Op de vraag of ze in de voorgaande twaalf maanden naar een andere job hebben gezocht, antwoordde 56 procent van alle ict-respondenten volmondig 'nee', wat allicht geruststellend in de oren klinkt van de bedrijven. Althans van de bedrijven die over voldoende ict'ers beschikken, want bedrijven die ict'ers die zoeken zullen allicht teleurgesteld zijn. HR-verantwoordelijken zullen daarentegen stellen dat toch een kleine helft van de respondenten een 'move' heeft overwogen. En laat het duidelijk zijn, die 44 procent is een beduidend hoger cijfer dan de voorbije jaren!
...

Op de vraag of ze in de voorgaande twaalf maanden naar een andere job hebben gezocht, antwoordde 56 procent van alle ict-respondenten volmondig 'nee', wat allicht geruststellend in de oren klinkt van de bedrijven. Althans van de bedrijven die over voldoende ict'ers beschikken, want bedrijven die ict'ers die zoeken zullen allicht teleurgesteld zijn. HR-verantwoordelijken zullen daarentegen stellen dat toch een kleine helft van de respondenten een 'move' heeft overwogen. En laat het duidelijk zijn, die 44 procent is een beduidend hoger cijfer dan de voorbije jaren! Overigens lijken de bedrijven hierin ook zelf een actieve rol te spelen. Immers, 26 procent van de ict'er-respondenten meldt dat ze werden gecontacteerd door derden om een overstap te overwegen. Daarnaast stelt 16 procent dat ze zelf op een personeelsadvertentie reageerden en was er 14 procent die spontaan bij een bedrijf solliciteerde. Natuurlijk zijn er groepen die hiervan afwijken en zo kunnen bedrijven maar beter hun analisten in de gaten houden. Met 32 procent 'gevraagd door derden' scoren zij op dit punt immers boven het algemeen cijfer! De infrastructuurgerichte personen (systeembeheerder en -ingenieur, support) gaven met 20 procent iets meer blijk van belangstelling voor personeelsadvertenties dan het algemeen cijfer. De HR-managers kunnen voorts voor hun recrutering allicht toch ook even kijken naar de freelancers/zelfstandigen waar ze weet van hebben. Ca. 21 procent van hen stelde immers spontaan te hebben gesolliciteerd bij een bedrijf - ook hier een percentage dat beduidend boven het algemeen cijfer ligt en dus toch op belangstelling wijst. Kijken en zoeken is al iets, maar is de ict'er ook echt meer geneigd om van baan te veranderen? Ca. 41 procent van de ict'er-respondenten stelt in ieder geval vandaag de personeelsadvertenties niet meer of minder te volgen dan vorig jaar. Een kwart zegt zelfs helemaal geen aandacht te hebben voor personeelsadvertenties. Bij 18 procent is de belangstelling voor de advertenties groter, tegen 15 procent met minder belangstelling. De belangstelling is echter wel groter op duidelijke tijdstippen in de carrière van een ict'er. Zo blijken ict'ers met minder dan één jaar, respectievelijk 3-5 jaar en 10-16 jaar anciënniteit blijk te geven van meer aandacht voor personeelsadvertenties, evenals personen die al drie jaar of langer voor een werkgever actief zijn. Wanneer gevraagd of de bereidheid tot veranderen nu groter, gelijk of kleiner is dan vorig jaar, stelt 46 procent van de ict'er-respondenten dat die bereidheid dezelfde is als een jaar voordien. Een grotere bereidheid valt te noteren bij 32 procent van de respondenten, tegen 21 met minder belangstelling. Bedrijven kunnen voorts best noteren dat die bereidheid ook beduidend hoger ligt bij de analisten (bij 40 procent is de bereidheid groter dan een jaar voordien) en de infrastructuurgerichte ict'ers (37 procent 'meer bereid'). Voorts lijkt ook de bereidheid te groeien bij ict'ers die al enkele jaren bij een werkgever actief zijn. Welke troefkaarten kunnen bedrijven op tafel