Een 'thin client' heeft zijn naam niet gestolen: letterlijk vertaald betekent het 'dunne' of 'magere' client, en gaat het om een heel eenvoudige computer die gestript is van bijna alles wat we bij een traditionele pc gewoon zijn. De thin client zal dan ook lokaal weinig of geen eigen applicaties draaien, maar doet voor (bijna) alles beroep op een applicatieserver. Het tegengestelde is onze gewone desktop-pc, uitgerust met alle mogelijke hardware om de laatste versie van Windows en daarbij horende applicaties te kunnen draaien. Een veelvoud aan Windows-pc's brengt veel extra werk met zich mee voor de toch al veelgeplaagde systeembeheerder. Elke Windows-pc moet immers regelmatig softwarematig bijgewerkt worden, zowel voor het besturingssysteem als voor applicaties. Niettemin vormen malware-besmettingen en allerlei andere inbreuken op de beveiliging een voortdurende bedreiging. De pc's zelf moeten ook regelmatig geüpgraded worden: een nieuwe versie van Windows of een nieuwe versie van Office vereist immers meestal krachtigere hardware dan wat u al in huis had. De software en Windows moet voortdurend bijgewerkt worden, geüpdatet en geüpgraded, maar ook onderhouden en geback-upt. Niets van dat alles bij een thin client. De firmware van die thin client zal u zeer zelden tot nooit moeten upgraden, en voor de rest is er niets te onderhouden of te back-uppen. Als een thin client stuk gaat, kan u hem gewoon vervangen zonder dat u een systeemherstel moet uitvoeren.
...

Een 'thin client' heeft zijn naam niet gestolen: letterlijk vertaald betekent het 'dunne' of 'magere' client, en gaat het om een heel eenvoudige computer die gestript is van bijna alles wat we bij een traditionele pc gewoon zijn. De thin client zal dan ook lokaal weinig of geen eigen applicaties draaien, maar doet voor (bijna) alles beroep op een applicatieserver. Het tegengestelde is onze gewone desktop-pc, uitgerust met alle mogelijke hardware om de laatste versie van Windows en daarbij horende applicaties te kunnen draaien. Een veelvoud aan Windows-pc's brengt veel extra werk met zich mee voor de toch al veelgeplaagde systeembeheerder. Elke Windows-pc moet immers regelmatig softwarematig bijgewerkt worden, zowel voor het besturingssysteem als voor applicaties. Niettemin vormen malware-besmettingen en allerlei andere inbreuken op de beveiliging een voortdurende bedreiging. De pc's zelf moeten ook regelmatig geüpgraded worden: een nieuwe versie van Windows of een nieuwe versie van Office vereist immers meestal krachtigere hardware dan wat u al in huis had. De software en Windows moet voortdurend bijgewerkt worden, geüpdatet en geüpgraded, maar ook onderhouden en geback-upt. Niets van dat alles bij een thin client. De firmware van die thin client zal u zeer zelden tot nooit moeten upgraden, en voor de rest is er niets te onderhouden of te back-uppen. Als een thin client stuk gaat, kan u hem gewoon vervangen zonder dat u een systeemherstel moet uitvoeren. Ook voor wat betreft het energieverbruik zijn gewone desktop pc's enorme slokops. Ze hebben een of meer schijven aan boord, cd- of dvd-romdrives en -schrijvers, ventilatoren en krachtige processoren, chipsets en geheugens. Die zijn allemaal energieverslindend. Een thin client doet het qua energieverbruik heel wat beter. Vermits die geen applicaties draait buiten een compacte terminalclient, hoeft de thin client geen krachtige processor, chipset en geheugens te hebben; geen krachtige grafische kaart, weinig of zelfs geen ventilatoren en het apparaat kan ook al zonder harde schijven. Het gevolg is dat een gemiddelde thin client hooguit enkele watts verbruikt, een fractie van een gewone pc. Reken dus maar uit hoeveel u bespaart als u er zo honderden of duizenden hebt draaien. Thin clients vormen dus een sterk groen argument inzake stroomverbruik. Bovendien neemt een thin client veel minder ruimte in