De aanklacht, neergelegd voor de rechtbank in Californië, stelt dat Apple willens en wetens Facetime heeft 'gebroken' voor gebruikers die niet de laatste nieuwe iPhone of iOS hadden. De zaak gaat terug naar april 2014, toen Apple een digitaal certificaat liet vervallen. Daarmee werd het gebruik van de videoconferencingdienst onmogelijk voor iedereen die op dat moment iOS 6 of lager gebruikte. Volgens Apple ging het om een bug, die werd opgelost in iOS7. Uit interne documenten moet nu blijken dat Apple wist dat de software zou stoppen met werken, en dat het dingen op hun beloop liet om mensen te overtuigen over te stappen.

Oudere gebruikers kosten geld

De manier waarop FaceTime werkt verschilt namelijk grondig tussen iOS6 en 7. De vroegere versie van de videodienst werd, om patentredenen, over een relay gestuurd, waarvoor Apple moest betalen. Die van iOS7 en later werkt via peer-to-peer en kost Apple niets.

Volgens de aanklacht gebruikte Apple de 'bug' dan ook om mensen op hun nieuwe iOS te krijgen. Die laatste werd zes maanden eerder uitgerold, maar was een pak zwaarder voor de chip en de batterij dan nummer 6. Veel gebruikers zagen dan ook af van de upgrade, omdat die hun toestel zou vertragen. Tot opeens FaceTime niet meer werkte, en ze van Apple te horen kregen dat ze moesten upgraden of een nieuwe telefoon kopen.

Volgens de aanklacht kostten de gebruikers van iOS6 het bedrijf dus geld, en besloot het hen dan maar af te sluiten, omdat ze niet wilden niet upgraden naar nieuw iOS dat vermoedelijk hun telefoon zou vertragen, en ook niet wilden overstappen naar een nieuwe telefoon (wat de gebruikers dan weer geld zou kosten).

Terms of service

Nog volgens de aanklacht heeft Apple zo zonder toestemming ingegrepen op de smartphones van klanten, wetende dat het de werking van de telefoon zou hinderen. Specifiek stelt de klacht dat Apple wist dat het de gratis videoconferencingfunctie, die toen een van de grote pluspunten van het toestel was, onmogelijk zou maken.

Apple ontkent niet dat het de functie heeft afgesloten, maar argumenteert dat het dat mocht doen, omdat gebruikers hadden ingestemd met de servicevoorwaarden van de telefoon. De klacht is echter ontvankelijk verklaard, waardoor een groepsrechtszaak mogelijk wordt voor gedupeerden in de staat Californië. Wanneer die rechtszaak ooit uitgeprocedeerd zal zijn, is nog niet duidelijk.

Het is alvast niet de eerste keer dat Apple beschuldigd wordt van het 'motiveren' van upgrades. Eerder kwam al uit dat Apple oudere iPhones artificieel vertraagt om de batterij te sparen. In plaats van gebruikers te melden dat ze best hun versleten batterij kunnen vervangen, zou het bedrijf zo zijn klanten willen sturen richting het kopen van een nieuwer toestel.