Geachte minister Weyts,

Mogen wij u van harte feliciteren met uw benoeming tot minister van onderwijs. En mogen wij u tegelijk wijzen op de enorme uitdaging die u te wachten staat? Onze maatschappij verandert en digitaliseert aan een razend tempo. Als het onderwijs niet snel werk maakt van een stevige inhaalbeweging, dreigt ons land de gedigitaliseerde boot compleet te missen. De volgende werven staan voor u klaar.

Digitale hulpmiddelen in de klas

We stellen met genoegen vast dat heel wat scholen al hebben geïnvesteerd in digitale schoolborden. Maar al te vaak merken we dat die nieuwe hulpmiddelen tot weinig meer leiden dan hetzelfde soort onderwijs als de voorbije twee eeuwen, maar dan op een elektronisch bord. Natuurlijk is dat dan zonde van de investering: digitale schoolborden openen een wereld van kansen. Zelfs als de leerkrachten maar een fractie van die nieuwe opportuniteiten benutten, is de return on investment op menselijk vlak in een mum van tijd terugbetaald. Een stap die met de huidige generatie digitale borden sneller te zetten is, want de leercurve om hiermee aan de slag te gaan is met de intuitieve interface kleiner dan ooit, voor leerlingen én leerkrachten.

Wie overstapt naar digitale schoolborden, moet vooral de extra mogelijkheden voor ogen houden. Digitaal betekent ook interactief, en dat is meteen de belangrijkste meerwaarde. Leerkrachten kunnen heen en weer schakelen tussen de leerstof in de digitale handboeken en de reacties/antwoorden van de leerlingen, ze kunnen klasquizzen organiseren ter animatie van de leerstof, en nog op zo veel andere manieren bijdragen tot een rijkere leerervaring. Het niveau van betrokkenheid stijgt enorm, wat de verwerking van de leerstof enorm ten goede komt, en dus ook de individuele resultaten van elke leerling. Zo krijgen leerlingen overigens ook de kans om spelenderwijs hun digitale skills nog verder te ontwikkelen.

Stap af van de leerkrachten-monoloog

Het klassieke ex cathedra lesgeven - leerkracht legt uit, leerlingen zwijgen en noteren - heeft gelukkig al voor een deel plaatsgemaakt voor meer interactieve vormen van onderwijs, zoals groepswerken, spreekbeurten en individuele taakjes. Maar toch is ook hier nog heel wat werk aan de winkel. Hoe meer de ex cathedra aanpak plaatsmaakt voor individueel leren, hoe meer plaats er vrijkomt voor geïndividualiseerde trajecten. Dit komt zowel de best presterende leerlingen als de achterblijvers ten goede. Tot op een zekere hoogte natuurlijk, want de momenten die je als volledige klas beleeft, zullen altijd belangrijk blijven voor de vorming van elk kind.

Als het onderwijs niet snel werk maakt van een stevige inhaalbeweging, dreigt ons land de gedigitaliseerde boot compleet te missen

Leer de leerlingen leren

De tijd waarin we naar school gingen en met de daar verworven kennis levenslang verder konden, is echt wel voorgoed achter de rug. Wie onze jeugd wil voorbereiden op levenslang leren - want dat staat hen heus wel te wachten - mag niet te lang stilstaan bij het memoriseren van feiten, data, wetten en formules. We moeten onze jongeren ook leren waar ze hun informatie kunnen vinden. We moeten hen aanleren om nieuwsgierig te blijven, om steeds op zoek te gaan naar nieuwe kennis en informatie en om zich te blijven openstellen voor wat om hen heen gebeurt. Zo voorkomen we dat de huidige uitdaging - ruim 400.000 werknemers zullen zich moeten herscholen als ze relevant willen blijven in onze gedigitaliseerde wereld - zich in de toekomst nog zou herhalen.

Verklein de kloof tussen onderwijs en carrière

Voor elke afstuderende blijft de overstap van de schoolbanken naar de werkvloer een stevige uitdaging. Maar sommige opleidingen zijn al meer praktijkgericht dan andere. Met name de universiteiten zijn vaak nog te veel op kennis gericht en te weinig op het in de praktijk brengen van die kennis. De voorbije jaren zijn er al flinke stappen gezet op dit vlak, met leerstoelen, 'high potential programs', enzovoort. Maar het stagesysteem in de universiteiten mag nog altijd wat structureler. En de overstap van het zakenleven naar een job als leerkracht en vice versa mag best wat eenvoudiger en vlotter. Iedereen heeft baat bij zulke kruisbestuivingen. Het staat zelfs in het nieuwe Vlaamse regeerakkoord.

Fouten bestraffen moet worden bestraft

Last but not least: ook qua werkhouding zijn onze jongeren vandaag totaal niet klaar voor de arbeidsmarkt. Jarenlang zitten ze in een systeem dat hen drilt dat fouten maken uit den boze is. Elke fout die ze maken wordt bestraft met een (of meerdere) punt(en) minder. En dan belanden ze plots in een werkomgeving waar het management hen zegt: fouten maken is oké, het is zelfs goed, het is een kans om iets bij te leren en je talenten nog te verbeteren. Kunt u zich voorstellen wat voor mentale omschakeling dit vergt? Natuurlijk zijn zij de eerste maanden - of zelfs jaren - bang om een slechte indruk te maken als ze een fout begaan. En dan kost het enige tijd om te beseffen dat het beter is om iets op de foute manier te doen dan om helemaal niets te doen. Maar waarom zou je hier kostbare tijd over laten verloren gaan terwijl ze ook tijdens hun schooltijd die boodschap kunnen meekrijgen?

Als u dit allemaal kunt realiseren, beste minister Weyts, dan zal u van uw termijn als minister van onderwijs, een enorm succes maken. Ik hoop dat ik u op het einde van deze regeerperiode van harte zal kunnen feliciteren. Ik wens u alleszins veel succes!