beslag op de werkplek dan een traditionele pc en ook dat is mooi meegenomen. Inzake beheer kent een thin client ook alleen maar voordelen. Een gewone desktop-pc of notebook moet immers effectief beheerd worden op systeemniveau. Een bedrijfsnetwerk met thin clients bestaat in feite uit een netwerk van consoles (terminals of kvm's: toetsenbord, muis en scherm) waarop we de desktop van een elders draaiend platform tevoorschijn toveren. Dat elders draaiend platform kan een applicatieserver zijn. Dat was tot dusver dan ook de belangrijkste vorm van de toepassing van thin clients. Applicatieservers gebaseerd op Windows Terminal Services hebben echter allerlei beperkingen in verband met prestaties en hoge-beschikbaarheid. Dat schrikt sommigen af of noopt ze zelfs om terug te keren naar gewone desktops met alle nadelen die daarbij horen. De laatste jaren zijn virtuele desktops echter steeds populairder geworden. Dat veroorzaakte een ware boom in de toepassingen en de herontdekking van thin clients. Virtuele desktopomgevingen kunnen immers veel makkelijker en beter geschaald worden, zodat flessenhalzen voor wat betreft de hardwareprestaties tot het verleden behoren. Bovendien kennen deze virtuele omgevingen zeer volwassen en betrouwbare hoge-beschikbaarheidsoplossingen. De meest populaire virtuele omgeving voor vdi's (virtual desktop infrastructure) is uiteraard VMWare vSphere. VMWare gebruikt een eigen protocol om thin clients met zijn virtuele machines te laten communiceren. In Windows zit zelf ook een protocol ingebouwd om een desktop op afstand te besturen: rdp (remote desktop protocol). Een thin client moet die protocollen ondersteunen. Dat kan op twee manieren: met of zonder broker (makelaar). Het bekendste voorbeeld van een protocolmakelaar is de Sun Ray oplossing, of de Zero Thin Client van Fujitsu. Dat gaat over een erg domme terminal waar helemaal niets op geconfigureerd hoeft te worden en die dan uitsluitend met een makelaarserver communiceert. De makelaarserver zorgt dan voor het contact met de applicatieserver of de vdi-omgeving. Bij de oplossing zonder makelaar moet de thin client zelf de intelligentie aan boord hebben voor alle benodigde protocollen, en is hij dus zelf een kleine computer. Die is dan bij voorkeur op Linux gebaseerd. Met Windows kan ook, maar voor thin clients raden we dat echt af vermits veel van die 'rijkere' thin clients ook kunnen internetten en dus vatbaar zijn voor malware, terwijl ze onvoldoende systeembronnen hebben om zichzelf daartegen te beschermen. We raden dus zeer sterk aan dit soort problemen gewoon te vermijden en alleen thin clients op Linux te gebruiken, of te kiezen voor de platformloze makelaarversie. Een thin client op een usb-stick of -geheugenstaafje dient op eender welke pc, notebook of netbook te draaien als thin client. Als je dat doet met een desktop-pc of notebook, vervalt natuurlijk het ecologische voordeel. Zelfs bij een oude pc is dat zo, want ook die verbruikt veel meer dan een gewone thin client. Waarom zou je dan een thin client op een usb-stick gebruiken? Omdat het erg makkelijk is voor mensen die geen vaste werkplek hebben of zeer mobiel zijn in of buiten hun bedrijf. Ze nemen hun stick mee, pluggen die in gelijk welke computer, starten het apparaat op en krijgen meteen hun eigen bedrijfsdesktop te zien. Het kan ook erg nuttig zijn voor bedrijven die overwegen over te schakelen op thin clients. Met behulp van usb-sticks kunnen we de thin-clientfunctionaliteit immers testen, terwijl de normale pc's of notebooks toch beschikbaar blijven en niet veranderd worden. Nog leuker: je kunt zo'n thin client stick probleemloos en honderd procent veilig gebruiken op een computer die met malware besmet is! De stick werkt bovendien ook op oude pc's zonder harde schijf, met een kapotte harde schijf of die om wat voor reden dan ook niet meer kunnen starten van