Het gaat om update 12.4.1 voor iOS die de eerdere update (12.4) vervangt. Die laatste, die al in juli werd uitgerold, maakte het onbedoeld mogelijk om een iPhone te jailbreaken. Daarbij kan je als gebruiker volledige toegang tot het toestel krijgen en bijvoorbeeld apps installeren die niet in de App Store zitten. Maar dat zet ook de deur open voor hackers en kwaadaardige software.

Het kostte Apple flink wat werk om het veiligheidsprobleem te dichten. De kwetsbaarheid, ook gekend als CVE-2019-8605, werd in maart gemeld aan het bedrijf. In mei volgde een update om dat op te lossen, maar de update in juni (12.4) maakte jailbreaken opnieuw mogelijk, zo raakte vorige week bekend.

Vorige week raadden we nog af om geen apps te downloaden zo lang er geen nieuwe update is. Wie zijn toestel nu update tot versie 12.4.1, kan dit opnieuw veilig doen.