Eén van de voordelen van de digitale cinema is dat films niet langer op pellicule geprint worden, maar in binaire vorm op harddisks worden weggeschreven. Disks zijn goedkoper, en kunnen bovendien hergebruikt worden. Maar een harddisk blijft wel een fysieke drager. Je moet de film dus nog steeds van punt a naar punt b brengen.
...

Eén van de voordelen van de digitale cinema is dat films niet langer op pellicule geprint worden, maar in binaire vorm op harddisks worden weggeschreven. Disks zijn goedkoper, en kunnen bovendien hergebruikt worden. Maar een harddisk blijft wel een fysieke drager. Je moet de film dus nog steeds van punt a naar punt b brengen. In India, het grootste filmland ter wereld, is dat geen sinecure. De tienduizenden bioscopen die het land telt, zijn soms moeilijk bereikbaar als gevolg van het gebrekkige wegennet. En omdat pellicule ook in het land van de maharadja's veel geld kost, is het de gewoonte dat filmkopieën eerst de grote centra zoals Mumbai en Delhi bedienen, waarna ze aan een tweede leven beginnen in de secundaire en tertiaire steden en dorpjes. Tegen die tijd heeft een groot deel van de plaatselijke bevolking de film echter al lang gezien. Is het niet langs het internet, dan op een illegale dvd. Piraterij heeft ook Bollywood in zijn greep, het zal u niet verbazen. Misschien is het wel daarom dat India resoluut het voortouw neemt in de distributie van digitale films. De mensen achter het 'United Film Organizers (UFO) Digital Cinema' project bijvoorbeeld, hebben intussen al meer dan 1.000 Indiase bioscoopzalen uitgerust met digitale servers en projectoren. Ze verspreiden hun content niet langer op fysieke dragers, maar via de satelliet en het internet. Elke uitbater ontvangt een film min of meer gelijktijdig, zowel de megaplex in Mumbai als de dorpsbioscoop in Dunguripali. Eén en ander werd pas mogelijk nadat UFO overschakelde van het gangbare MPEG-2 compressieformaat op MPEG-4. Een digitale film in MPEG-2 is 80 tot 90 gigabyte groot, waardoor de prijs voor transport via satelliet of het internet net te duur is. Een MPEG-4 film is wel 'licht' genoeg (acht tot negen gigabyte) om op een centrale server geplaatst te worden, en van daaruit verdeeld te worden naar andere servers verspreid over het subcontinent. UFO vormt in feite een digitale 'hub' tussen de filmproducent, de distributeur en de bioscoopuitbater. Bijkomend voordeel is dat elke film voorzien is van een onzichtbaar watermerk met details over datum en locatie van de vertoning, waardoor piraterij in principe tegengehouden kan worden. Of hardwareleverancier Barco mee profiteert van de versnelde digitale uitrol in India? Niet meteen. In Azië wordt de digitale strijd vooral gevoerd op basis van het prijscriterium, wat voor Barco minder interessant is. Eén van de belangrijke spelers op de Chinese en Indische markt, is het Singaporese bedrijf DG2L. DG2L heeft een eigen protocol ontwikkeld voor digitale projectie, en heeft een overeenkomst ondertekend met UFO om in totaal 2000 Indiase cinema's uit te rusten met zijn technologie. Aangespoord door het grote succes in India, speelde het UFO-management met het idee voor een uitrol in Europa. Maar dat bleek moeilijker dan gedacht. De Belg Bruno Mertens, die aangezocht werd om UFO ook bij ons een voet aan de grond te doen krijgen, slaagde tot nog toe niet in dat opzet. "Het hele idee van UFO in Europa was geenszins de distributie van mainstream films", aldus Mertens. "We wilden alleen de minder populaire films verdelen via de satelliet. Er was trouwens heel wat animo bij de kleinere bioscoopuitbaters, zeker omdat we hun zalen wilden uitrusten met 'gehuurde' servers en projectoren. Bovendien kon je op de servers altijd tussen de 25 en de 30 films bewaren. Eigenlijk boden we een vorm van cinema on demand aan." Waar het dan wel fout gelopen is? Eigenlijk moet je de filmwereld in twee verdelen. Aan de ene kant heb je de VS en Europa, aan de andere kant is er Azië. Probleem is dat de Motion Pictures Association of America (MPAA) samen met het Digital Cinema Initiative (DCI) speciale normen heeft uitgevaardigd voor digitale projectie. En de MPAA stelt dat -wanneer je digitale infrastructuur gebruikt die niet DCI-compatibel is- je hun films niet mag vertonen. Voor de Indische markt is dat geen probleem, omdat Indiërs naar Bollywoodfilms kijken. In Europa, waar 90 procent van de getoonde prenten van Amerikaanse makelij is, ligt dat anders. Ter verduidelijking: het DCI eist jpeg 2000-servers, en een peperdure digitale projector à la Barco die minimaal een beeldresolutie van 2K aankan. "Maak de vergelijking met een wagen", gaat Mertens verder. "Iedereen wil met een Porsche rijden, maar is dat nodig? Een Audi brengt je toch ook comfortabel van punt a naar punt b? Wel, het DCI heeft een Porsche-standaard neergezet voor digitale films." De projectoren die UFO gebruikt, zijn niet DCI- approved, maar benaderen wel de 2K-resolutie. "En iedereen zal het er over eens zijn dat je met een compressie in MPEG-4 een bijna perfect beeld krijgt. Maar de DCI-lobby ziet het nu eenmaal niet zitten om met twee verschillende digitale systemen naast elkaar te werken in Europa, en de meeste uitbaters volgen die redenering." Frederik Tibau