hun harde schijf. Wel even opletten, want als je te ver terug gaat in de tijd, dan kunnen pc's van voor pakweg 2003 mogelijk niet starten vanuit een moderne usb-stick met een capaciteit van meer dan een halve gigabyte. In zo'n geval is het meestal mogelijk om de thin client te 'herinstalleren' op een cd-r, en dan vanaf dat blinkende schijfje te starten. Er blijken niet zoveel commerciële aanbiedingen van thin clients op een usb-stick te zijn. Dat heeft er natuurlijk mee te maken dat zowat alle fabrikanten van thin clients een stuk hardware verkopen. Een thin client op een stick is software en daar valt veel minder of misschien zelfs niets aan te verdienen. Van de in ons land bekende producenten van thin clients vonden we alleen maar een normale thin client oplossing bij Igel. Fujitsu heeft ook een Zero Thin Client op usb, maar die maakt gebruik van een makelaarserver en wijkt dus zozeer af van de premisse voor dit artikel dat we die niet zullen bespreken. Bij de vrije software is er heel wat meer keuze. Zo kunnen de meeste desktop-linuxen standaard al als thin client werken. En heel wat desktop-linuxdistributies hebben een 'live editie': een cd of usb-stick die startbaar is, en een complete desktop toont waarmee je kunt werken zonder dat het besturingssysteem eerst geïnstalleerd moet worden. We vonden twee open source oplossingen die zich echt als thin clients presenteren: ThinStation en OpenThinClient. We hebben voor dit artikel daarom onderzocht hoe de commerciële oplossing van Igel zich verhoudt tot beide opensource-oplossingen. De Duitse firma Igel maakt vrijwel uitsluitend thin clients en bijhorende producten. De 'Universal Desktop Converter' of kortweg udc is software om een gewone pc of notebook, of een andere of oudere thin client, te voorzien van de Igel thin client software door die te laten starten vanaf een usb-stick of een cd-rom. Igel ziet deze softwarematige aanpak eerder kaderen in een groter geheel. De Duitse producent maakt namelijk ook een softwarepakket voor centraal beheer, de Universal Management Suite of ums geheten. Daarmee kunt u alle Igel thin clients centraal beheren: configuraties aanmaken en distribueren, dat soort dingen. Maar ums werkt alleen met Igel thin clients. Als u thin clients van meerdere leveranciers onder dak heeft, zoals Dell, Fujitsu, HP, Neoware, Wyse en andere, dan kan u die niet samen met thin clients van Igel centraal beheren. Tenzij u op de thin client van zo'n ander merk de Igel udc draait: dan wordt het immers een Igel thin client en kan ums die centraal beheren. Igel voorziet drie types licenties voor udc. De prijs is per licentie en elke licentie is gekoppeld aan het mac-adres van het toestel waarop u udc gebruikt. De instaplicentie is voor Windows-specifieke omgevingen of als je alleen geïnteresseerd bent in de rdp-protocols van Microsoft of ica (Independent Computing Architecture) van Citrix. Deze instapversie heeft overigens ook een Java SE Runtime aan boord. Een stapje hoger zit de standaardlicentie. Die vertrekt vanaf de instapeditie en levert daarop extra's zoals een lokale webbrowser, een pdf-lezer en terminalemulaties. Daarenboven ondersteunt de standaardeditie ook virtuele omgevingen, VPN (Virtual Private Networks) en de ThinPrint client voor afdrukken via het netwerk. De derde en meest omvangrijke editie is de geavanceerde licentie. Die heeft alles aan boord wat Igel maar kon verzinnen. Je kunt het zo gek niet bedenken of deze geavanceerde editie kan er mee werken. Ze heeft ingebouwde mediaspelers, ondersteuning voor Flash en voip, een SAP GUI, kan met NoMachine NX en ThinLinc printing werken. Verder kan deze editie usb omleiden zodat lokaal aangesloten usb-toestellen "gezien" kunnen worden op een op afstand bediende Windows- of Linux-desktop. Van Igel kun je een usb-token kopen met daarop udc, maar daar moet dan nog een licentie op toegevoegd