Informatici hebben de kwalijke faam onverbeterlijke jobhoppers te zijn die om een handvol euro meer of een straffer model BMW bereid zijn van bedrijf en job te veranderen. Of dit cliché ook met de werkelijkheid overeenstemt, laten we in het midden, maar toch verwacht niemand dat ict'ers nooit verkassen. En dat is precies wat Urbain Van Boven, ceo Capgemini Belgium, nu al dertig jaar bewijst: na zijn studies bij een bedrijf aan de slag gaan en daar 30 jaar later nog steeds met volle overtuiging en 'sans regrets' aan de slag zijn. Hij kon er steeds nieuwe kansen grijpen en hij blijft er stevig tegen aangaan. Uit de cijfers van Capgemini voor het eerste half jaar blijkt immers dat de Benelux in Europa de beste groeicijfers haalt, en de beste prestaties neerzet.
...

Informatici hebben de kwalijke faam onverbeterlijke jobhoppers te zijn die om een handvol euro meer of een straffer model BMW bereid zijn van bedrijf en job te veranderen. Of dit cliché ook met de werkelijkheid overeenstemt, laten we in het midden, maar toch verwacht niemand dat ict'ers nooit verkassen. En dat is precies wat Urbain Van Boven, ceo Capgemini Belgium, nu al dertig jaar bewijst: na zijn studies bij een bedrijf aan de slag gaan en daar 30 jaar later nog steeds met volle overtuiging en 'sans regrets' aan de slag zijn. Hij kon er steeds nieuwe kansen grijpen en hij blijft er stevig tegen aangaan. Uit de cijfers van Capgemini voor het eerste half jaar blijkt immers dat de Benelux in Europa de beste groeicijfers haalt, en de beste prestaties neerzet. Urbain Van Boven: [Glimlacht] Heb je vijf minuten? Ik ben na mijn humaniora Latijn-Wiskunde naar de universiteit in Gent getrokken, waar ik twee kandidaturen Burgerlijk Ingenieur heb gedaan. In de cursus 'Numerieke Analyse' zag ik wat je met een computer kon doen en de oefeningen op een PDP-11 charmeerden me. Mijn vader werkte toen bij de Post in de 'mechanografie' en op zaterdag ging ik wel eens met hem mee en dat sprak me wel aan. Ik heb daar al een paar programma's geschreven op een Bull systeem en dat was spectaculair. Er moest altijd een operator aanwezig zijn, want bij het veranderen van programma's moesten nog draden op de backplane worden verstoken. In ieder geval begon daar mijn liefde voor informatica, en ik stapte over naar een informaticaopleiding aan wat toen nog de Hogeschool van het Rijk was. Er bestonden toen nog geen universitaire opleidingen - die kwamen er pas twee jaar later. Er waren er toen veel geroepen, maar weinigen haalden het. Het was een vrij brede opleiding, met onder meer boekhouding, economie, numerieke analsye, en je moest er ook veel eigen tijd in steken om technisch onderlegd te worden. Nog tijdens mijn laatste jaar kreeg ik al jobaanbiedingen, zowel uit de it-sector als van eindgebruikerbedrijven. Mijn eerste gesprek was bij de BRT, die overigens drie docenten leverde, en er was ook Univac. Toen ik tijdens het gesprek bij de BRT opmerkte dat ik het toch niet zag zitten, adviseerde die persoon me om naar een software- of een servicebedrijf te gaan. Hij speelde me de gegevens van Cap Gemini [zoals het toen nog werd geschreven nvdr] door. Het klikte en ik ben er in '78 begonnen. Ik wou zelf ook naar het buitenland en ik heb dan meteen twee jaar in Nederland gewerkt. Dat land was toen zeker vijf jaar voor op België. Zij hadden bedrijven die internationaal werkten, en er was de Angelsaksische invloed. Na een paar jaar had ik een niveau bereikt dat veel hoger lag dan als ik in was België gebleven. Wat me in Nederland vooal deugd heeft gedaan, was dat ik daar het 'Jefke' was. Niet makkelijk, maar ik leerde wel mijn mannetje staan en zelf initiatief nemen. Je kreeg veel vrijheid, in tegenstelling tot België. Terug in België kreeg ik meteen meer verantwoordelijkheden en dat helpt natuurlijk bij het begin van je carriére. Urbain Van Boven: Mijn eerste klant in 1978 was Albert Heyn in Zaandam. Daar stond toen al een System/370, onder VSE. In België had ik op zijn best nog een System/360 aangetroffen. Als ik terugblik op 30 jaar is het een boeiende tijd geweest in deze industrie. We beseffen niet hoe snel het allemaal geëvolueerd is en hoe snel het blijft evolueren. In de mainframewereld zag ik op de System/370 van Albert Heyn een eerste toepassing met CICS en de overstap van batch naar on-line. [Waarna Van Boven een lijst opsomt met letterlijk alle grote technologische veranderingen van de voorbije dertig jaar] En dan de twee cruciale ontwikkelingen, in de jaren tachtig de pc en de tweede mijlpaal, het www, mede-opgericht door een Belg! Ik zou niet kunnen zeggen welke van beide de meeste impact heeft gehad! Urbain Van Boven: Er is absoluut vooruitgang geboekt. Er zit wat waarheid in wat je zegt, maar dat is het boeiende aan ons metier. Er is vooruitgang, maar