Na twee uitzonderlijk sterke jaren in 2010 en 2011 heeft de business intelligence-markt het wat moeilijker. De bedenkelijke macro-economische omstandigheden zijn daar niet vreemd aan, maar er worden ook vraagtekens geplaatst bij de big data-hype.
...

Na twee uitzonderlijk sterke jaren in 2010 en 2011 heeft de business intelligence-markt het wat moeilijker. De bedenkelijke macro-economische omstandigheden zijn daar niet vreemd aan, maar er worden ook vraagtekens geplaatst bij de big data-hype. Sowieso rijken de tentakels van analytics en bi steeds verder binnen organisaties - zelfs tot bij de databasemanagementsystemen (SAP Hana) en tot in de enterprise content management-afdeling (HP Autonomy en Oracle Endeca). Dat zorgt wel eens voor verwarring, niet in het minst omdat de resultaten van die diepere penetratie niet altijd even uitgesproken zijn. Ook het feit dat heel wat mensen een 'sexyer' benaming willen voor business intelligence, en dat er vrijelijk gefreewheeld wordt met termen als business analytics, analytical intelligence en big data, draagt bij tot de verwarring. Zeker als je weet dat bi (dat naar het verleden kijkt om er rapporten uit te distilleren) en analytics (dat vooruitblikt en toekomstige scenario's berekent) tot voor kort nog als twee verschillende werelden werden beschouwd. Het mag intussen ook duidelijk zijn dat bi-tools steeds vaker worden aangekocht buiten het it-departement om. Gartner spreekt van een toename van maar liefst 40 procent in 2012. De groei in traditionele bi-tools voor de it-afdeling vlakte af (SAP, IBM, Oracle, MicroStrategy), terwijl kleinere concurrenten die vooral mikten op data discovery, bi in de cloud en analytics een snellere groei lieten optekenen. Hoe dan ook blijft bi een topprioriteit die bedrijven kan helpen met het opkrikken van hun inkomsten, het verbeteren van de klantenervaring en het inperken van de kosten. Data News tracht hieronder de meest recente trends nog even op te sommen. Nu bedrijfsleiders bijna allemaal een iPad gebruiken voor hun job en werknemers byod-gewijs hun eigen toestellen inzetten (vooral smartphones en tablets), groeit het belang van mobiele bi-tools. Liefst zijn dat native apps, want alternatieven in html5 voldoen (nog) niet wat gebruikservaring betreft. Wat bi-apps anno 2013 zeker moeten bieden? De mogelijkheid om offline te kunnen werken met de te doorzoeken data. Twee jaar geleden was dat nog volledig uit den boze, maar intussen bieden de apps van MicroStrategy, SAP en Oracle toch al offline data-ondersteuning aan. Verwacht wordt dat mobile de interesse voor bi in 2013 terug zal aanwakkeren, en dat de switch naar mobiele toestellen business intelligence en analytics relevanter zal maken voor mensen op het terrein. "Wat de grote vendors wel wat uit het oog verloren zijn is dat ze hun oude tools niet zomaar zonder boe of ba kunnen overzetten naar mobiel", vertelt ceo Edwin Van Waes van de Belgische bi-specialist Laco. "Op mobiele toestellen gaat het immers niet over duizend toeters en bellen, maar over gebruiksgemak. Mobiele bi-apps moeten intuïtief en engaging zijn. De Roambi-app uit onze portfolio (Roambi zorgt voor een snelle rapportering van gestructureerde data op tablets), is zelfs geschreven door gamers." 'In-memory'-technologie wordt stilaan gemeengoed bij bi-leveranciers. Voor wie niet mee zou zijn: bij 'in memory' wordt de informatie die bevraagd en onderzocht moet worden niet meer opgeslagen op de traditionele harddisks, maar rechtstreeks ín het RAM-geheugen. Eén en ander zorgt er voor dat gebruikers vliegensvlug alle dimensies van de data kunnen onderzoeken, en dat responsetijden zo goed als onbestaande zijn. Intussen hebben alle grote bi-vendors in-memory oplossingen in de aanbieding. Oracle is de laatste speler die toetreedt tot het clubje met zijn Exalytics-toepassing. En SAP kondigde begin dit jaar nog aan dat zijn oltp-apps op het Hana in-memory systeem zouden kunnen draaien. De hoeveelheid data explodeert, alle bedrijven krijgen er mee te maken. Maar tegelijk worstelen de meeste ondernemingen nog met hoe ze hun data toegankelijk kunnen maken. Hoe moet er juist omgesprongen worden met gestructureerde en met ongestructureerde datasets? Met de clicks, de tweets en met de contextuele data die zo belangrijk is voor de e-commerce en de advertising-industrie? Sommige mensen associëren big data vooral met Hadoop (het open source framework dat softwareapps kunnen gebruiken om grote hoeveelheden ongestructureerde data uit de cloud mee te kunnen bevragen en verwerken), maar Hadoop en NoSQL-oplossingen vormen slechts een deeltje van het geheel dat je nodig hebt voor het bevragen en ordenen van gestructureerde en ongestructureerde