Jullie werken specifiek aan lichtere robots die in dezelfde omgeving als mensen werken. Hoe verschilt dat van andere robots?
...

Jullie werken specifiek aan lichtere robots die in dezelfde omgeving als mensen werken. Hoe verschilt dat van andere robots? christian janse (sales manager benelux bij universal robots): Er zijn een paar grote verschillen met traditionele robots. Rond veiligheid bijvoorbeeld: je kan langs een robot lopen, iets aangeven of hem voor de meeste toepassingen tussen mensen laten werken. Daar moet geen veiligheidsscanner of afscherming bij komen. Ze zijn ook makkelijker te programmeren dan klassieke robots. Bij die laatste heb je vier jaar opleiding nodig en dan nog is het lastig. Onze cobots (collaboratieve robots, nvdr.) kunnen na een training door iedereen bediend en geprogrammeerd worden. Veel hangt natuurlijk af van hoe geavanceerd je wil werken, maar het kan snel en gemakkelijk. Ze zijn ook veel kleiner en lichter dan sommige industriële robots, wat hen makkelijk te plaatsen maakt. Een klassiek robottraject duurt enkele maanden om op te zetten, zaken aanpassen kost opnieuw een paar weken. Bij ons is dat een dag werk en iets aanpassen kan soms al in enkele minuten tijd. Maar hoe voorkomt u incidenten, bijvoorbeeld als iemand in de weg staat? janse: Er zijn meerdere veiligheidslagen, maar een van de belangrijkste zaken is dat van elke motor de kracht wordt gemeten en de positie wordt bijgehouden. Zodra dat afwijkt neemt de kracht af. Bovendien zijn de motoren van cobots niet gemaakt om pakweg iemand plat te drukken tegen een muur. Vloekt dat dan niet met de werking? Een robot moet toch net krachtig zijn? janse: Neen, cobots zijn eigenlijk een aanvulling in plaats van een concurrent van klassieke robots. Het gewicht waarmee ze omgaan gaat ongeveer tot vijftien kilogram. Heb je hoge snelheden of een stevig draagvermogen nodig, dan ga je naar klassieke robots. Voor alles daaronder is een cobot ideaal. Maar als het gaat om dozen op een pallet zetten, dan kan je tot tien handelingen per minuut uitvoeren, met een herhaalnauwkeurigheid van een halve millimeter. Hoe moeten we een cobot voorstellen? janse: Het is één model, maar met verschillende capaciteiten van drie, vijf, tien en zestien kilo, waarbij die van tien kilogram het populairst is. Ze variëren ook in lengte, met een maximum van 130 centimeter. De diversiteit zit de end-of-arm tooling en accessoires. Die worden allemaal door derde partijen ontwikkeld. Maar we hebben wel op elk continent een afdeling om die accessoires te testen en om ze plug & play te maken. Zodra ze zijn goedgekeurd komen ze ook op onze website, maar zelf verdienen we daar niet aan. Wij zorgen voor de afzetmarkt, zij zorgen voor extra innovatie waar we uiteraard wel baat bij hebben. Wat mag dat kosten? janse: Afhankelijk van wat je koopt kost een cobot twintig- tot veertigduizend euro. Dat is de robotarm, de besturingskast, de kabels, een touchscreen om de cobot te bedienen en alle software die je nodig hebt. Het enige wat je dan nog nodig hebt is een end-of-arm tool voor je specifieke taak. Waar duiken cobots vandaag al op? janse: Bijvoorbeeld in het schuren of polieren van oppervlaktes. Assemblages, het boren of schroeven van voorwerpen. Maar ook zaken op een pallet zetten of er weer af halen, verpakken of lassen behoort tot de mogelijkheden. In Nederland hebben we een leverancier van professionele slagroomspuitinstallaties. Die heeft samen met een automatiseringsbedrijf een installatie gemaakt waardoor hij slagroom met de hand opspuit in een willekeurig patroon, dat via het robotplatform aanleert waardoor taarten uit een productielijn komen, maar lijken alsof ze met de hand zijn bewerkt. Spreken we dan over autonome robots, of robots die nog altijd worden gestuurd door mensen? janse: Onze focus ligt op collaboratief werken, waarbij een cobot de repetitieve taken overneemt. Het merendeel van die cobots werkt autonoom, weliswaar nadat de taak op voorhand werd geprogrammeerd. In praktijk zal een robot dan een taak uitvoeren, maar moet het programma wel worden gestart of stopgezet, of naar een volgende machine worden verplaatst. Een cobot voert taken doorgaans autonoom of collaboratief uit, en bediend door de operator zelf. Hoe komt u tot een programma om specifieke taken uit te voeren? janse: Vaak zijn het programma's die worden gemaakt door de integrator of de eigen technische mensen. Het bedienen op het moment gebeurt door een operator die zulke programma's inlaadt, de variabelen ingeeft en uiteraard het programma start en stopt. In welke sectoren of omgevingen worden Cobots in België gebruikt? janse: In België zijn er driehonderd tot vierhonderd cobots, voor de hele Benelux gaat het om meer dan duizend. Zeker de laatste vijf jaar zien we meer interesse. Het gaat dan onder meer op palletisering, oppervlaktebehandeling of laswerken. Zijn werknemers niet wantrouwig wanneer een bedrijf een robot binnenhaalt om hun werk te doen? janse: We horen die bezorgdheid vaak. Maar je moet een onderscheid maken tussen volledig automatiseren en wat wij doen. Maar tien procent van de jobs wereldwijd zijn volledig te vervangen door een robot. Als we klanten vragen waarom ze een cobot willen, dan is dat niet om mensen te ontslaan. Vaak hebben ze net te weinig mensen en willen ze hun personeel ondersteunen. Het is een heel ander verhaal dan mensen vervangen door robots.