De groei van de breedbandmarkt wordt onder meer gedreven door de opkomst van IPTV zoals BelgacomTV in ons land, de exponentiële groei van video (YouTube, videoconferencing, bewakingscamera's,...) en de switch van analoge telefonie naar voice over ip.
...

De groei van de breedbandmarkt wordt onder meer gedreven door de opkomst van IPTV zoals BelgacomTV in ons land, de exponentiële groei van video (YouTube, videoconferencing, bewakingscamera's,...) en de switch van analoge telefonie naar voice over ip. Nu al zijn videobeelden goed voor meer dan 60 procent van de totale datatrafiek op internet. Onlangs kregen we bij Cisco nog wat soortgelijke cijfertjes te zien die duidelijk moeten maken dat de gemiddelde surfer zijn breedbandlijn vooral voor video gebruikt. Waar in 2005 bijvoorbeeld nog 'maar' 9 miljard online videofilmpjes bekeken werden, was dat amper een jaar later al opgelopen tot 31 miljard. Ondertussen worden er iedere maand 4 miljard filmpjes bekeken - alleen nog maar op de videosite YouTube. Tegen 2010 verwacht Cisco zelfs dat er meer dan een miljard consumenten van videofilmpjes zullen zijn. De groei van breedband lijkt dus voor een groot stuk een residentieel verhaal te zijn, waarbij de consument en de content centraal staan. Volgens Carl-Henric Svanberg, ceo van Ericsson, zal een groot deel van de breedbandmarkt ingevuld worden door "mobile broadband". Tegen 2013 verwacht hij dat 80 procent van de breedbandabonnementen inclusief prepaid voor mobile zal zijn. Hij leidt dat af uit de verwachtingen dat er tegen dan 6 miljard handsets in omloop zullen zijn, naast 3 miljard smartphones en 160 miljoen notebooks. "Hun gemeenschappelijke eigenschap is dat ze 'mobile broadband' devices zijn", zegt Carl-Henric Svanberg. Al haastte hij zich tijdens zijn keynote op het Broadband World Forum wel om eraan toe te voegen dat 'fixed' broadband wel degelijk ook een toekomst heeft, met naar verwachting 630 miljoen pc's tegen 2013, en 140 miljoen hd-flatscreens. De groei van hd-tv's zal op zijn beurt iptv - en dus de breedbandlijnen - aanzwengelen. Svanberg ziet in 'fixed broadband' vooral een rol weggelegd voor de veeleisende applicaties en iptv, terwijl langs de andere kant iedereen wél verwacht dat hij op zijn minst overal waar hij dat wil online moet kunnen. De ceo van Ericsson toonde zich tijdens zijn keynote vastberaden om ook in te spelen op de convergentie en het gedrag van de moderne consument dat er aan de basis van ligt. "Niet alleen de technologie is aan het convergeren: telecom, internet, media en de devices raken alsmaar meer verweven met elkaar. Waar we vroeger computers met elkaar verbonden, en later via gsm's de mensen met elkaar in contact brachten, zijn we nu in een nieuwe fase beland. 'Connect devices' heet het nieuwe motto", aldus Svanberg. "Consumenten zijn niet vies van verschillende devices die elk een breedbandverbinding nodig hebben. Daarom is een nieuw ecosysteem nodig om ervoor te zorgen dat alle devices onderling ook zullen samenwerken voor services. Voor de consument is het belangrijkste dat hij overal toegang heeft tot zijn services, waar hij zich ook bevindt. Ik weet niet of het nog 5 of 10 jaar zal duren, maar uiteindelijk zullen we niet meer spreken over een tv of een laptop. We zullen het dan hebben over 'schermen': beeldschermen langswaar de services kunnen worden opgeroepen of video's zullen worden bekeken." Svanberg besloot zijn keynote met de uitdrukkelijke wens om op termijn de tv-ervaring van een consument te gaan personaliseren: volgens hem een haalbare kaart, al kan het gezien de financiële crisis wel langer gaan duren dan gepland. "Het goede nieuws is dat terwijl de financiële markten afkoelen, er enkele constanten blijven. Mensen blijven werken, eten, slapen, zich amuseren én communiceren. En dat zullen ze altijd blijven doen. Misschien gaan we een tijdelijke afkoeling, een tragere groei tegemoet, maar op de lange termijn zie ik geen bedreiging