worden en die komt bovenop de aankoopprijs van het token. Het Igel token bevat alle udc thin client software, maar ook een uitrolhulp en ums. Als je de ums-beheercentrale gebruikt, kan elke pc die met udc gestart wordt daar automatisch mee geconfigureerd worden. Stick erin, booten en werken maar, meer is er niet aan. Je kan natuurlijk ook een eigen stick gebruiken en de software downloaden van de website van Igel, en dan op de stick zetten. Dat verandert verder niets aan wat we hierboven hebben verteld. Zonder ums moet udc handmatig ingesteld worden voor de juiste verbinding. Je ziet dan een Igel Linux desktopje met alleen maar opties om de bij de gekozen licentie horende verbindingsprotocollen in te stellen. Ons Fujitisu Amilo netbookje werd keurig ondersteund als thin client. Alleen werkte de draadloze netwerkverbinding niet. Bekabeld verliep het netwerken wel prima. Igel levert met udc een erg rijke thin client op een stick, met een driestappenlicentie waarbij u alleen betaalt voor wat u ook echt nodig hebt. Het is vooral interessant voor het centrale beheer met ums en zeker als u het ook wil gebruiken op thin clients van andere merken. U kunt een probeerlicentie aanvragen, dus een kat in een zak kopen is er zeker niet bij. www.igel.com OpenThinClient is jonger dan het hierna besproken ThinStation. De ontwikkeling startte in 2007. Het is gratis, vrij en open source. Open ThinClient is geschreven in Java en omvat een Java-gebaseerd beheersysteem en een Java-gebaseerde servercomponent. Het basisbesturingssysteem is ook hier Linux, namelijk Ubuntu. Waar het verderop besproken ThinStation vrijwel niets aan boord heeft om grote aantallen thin clients centraal te beheren, is OpenThinClient specifiek ontworpen met het centraal beheer van middelgrote tot grote aantallen thin clients voor ogen. De Ubuntu die als basis dient, werd aangepast om te kunnen werken met computers zonder harde schijven aan boord. Verder werd natuurlijk alles weggegooid wat niet nodig is voor een thin client. Het starten en de configuratie van OpenThinClient werkt met standaardprotocollen als dhcp, pxe, tftp, ldap en nfs. De Java-gebaseerde beheeromgeving in OpenThinClient voorziet integratie in ldap (Lightweight Directory Access Protocol) en via die omweg ook in Microsoft Active Directory. De GUI laat je alle thin clients in het netwerk beheren en kan werken met alle protocollen die door Ubuntu ondersteund worden. Dat zijn overigens uiteraard alles wat maar een officiële standaard is. Dus geen bedrijfseigen dingen zoals regelmatig voorkomt bij gesloten thin client oplossingen. Als je maar een beperkt aantal of misschien zelfs maar één verbindingsprotocol nodig hebt, dan is het mogelijk om OpenThinClient-pakketten aan te maken, bijvoorbeeld een rdp-pakket. Een normale OpenThinClient heeft alles aan boord, maar met het pakket systeem kun je dus 'specialiseren'. OpenThinClient heeft geen gespecialiseerde thin client hardware nodig en vermits hij met de laatste kernels van Ubuntu werkt, ondersteunt hij alles waarop Ubuntu ook start en alle hardware waarmee Ubuntu ook kan werken. Zoals gewoonlijk bij Linux zal u weinig problemen tegenkomen met allerlei chipsets en processoren, maar wel met draadloze netwerkkaarten. Bekabeld is normaal nooit een probleem, maar er zijn wlan-chipsets die niet of met zeer grote moeite aan de gang te krijgen zijn in Linux. Mocht je in dat geval verkeren, dan is er voor draadloos verkeer wel een uitweg: je kan dan altijd een wel ondersteunde usb-wlan-adapter gebruiken in plaats van de ingebouwde. Op onze Fujitsu Amilo netbook werkte OpenThinClient meteen en probleemloos. Dat alles in Java geprogrammeerd is verbruikt wat meer systeembronnen, maar op de netbook was dat geen enkel bezwaar. OpenThinClient toont een karig desktopje waarin applicaties ofwel via pictogrammen op die desktop of via het menu gestart