gooien als ze willen inspelen op die bereidheid tot veranderen? Wat zijn de factoren die vandaag een rol spelen bij keuze van een werknemer voor een bedrijf? Het hoeft niet te verbazen dat hier nog steeds en met lengtes voorsprong een (beter) salaris op de eerste plaats prijkt. Voor 64 procent van de ict'er-respondenten is dit een belangrijke factor. Op plaats twee staat de bedrijfssfeer, gevolgd door een sneller woon/werkverkeer, carrièremogelijkheden en jobzekerheid. Deze top-vijf is tevens het lijstje factoren die loontrekkenden opgeven, maar voor freelancers/zelfstandigen zijn er blijkbaar toch een paar andere belangrijke factoren. Na salaris en bedrijfssfeer, primeren bij hen flexibele werkuren, sneller woon/werkverkeer en dan pas carrièremogelijkheden. Waar ict'ers een potentiële werkgever niet meteen zullen om vragen zijn blijkbaar een buitenlandse post en vaste werkuren. Deze factoren prijken immers respectievelijk op de voorlaatste en laatste plek. Het is wel interessant het belang van bepaalde factoren te zien evolueren naarmate iemand langer als ict'er actief is. Wie minder dan een jaar als ict'er werkt, heeft op de eerste plaats belangstelling voor de carrièremogelijkheden en zet het salaris dan ook op de tweede plaats. Wie al langere tijd als ict'er werkt, schuift dan salaris naar plaats één en daar blijft deze factor staan. Hoe groter de anciënniteit als ict'er, hoe meer ook het belang van carrièremogelijkheden afneemt. Doorheen de jaren wint de bedrijfssfeer aan belang (van plaats vijf naar twee), terwijl sneller woon/werkverkeer eerst relatief hoog op drie staat, dan wegzinkt tot vijf en dan weer opklimt tot rang drie. Voor de ict'ers in de eerste jaren van hun carrière staan de opleidingsmogelijkheden op plaats vier, maar na een vijftal jaren verdwijnt die factor uit de top vijf. Dat laatste is in wezen toch een teleurstellende en zelfs verontrustende evolutie. Ondertussen lijken de ict'ers in de bedrijven toch nog een goede toekomst te hebben, ondanks alle rumoer over outsourcing en dergelijke. Bij 50 procent van de respondenten is het aantal ict'ers in vaste dienst in de voorgaande 12 maanden immers gestegen, terwijl bij 37 procent het aantal gelijk was gebleven. Slechts bij 12 procent lag dus het aantal collega's vandaag lager dan een jaar voordien. De ict'er voelt zich dan ook nog behoorlijk goed in zijn (of haar) vel als ict'er. Op de vraag of hij/zij zichzelf over vijf jaar nog actief als ict'er ziet, antwoordt niet minder dan 34 procent 'ja, zeer zeker', naast 53 procent 'ja, waarschijnlijk wel'. Samen goed voor 87 procent ict'er-respondenten die hun toekomst in de ict blijven zien. Ca. 10 procent meent tegen dan allicht geen ict'er meer te zijn, terwijl 2 procent dat heel zeker is. Kortom, de meeste respondenten zien het heus nog wel zitten als ict'er en die cijfers blijven ongeveer gelijk voor ict'ers, ongeacht hun anciënniteit als ict'er. Anderzijds heeft het beroep toch echt wel een probleem bij de vrouwelijke ict'ers. Van deze laatsten stelt slechts 65 procent dat ze 'waarschijnlijk tot heel zeker' over vijf jaar nog ict'er zullen zijn, terwijl al 13 procent stelt dat ze zeker zijn dan geen ict'er meer te zijn. Als mogelijke redenen voor de uitstap uit het beroep, vermelden de ict'er-respondenten op plaats één de mogelijke overstap naar een management functie, gevolgd door een eeuwige klassieker doorheen de jaren: 'burn out'! Vervolgens wordt verwezen naar een 'teleurstellende jobinhoud', 'een bedrijfsherstructurering', een 'teleurstellend salaris' en een 'achterhaalde ict-kennis'. En laat het duidelijk zijn, dit lijstje is het zelfde voor mannen als voor vrouwen.