft van de snelheid van een Fast Ethernet kabelverbinding, niet meer. Dat is natuurlijk nog altijd een pak sneller dan de 802.11g prestaties. De NetGear-producten hebben ook een erg redelijke prijs meegekregen, dus is dit merk met gemak onze beste koop én toppresteerder. z Johan Zwiekhorst