er is tegelijk de absolute zekerheid dat met elke stap vooruit er ook nieuwe problemen opduiken. En soms heb je een 'déja vu' en zeg je "dat probleem had je vijftien jaar geleden ook al." Dat maakt het voor een ict'er aantrekkelijk en uitdagend. Je hebt niet alleen met de functionaliteit te maken, maar ook het plezier om een probleem te tackelen. Voor de klanten betekende die evolutie dat hun budgetten moesten stijgen. Wanneer van batch naar on-line werd overgestapt, moesten er meer middelen komen, omwille van de nodige performantie en licenties. En een nieuwe 'bak' installeren kostte toen al gauw een miljoen. Ik weet nog hoe de it'er benaderd werd toen informatica nog een 'closed shop' was. Wanneer de analyst met de eindgebruiker sprak, legde deze laatste uit wat hij wilde, waarna hij vroeg van 'Kan dat?'. En als de it'er dan antwoordde 'nee' of 'dat duurt zes maanden', dan aanvaardde en geloofde de eindgebruiker dat. In de voorbije 30 jaar is dat wel veranderd! Er is een grotere maturiteit bij de eindgebruikers en de bedrijfsleiding. Er kwamen nieuwe generaties werknemers, die gebruik maken van ict in hun gewone leven. Maar toch zie ik 20 à 30 jaar later nog dezelfde 'pitfalls'. Urbain Van Boven: Zeker weten. In het begin, 30 jaar geleden, was hij nog een boekhouder die op een dag hoorde van 'je bent nu de EDP Manager.' Tot halverwege de jaren negentig hielden we de klant nog voor wat hij moest doen. Na de eeuwwisseling is dat veranderd en gelukkig maar. Toch heb ik de indruk dat er vandaag meer projecten mislukken dan 25 jaar geleden. Dat komt door de groeiende complexiteit. Ongeacht de reden is het een feit dat ca. een derde van de projecten geen succes wordt. Of het de fout van de klant is? Daar ben ik het absoluut niet mee eens. Er wordt veel te makkelijk gezegd dat de klant niet weet wat hij wil. Dat weet hij wel degelijk, maar hij kan vaak niet anticiperen op omgevingsfactoren die te snel veranderen. Vaak heeft hij ook te maken met een contractvorm die weinig of geen flexibiliteit toelaat. Maar dat de klant het niet weet, dat geloof ik niet meer! Urbain Van Boven: Dat is het gesprekspunt van de dag. Er is een constant gebrek aan de juiste mensen. Zeker in de beginjaren van een nieuwe technologie en tijdens de eerste golf ervan, is het moeilijk om mensen met de nodige technische kennis te vinden. Maar waar je altijd een tekort aan hebt zijn mensen met een goede attitude! Met softskills als talenkennis, bereidheid tot samenwerken, met de mogelijkheid om synthetisch te denken. Dat is niet nieuw. Waarom sta ik waar ik sta? Door zelf initiatief te nemen en andere verantwoordelijkheden te durven aanvaarden. Ik heb dat wellicht in Nederland opgedaan, inclusief het durven fouten maken. Dat mis ik vandaag soms wel eens bij mensen. Wat betreft kennisoverdracht, zijn er wel 'knowledge capture' systemen, maar dat mag toch niet worden overdreven. Het is een algemeen probleem, het is onnatuurlijk om je kennis te delen. Dat is menselijk, want kennis is immers macht. Ook een 'netwerk' is niet overdraagbaar, want daar bouw je aan. Je kan wel mensen introduceren aan je opvolger, maar gewoonweg een netwerk doorgeven, ça ne marche pas. Urbain Van Boven: Ik heb in die periode wel eens elders gekeken en dat was wat in cycli van 3 à 5 jaar. D'r is altijd wel eens een moeilijke periode of een tegenslag. Op het einde van mijn opleiding heb ik heel bewust voor deze sector gekozen. En zoals ik wel eens buiten het bedrijf heb gekeken, heb ik steevast ook altijd binnen Capgemini gekeken. Als het klikt, waarom zou je dan niet blijven? Misschien heb ik geluk gehad of gaf ik gewoon blijk van de juiste attitude ten aanzien van verandering. Urbain Van Boven: [Diepe zucht] Ja, er zijn van die momenten geweest. Bijvoorbeeld eind jaren tachtig, begin jaren negentig. Er was toen een golf van migraties en conversies en dat was bijzonder lucratief. Ik was daarin erg actief en ik heb er toen aan gedacht om wat te beginnen. Maar als je een bedrijf wil starten, moet je een betrouwbare partner hebben en die heb ik nooit gevonden. Urbain Van Boven: Misschien, maar in alle eerlijkheid, het ontbrak me wellicht aan dat tikkeltje ondernemerschap. Er is een verschil tussen ondernemen en managen. En dat laatste is wat ik voornamelijk heb gedaan. Kortom, in de voorbije dertig jaar heeft mijn toekomst toch altijd binnen het zelfde bedrijf gelegen. Waarmee ik niet wil zeggen dat veranderen van bedrijf geen volwaardig alternatief is. Het is een persoonlijke keuze. Zelfs tijdens mijn studies besefte ik dat ik het grootste deel van mijn bewuste leven zou doorbrengen in een onderneming. Ik wou me daar dan ook goed bij voelen, en er niet tegen opzien om elke dag in de file te gaan staan. Geven en nemen, zoals altijd. @ Guy Kindermans