data. "Hadoop heeft big data actueel gemaakt", knikt bi-manager Ron Pooters van Accenture Belux, "maar voor bi heb je een hybride architectuur nodig. Met tools die naast de ongestructureerde data uit sociale media ook de relationele data onder handen kunnen nemen. Je kan niet zomaar één component kopen waarmee je alles kan oplossen. Het datawarehouse, nieuwe analytische toepassingen en de tools van de traditionele bi-vendors zijn complementair." Hoeft het te verbazen dat cloud met heel wat aandacht gaat lopen? Nochtans blijven de implementaties vooralsnog beperkt. Volgens Gartner zijn bi-oplossingen in de cloud nog maar goed voor 3 procent van de totale inkomstenstroom. Nice to have dus, maar voorlopig niet meer dan dat. Security-issues vormen nog steeds de voornaamste barrières voor bi-implementaties in de cloud. "Ondernemingen willen hun datawarehouse en hun waardevolle informatie niet zomaar naar de wolk brengen", bevestigt Ron Pooters. "Het nieuws dat de Amerikaanse overheid kan meekijken zal niet echt helpen wat dat betreft. Het perceptieprobleem wordt hierdoor nog groter." Bi-vendors moeten hun producten sowieso hertekenen om ze cloud-ready te maken. De apps moeten niet alleen 'multitenant' worden (vanop één server verschillende cliënten kunnen bedienen), ze moeten ook kunnen omgaan met data die in de meeste gevallen on premise wordt bewaard. "Bi naar de cloud brengen is complex", kinkt het nog. "Het gaat in de meeste gevallen immers niet om één stuk software, maar om een op maat gemaakt amalgaan van verschillende tools. Bedrijven moeten zich de vraag stellen of het sop de kool dan nog wel waard is. Intussen duiken er wel spelers op die zich exclusief op de cloud richten, maar het zal nog een tijdje duren eer die dingen mainstream worden." Samengeteld vertegenwoordigen de inkomsten van data discovery-specialisten QlikTech, Tableau en Tibco nog maar 10 procent van de totale bi-markt, maar hun aandeel wordt heel wat groter als je kijkt naar netto-groei en naar verkoop van licenties. Data discovery-tools laten toe om op een eenvoudige manier naar gegevens te zoeken (met behulp van zoektermen), en om die gegevens vervolgens te vertalen naar toegankelijke dashboards en interactieve gebruikersinterfaces. Business-gebruikers zijn er wild van, waardoor de scheidingslijn tussen it-gedreven en business-gedreven tools alsmaar waziger wordt. Intussen lijken ook de grote spelers data discovery te omarmen, het is zelfs een mainstream-gegeven aan het worden. Tegelijk evolueren de data discovery tools trouwens van beschrijvend ('wat is er gebeurd') naar diagnostisch ('waarom is het gebeurd'), en wordt zo de weg geplaveid voor voorspellend ('wat gaat er straks gebeuren'). In navolging van de 'data discovery'-trend (zie hierboven) schenken heel wat leveranciers meer aandacht aan de manier waarop data gevisualiseerd wordt. Een toegankelijke gebruikersinterface kom ook steevast bovendrijven als een topprioriteit bij business-gebruikers die bi willen inzetten op de werkvloer. Enkel toegang verschaffen tot data helpt bedrijven immers niet vooruit. De gebruikersinterfaces van morgen informeren werknemers op zo'n manier dat ze snel preventief actie kunnen ondernemen als dat nodig blijkt. Voor alle duidelijkheid: groten zoals SAP, Microsoft en IBM staan nog niet zo ver als kleinere spelers wat interface betreft. Daarom ook dat klanten vaak systemen van verschillende leveranciers door elkaar gebruiken. "QlikTech, Tableau en Tibco hebben de visualisatietrend ingezet, en de traditionele vendors hebben die boot wat gemist", aldus nog Pooters. "Nu pas zijn ze de schade aan het inhalen." "Visualisatie is gelinkt aan het in memory-verhaal, waarbij je alle info vliegensvlug op je scherm krijgt, en is erg belangrijk voor het mobiele verhaal. Je moet immers relevante informatie op dat kleine schermpje voorgeschoteld krijgen, anders heeft het weinig zin." Visueel sterke data discovery-tools zijn bijna synoniem geworden met selfservice bi, waarbij gebruikers nieuwe datasets zelf kunnen verkennen en analyseren zonder ondersteuning vanuit de it-afdeling. Dat laatste is niet onbelangrijk, want in heel wat bedrijven wordt de it-afdeling overspoeld met bi-gerelateerde vragen om informatie. In plaats van extra mensen aan te werven, is het dan interessanter om ook business-gebruikers in te schakelen voor routineuze bi-taken. Voor digital natives, die steeds nadrukkelijker deel uitmaken van de organisatie, is dat hoegenaamd geen probleem. De grote vendors zullen dus sowieso op de selfservice-trein moeten springen. Opdat vrijwel alle werknemers kunnen worden ingezet voor bi, en opdat de it-afdeling wat uit de wind gezet kan worden.Frederik Tibau