QinetiQ is door het European Space Agency geselecteerd om een nieuwe satelliet te bouwen. De kunstmaan wordt eind 2023 opgeleverd en zal dertien nieuwe technologieën testen.

Het initiatief wordt gefinancierd door Europa en komt verder uit het Horizon 2020 In-Orbit Demonstration and Verification (IOD/IOV) initiatief. Dat moet de Europese concurrentie, onafhankelijkheid en innovatie in ruimtevaart ondersteunen.

Dat is ook merkbaar in de missie die de satelliet krijgt toegewezen. Grote ruimtevaartmissies vertrouwen doorgaans op technologie die al uitgebreid werd getest in de ruimte. De satelliet van QinetiQ gaat net nieuwe technologie testen in de ruimte, om onder meer te bepalen of die ook later kunnen gebruikt worden op andere missies.

PROBA-platform

De satelliet zal de laatste generatie van het PROBA-platform P200 gebruiken. Dat is een generisch platform dat verschillende ladingen (payloads) kan meenemen, maar ook compatibel is met verschillende raketten, standaardprotocollen en eenvoudige elektronische interfaces.

Zo ziet de satelliet die QinetiQ bouwt er uit., QinetiQ
Zo ziet de satelliet die QinetiQ bouwt er uit. © QinetiQ

Het is niet de eerste keer dat een Belgische satelliet de ruimte in gaat. Onder meer in 2009 stuurde het bedrijf een satelliet, de PROBA-2, naar de ruimte. In 2013 ging PROBA-V de ruimte in. Die satelliet bleef veel langer dan gepland actief en werd pas vorig jaar 'met pensioen' gestuurd.

In 2014 ging het even mis toen een raket van de NASA, de onbemande capsule Cygnus, ontplofte bij lancering. Ook daar waren experimenten van QinetiQ aanwezig.

Belgische vestiging van QinetiQ in Kruibeke was tot 2005 bekend als Verhaert Space. Sindsdien is het voor negentig procent in handen van het Britse Qinetiq, wiens naam het sindsdien draait. Maar de satelliet wordt wel degelijk in ons land, in de clean room in Kruibeke, ontwikkeld.

QinetiQ is door het European Space Agency geselecteerd om een nieuwe satelliet te bouwen. De kunstmaan wordt eind 2023 opgeleverd en zal dertien nieuwe technologieën testen.Het initiatief wordt gefinancierd door Europa en komt verder uit het Horizon 2020 In-Orbit Demonstration and Verification (IOD/IOV) initiatief. Dat moet de Europese concurrentie, onafhankelijkheid en innovatie in ruimtevaart ondersteunen.Dat is ook merkbaar in de missie die de satelliet krijgt toegewezen. Grote ruimtevaartmissies vertrouwen doorgaans op technologie die al uitgebreid werd getest in de ruimte. De satelliet van QinetiQ gaat net nieuwe technologie testen in de ruimte, om onder meer te bepalen of die ook later kunnen gebruikt worden op andere missies.De satelliet zal de laatste generatie van het PROBA-platform P200 gebruiken. Dat is een generisch platform dat verschillende ladingen (payloads) kan meenemen, maar ook compatibel is met verschillende raketten, standaardprotocollen en eenvoudige elektronische interfaces.Het is niet de eerste keer dat een Belgische satelliet de ruimte in gaat. Onder meer in 2009 stuurde het bedrijf een satelliet, de PROBA-2, naar de ruimte. In 2013 ging PROBA-V de ruimte in. Die satelliet bleef veel langer dan gepland actief en werd pas vorig jaar 'met pensioen' gestuurd.In 2014 ging het even mis toen een raket van de NASA, de onbemande capsule Cygnus, ontplofte bij lancering. Ook daar waren experimenten van QinetiQ aanwezig.Belgische vestiging van QinetiQ in Kruibeke was tot 2005 bekend als Verhaert Space. Sindsdien is het voor negentig procent in handen van het Britse Qinetiq, wiens naam het sindsdien draait. Maar de satelliet wordt wel degelijk in ons land, in de clean room in Kruibeke, ontwikkeld.