kunnen worden. Er zijn mogelijkheden om de configuratie van verbindingen lokaal aan te passen, maar het staat niet eens uitgelegd in de gebruikershandleiding. Vermoedelijk omdat de makers ervan uitgaan, dat u normaal de thin clients centraal zult beheren en van daaruit configuraties uitrollen naar die thin clients toe. OpenThinClient is op Ubuntu gebaseerd en komt daardoor absoluut niets tekort inzake hardwareondersteuning. De nadruk ligt op centraal beheer en alles is op Java gebaseerd. Het is mogelijk protocolspecifieke thin-clientpakketten aan te maken. Virtuele omgevingen worden echter niet rechtstreeks ondersteund. http://openthinclient.org/home ThinStation is de oudste van de twee gratis, vrije en open source thin client oplossingen die we hier bespreken. Het begon zijn leven in 2003 als een afsplitsing van een ander open source project genaamd NetStation, is op Linux gebaseerd en vereist alleen maar een 32-bit x86 systeem om te werken. Behalve van een usb-stick kan het ook starten van alle gebruikelijke pc-startvolumes of van het netwerk via pxe (Preboot Execution Environment) of Etherboot met behulp van een tftp-server. U hebt minimaal een Pentium-cpu nodig, aangevuld met de benodigde ram om de gewenste desktop met bijhorende resolutie en kleuren te verwerken. Meestal is iets tussen 32 en 128 MiB RAM ruim voldoende. Bij Linux is het afhankelijk van de kernel welke hardware precies ondersteund wordt en ThinStation is daar geen uitzondering op. De ploeg van ThinStation kiest voor een wat oudere kernel die prima werkt op oudere pc's, maar problemen zou kunnen geven met wat modernere hardware. Het is echter open source en niets houdt u tegen zelf een nieuwere kernel in het systeem uit te proberen. ThinStation is ontworpen als een één-op-éénvervanging van een willekeurige hardwarematige thin client. In centraal beheer is niet voorzien. Bijgevolg is ThinStation eerder geschikt voor ofwel kleine aantallen thin clients, ofwel voor grotere aantallen op voorwaarde dat er gestart wordt met behulp van pxe via dhcp en een tftp-server. In dit laatste geval kunt u ook wel een configuratiedistributie automatiseren. Als verbindingsprotocollen ondersteunt ThinStation rdp of nxclient voor verbinding met Windows-systemen, ICA voor Citrix, Tarantella, X11, VNC via tightVNC en ook nog ssh en telnet. ThinStation is een heel compact systeem met een IceWM-desktop die alleen enkele snelle protocolconfiguraties toelaat. Meer moet dat ook niet zijn. Het is mogelijk een thin client te configureren zodat één welbepaald protocol gestart wordt dat onmiddellijk contact maakt met een welbepaalde server. Dat kan dan bijvoorbeeld rdp voor een Windows-gebaseerde virtuele machine zijn. Dan hoeven we alleen maar een tekstbestand thinstation.conf aan te maken met welgeteld negen lijnen code om ogenblikkelijk een via Oracle VirtualBox gevirtualiseerde Windows 7 desktop tevoorschijn te toveren op een ThinStation thin client. ThinStation is interessant om thin client functionaliteit mee te testen en om individuele oude pc's die anders weggegooid zouden worden snel om te toveren tot een thin client. Er is geen echt centraal beheer voorzien, maar met pxe en tftp is wel een en ander mogelijk. http://thinclient.org De gratis en vrije open source producten OpenThinClient en ThinStation zijn uitstekend geschikt voor testen en om oudere pc's snel om te vormen tot een thin client. Ze schieten vooral tekort op het gebied van VMWare VDI, maar ze kunnen natuurlijk wel rdp of vnc gebruiken om gevirtualiseerde platformen mee te bedienen. Igel UDC is niet gratis, maar biedt daarvoor wel het meeste functionaliteit van allemaal én desgewenst een behoorlijke ondersteuning.Johan ZwiekhorstThin clients vormen een sterk groen argument inzake stroomverbruik. Bovendien neemt een thin client veel minder ruimte in beslag op de werkplek dan een traditionele pc.