Niemand die de olympische waarden beter belichaamt dan Thierry Renaer, en in zijn kielzog de hele Belgische hockeyploeg, een enclave van ambitieuze amateurs tussen de zogeheten 'echte' profs. De founding fathers van de moderne Spelen vonden het not done om geld te verdienen met sport. En kijk: voor het grote geld of de vette contracten hoeven de Red Lions het evenmin te doen.
...

Niemand die de olympische waarden beter belichaamt dan Thierry Renaer, en in zijn kielzog de hele Belgische hockeyploeg, een enclave van ambitieuze amateurs tussen de zogeheten 'echte' profs. De founding fathers van de moderne Spelen vonden het not done om geld te verdienen met sport. En kijk: voor het grote geld of de vette contracten hoeven de Red Lions het evenmin te doen. "Ik speelde mijn eerste interland al op 17-jarige leeftijd, maar een jaar later ben ik toch gaan studeren, want in België kon je met hockey je boterham niet verdienen", vertelt de Leuvenaar. "Hoewel er de laatste jaren veel veranderd is ten goede, is dat trouwens nog steeds zo. In ons nationale team zitten naast studenten, alleen mensen die er nog een andere job op nahouden." Thierry Renaer koos voor een studie TEW aan de universiteit van Leuven, optie informatica. "Het is pas tijdens mijn studie dat ik me echt ben beginnen interesseren voor informatica, en dan eigenlijk vooral voor beleidsinformatica, vandaar dat bijkomende jaar. Maar terwijl mijn vrienden op café zaten, ging ik trainen voor het nationale hockeyteam. Daar was heel wat discipline en doorzettingsvermogen voor nodig, maar ik deed het graag." "Sinds ik in de nationale ploeg zit, is het altijd mijn betrachting geweest om de Spelen te halen", aldus nog Renaer. "Maar in 2006 ben ik gestopt op nationaal niveau. We hadden in China net een vreselijk kwalificatietoernooi voor het WK achter de rug, ik was 30 en mijn vrouw was zwanger. Een ideaal moment om te stoppen dus, zeker omdat ik me ook wat meer op mijn carrière bij Partezis wilde concentreren." Tot bondscoach Adam Commens wat later op de deur kwam kloppen. "Hij wilde meer ervaring in de ploeg, en vroeg me of ik opnieuw wilde meetrainen. Als je al veertien jaar uitkijkt naar de Olympische Spelen, zeg je niet nee op zo'n vraag. Ik heb dan ook alles in het werk gesteld om te presteren en om zo een plaatsje te halen voor Peking." Om topsport te kunnen combineren met een bloeiende carrière, is het belangrijk dat je bij een 'sportvriendelijk' bedrijf terecht komt. Thierry had dus geluk wat dat betreft. "Partezis is een erg flexibele onderneming. Dat merk je bijvoorbeeld goed aan het aantal vrouwen in onze rangen. Zij komen hier halftijds werken, om nog tijd over te hebben voor de kinderen. Partezis staat open voor ouderschapsverlof, deeltijds werken en tijdskrediet..." "Als topsporter moet je vaak naar het buitenland, en dan is het zaak om flexibel verlof zonder wedde te kunnen nemen. Voor Peking zijn we een jaar op voorhand beginnen trainen. Niet alleen 's avonds, maar ook dinsdag- en woensdagvoormiddag. Ik heb anderhalve dag extra per week moeten vragen. Daarnaast zijn we drie keer op stage geweest in het buitenland, en heb ik van juni tot augustus onbetaald verlof moeten nemen voor de Spelen zelf." Thierry Renaer werkt sinds 2002 voor Partezis. "Ik heb er verschillende SAP-gerelateerde projecten kunnen doen, en heb er een steeds grotere verantwoordelijkheid kunnen opnemen. Intussen ben ik een heel nieuw project aan het opstarten, waarbij we BI-toepassingen verder ontwikkelen binnen de ziekenhuizen. Business intelligence wordt steeds belangrijker in de zorgsector, omdat het steeds moeilijker wordt om een ziekenhuis te beheren. Ik ben er nog maar pas mee bezig en ik vind het alvast erg boeiend." "Achter de nationale ploeg zet ik een punt. Ik ben Partezis enorm dankbaar voor de kans die ik gekregen heb, en nu wil ik me volop kunnen concentreren op mijn carrière. Daarnaast blijf ik wel spelen op clubniveau. Vorig jaar waren we Belgisch kampioen, dat willen we dit keer opnieuw. Dit jaar nemen we trouwens deel aan de European Hockey League, en daar kijk ik toch wel naar uit." Frederik Tibau