High-Performance Computing - of Deep Computing, volgens IBM en dat computergebruik hiermee een mysterieus tintje geeft - is niet nieuw. Al decennia lang worden rekenintensieve toepassingen in de werelden van onderzoek en techniek gedraaid op uiterst krachtige systemen, zeg maar supercomputers. Maar die luxe was wel weggelegd voor grote bedrijven of organisaties, met voldoende financiële middelen en in-huis expertise. Je zag die toestellen dan ook staan bij oliemaatschappijen, in meteorologische instellingen en zelfs bij enkele grote banken. Ze werden zelfs aangewend voor het simuleren van complete andere computers!
...

High-Performance Computing - of Deep Computing, volgens IBM en dat computergebruik hiermee een mysterieus tintje geeft - is niet nieuw. Al decennia lang worden rekenintensieve toepassingen in de werelden van onderzoek en techniek gedraaid op uiterst krachtige systemen, zeg maar supercomputers. Maar die luxe was wel weggelegd voor grote bedrijven of organisaties, met voldoende financiële middelen en in-huis expertise. Je zag die toestellen dan ook staan bij oliemaatschappijen, in meteorologische instellingen en zelfs bij enkele grote banken. Ze werden zelfs aangewend voor het simuleren van complete andere computers! Ondertussen gebruiken heel wat kleinere bedrijven en afdelingen van grote ondernemingen en organisaties gelijkaardige toepassingen, maar dan wel vaak beperkt tot een gebruik op individuele lokale werkschermen, met alle beperkingen van dien. Door dergelijke toepassingen over te zetten naar geclusterde rekensystemen, winnen ze aan kracht en bruikbaarheid, en worden de rekentijden ook drastisch ingekort. De voordelen zijn legio. Zo heeft Tetra Pak - de specialist in aseptische verpakkingstechnieken voor etenswaren - een toepassing voor de ontwikkeling van nieuwe vulsystemen overgebracht naar een cluster op basis van Intel-gesteunde systemen. Dat systeem - gebouwd in samenwerking met integrator Gridcore - kan simulaties tot tien keer sneller draaien, terwijl ook de werking van de vulmachine in haar geheel kan worden bestudeerd (inclusief simulaties hoe turbulenties in de ingespoten vloeistoffen kunnen worden vermeden, om een snellere vulling te bekomen). Het resultaat is dat de ontwikkelingstijd van de volgende generatie systemen werd gehalveerd, gekoppeld aan kostenbesparingen omdat er heel wat minder prototypes moesten worden gebouwd. Voorts kunnen op die manier de ontwikkelaars van die systemen wereldwijd met elkaar werken en over een krachtige centrale rekencapaciteit beschikken. Het systeem werd sinds zijn in gebruikneming medio vorig jaar haast onafgebroken aangewend en bleek zo succesvol dat ondertussen tot een uitbreiding ervan werd besloten. Rekenintensieve toepassingen duiken in meer industriëen op dan je zou denken. Naast klassiekers als wetenschappelijke en militaire onderzoeksinstellingen, de petroleumsector, lucht- en automobielsectoren, de elektronische sector en de financiële wereld, groeit ook het gebruik in bijvoorbeeld de digitale mediawereld. Voor IBM is het duidelijk dat de grootste groei voor rekenintensieve computersystemen zich precies in het segment van departementele clustersystemen (50.000 tot 250.000 dollar) voordoet, goed voor een jaarlijkse groei met 19 procent (in omzet), aldus Dave Jursik, vice-president WW IBM Deep Computing Sales. Volgens Richard Dracott, general manager High Performance Computing bij Intel, is de belangstelling groot bij bedrijven of afdelingen die al ervaring hebben met HPC software op individuele werkschermen, maar nu de overstap naar een krachtiger centraal clustersysteem willen maken. Precies om eindgebruikers en ontwikkelaars van dergelijke software een zetje te geven naar geclusterde systemen hebben IBM, Intel en Cisco het gemeenschappelijke HPC competentiecentrum opgericht in Montpellier, Frankrijk. Hier kunnen eindgebruikers de nieuwe mogelijkheden van die toepassingen testen in het kader van de eigen bedrijfsnoden, terwijl softwarebouwers hun code kunnen aanpassen voor gebruik op die clusters. Het centrum beantwoordt duidelijk aan een reële nood, want sinds de start begin dit jaar heeft het HPC competentiecentrum ondertussen al een 27-tal klanten over de vloer gekregen. Het centrum biedt hen een HPC systeem met een reeks 'blades' voor rekenwerk, ondergebracht in drie BladeCenter servers en onderling gekoppeld met behulp van Cisco Infiniband switches. Hierin is tevens plaats voor de nieuwe, specifiek voor HPC ontwikkelde IBM System x 3450 blades, op basis van Intels QuadCore Xeon processoren met onder meer een snellere 1600 MHz FSB. Daarnaast staan in het centrum experten ter beschikking, voor een optimalisering van de code (dank zij compilerspecialisten) of voor de visualisering van data (het grafisch weergeven van de berekende data, met het oog op een vlottere en rijkere interpretatie van de berekende data). Naast de experten van de klanten zelf en van het centrum, kan ook een beroep worden gedaan op experten bij integratoren. Zij beschikken vaak over specifieke sector- of systeemkennis om dergelijke systemen optimaal in te voegen in de dagelijkse bedrijfswerking. Het HPC Competence center werd ondergebracht in IBM's Montpellier vestiging, waar het aansluit bij een lange traditie van benchmarking en testactiviteiten (onder meer op de mainframes die hier worden geproduceerd). Guy Kindermans