De tovenaar van dienst was ict-manager Willem Verbruggen, die voor het 'Legit'-project rigoureus koos voor 'commodity'- en open source-producten, overgoten met een bijzonder sterke eigen inventiviteit en inzet. Verbruggen en zijn medewerkers (inclusief vrijwilligers) assembleerden immers zelf hun applicatie- en opslagservernodes en brachten die samen, inclusief virtual machines, in een 'high availability'-cluster op een verdubbeld en uiterst bedrijfszeker netwerk. Het eindresultaat combineert een performantie en soliditeit die een datacenter van een bank waardig is.
...

De tovenaar van dienst was ict-manager Willem Verbruggen, die voor het 'Legit'-project rigoureus koos voor 'commodity'- en open source-producten, overgoten met een bijzonder sterke eigen inventiviteit en inzet. Verbruggen en zijn medewerkers (inclusief vrijwilligers) assembleerden immers zelf hun applicatie- en opslagservernodes en brachten die samen, inclusief virtual machines, in een 'high availability'-cluster op een verdubbeld en uiterst bedrijfszeker netwerk. Het eindresultaat combineert een performantie en soliditeit die een datacenter van een bank waardig is. Naast het assembleren van de eigen hardware op basis van standaardcomponenten, werd bijzonder veel inspanning geleverd voor het inzetten en aanpassen van de software. Verbruggen: "We moesten softwaretools combineren uit verschillende toepassingsgebieden zoals nooit voordien was gebeurd." Meer nog, "eender welke doorsnee projectmanager zou nooit dit project starten wegens de risico's en onzekerheden van het begin tot het einde," klinkt het haast verontschuldigend, terwijl hij zelfs de term "experimentele softwarecombinaties" in de mond neemt. In het lijstje van creatief toegepaste software vermeldt Verbruggen onder meer IETD (iSCSI Enterprise Target Deamon, om de opslagnodes tot iSCSI tragets te maken), Open-iSCSI, DRBD (van het Oostenrijkse Linbit, bestemd voor het creëren van bedrijfszekere clusters) en OCFS2 (versie 2 van Oracle Cluster File system, een 'shared disk bestandsysteem' dat in de Linuxkernel zit vervat). Voor virtualiseringsdoeleinden wordt gebruik gemaakt van de Xen hypervisor. Maar uiteindelijk telt het resultaat en dat blijkt een 24/7-infrastructuur, die naast een maximale performantie ook nog het (groene) voordeel van uiterste stroomzuinigheid biedt. De applicatie- en opslagservernodes verbruiken samen immers amper 325 Watt, rekent Verbruggen voor. Daarnaast biedt het systeem nog uitgebreide doorgroeimogelijkheden. Zo zal op deze hardware een Asterisk server worden geïnstalleerd ter vervanging van de PBX, goed voor een hoog bedrijfszekere telefooncentrale met Skype-faciliteit, zonder een bijkomende 3 à 5.000 euro kost. Ook werd voorzien nog een 20-tal thin clients te installeren op het systeem, voor gebruik door de studenten. Verbruggen erkent overigens droogjes dat het budget van 5.000 euro wel is overschreden, maar dat was door de keuze om een reeks reserveonderdelen aan te schaffen. Dat bracht het totaal op 6.592,97 euro (incl. BTW). Zoniet had het oorspronkelijk project zelfs geen 5.000 euro gekost. Ondertussen werd besloten de reserveonderdelen aan te wenden voor de bouw van bijkomend materiaal. Natuurlijk werd er ook heel wat tijd en inspanning in het ontwerpen en bouwen van het systeem gestopt, wat ook een aanzienlijke duit zou hebben gekost indien ingekocht bij derden. Komende uitdagingen zijn de integratie van het Instituut en zijn infrastructuur in de Hogeschool-Universiteit Brussel (HUB, in associatie met de KULeuven), waar het sinds 2008 deel van uitmaakt. "Maar", stelt Verbruggen, "ondertussen hebben zij al belangstelling voor ons werk. Wellicht wordt de grootste uitdaging dan ook het behoud van alle nodige expertise in de vorm van de medewerkers aan dit project."Guy KindermansDe doorsnee projectmanager zou nooit dit project starten wegens de risico's en onzekerheden van het begin tot het einde.