voor de telecomindustrie", aldus nog de ceo van Ericsson. Een verhaal dat John McMahon, president bij Sony Pictures Television, lijkt te volgen. "Zowat elk device dat Sony nu nog uitbrengt is 'broadband enabled', stak de topman van wal in zijn keynote op het Broadband World Forum. Volgens McMahon bevindt Sony zich in een unieke positie omdat het zowel content uitbrengt als het platform mee ontwikkelt. Het bedrijf probeert daar nu al concreet voordeel uit te halen, door al van bij het maken van producties er rekening mee te houden dat ze op verschillende soorten dragers zullen worden gebruikt. "De consument verlangt nu eenmaal om bijvoorbeeld een film op elke mogelijk medium te kunnen afspelen. Daarom leggen wij nu reeds de focus op 'converged entertainment'', zegt McMahon. "Dat is wat de consument wil én wat hij in veel gevallen nu ook neemt", waarmee hij doelde op de problematiek van piraterij. McMahon ziet het illegaal downloaden van films en muziek als een grote bedreiging voor de verdere groei in de digitale wereld. Naarmate consumenten gewoon worden dat ze gratis kunnen downloaden, wordt het volgens hem alsmaar moeilijker om ze te overtuigen om toch voor een betalend model te kiezen. "De enige manier is om met een gebruiksvriendelijk downloadmodel voor de dag te komen", zegt McMahon. "Eenmaal je een song of een film legaal gedownload hebt moet die gewoon afspeelbaar zijn op elk mogelijk device." En dan kom je op nieuwe, verbeterde DRM (digital rights management) oplossingen uit - al geeft McMahon toe dat heel wat consumenten net door frustraties met DRM (een legaal gedownloade song die bijvoorbeeld niet werkt op een player van een concurrerende fabrikant) toch hun toevlucht nemen tot de illegale file sharing netwerken. Sony is een van de voorvechters van DECE, kort voor Digital Entertainment Content Ecosystem, een consortium van fabrikanten van consumer electronics, it-bedrijven, service providers, retailers en contentbedrijven. "We hopen klaar te zijn met DECE tegen de Consumer Electronics Show (CES) in januari volgend jaar. Tegen dan willen we er ook een nieuwe, duidelijke naam plakken." In afwachting roept McMahon de internet service providers op om samen te werken met de contentleveranciers, en samen de strijd tegen piraterij op te voeren. "Ik besef ook wel dat het een utopie is om piraterij helemaal te bannen. Maar als de ISP's met ons samenwerken, kunnen we de totale verliezen van de entertainmentindustrie door piraterij - we spreken over meer dan twee miljard dollar per jaar - toch aanzienlijk terugdringen", meent McMahon. "Bovendien zullen ISP's op die manier ook de kleine groep van zware downloaders kwijt raken, waardoor hun netwerk minder zwaar belast wordt." In het Verenigd Koninkrijk loopt momenteel al zo'n samenwerkingsverband met een provider bij wijze van test. Klanten worden er geïnformeerd over piraterij, en krijgen een verwittiging wanneer ze betrapt worden op illegaal downloaden. Klanten die hardnekkig blijven volhouden, riskeren een straf. Wanneer het project succesvol blijkt - lees: de piraterijcijfers terugdringt - zal overwogen worden om een pan-Europese uitbreiding aan het verhaal te breien. Wim Roggeman, voorzitter van ISPA, de Belgische vereniging van internetproviders, plaatst wel wat vraagtekens bij de oproep tot samenwerking. "Uiteraard hebben we er als internetindustrie ook alle belang bij om piraterij te laten verdwijnen: maar niet als men verlangt dat wij allerlei filters moeten plaatsen. De Scarlet-zaak maakt nu al duidelijk dat het technisch gewoon niet haalbaar is om alle illegale trafiek te filteren. Wij geloven meer in het mee uitproberen van nieuwe online distributiesystemen. In het verleden heeft de muziek- en filmindustrie nooit alles uit het internet kunnen halen. Hopelijk nemen ze bij nieuwe initiatieven dan ook video mee in het verhaal; en dan wil ik wel nog geloven in de slaagkansen", besluit de ISPA-voorzitter. Kristof Van der Stadt