In een onderzoek van Google en de Princeton-universiteit kwam onlangs naar voren dat het Verenigd Koninkrijk is gedaald van nummer 31 naar nummer 35 op de lijst van snelste internetverbindingen ter wereld. België staat in die lijst op nummer 6, net voor Nederland (7e) en Luxemburg (8e). Daarbij heeft het Verenigd Koninkrijk een van de laagste percentages in toegang tot glasvezelverbindingen binnen Europa. Slechts 4 procent van de Britse gebouwen heeft glasvezel, vergeleken met 95 procent in Portugal.

De Britse regering vindt wel dat er investeringen moeten komen uit de private sector. Vooral in moeilijk te bereiken gebieden hebben lokale autoriteiten niet het geld om zich aan te laten sluiten op het glasvezelnetwerk. Ook wordt het moeilijk om mensen te overtuigen om over te stappen. Veel Britse internetgebruikers vrezen dat zij bij de overstap geen verbinding zullen hebben en zijn tevreden met hun huidige verbindingssnelheid.

De cijfers van landen zoals Spanje en Portugal, met veel glasvezelverbindingen, verdienen wel enige nuance. Dat komt omdat glasvezel een van de eerste netwerkverbindingen was waarop mensen zich konden laten aansluiten.

België is op dat vlak geen glasvezel-voorloper en heeft Proximus pas 2,5 jaar geleden besloten om te investeren in een grootschalige uitrol van glasvezel tot aan de huizen (FTTH of FTTB). Al komt dat vooral omdat de operator in de jaren daarvoor de snelheid via koperverbindingen telkens kon verhogen, waardoor de zware investering telkens kon uitgesteld.

In een onderzoek van Google en de Princeton-universiteit kwam onlangs naar voren dat het Verenigd Koninkrijk is gedaald van nummer 31 naar nummer 35 op de lijst van snelste internetverbindingen ter wereld. België staat in die lijst op nummer 6, net voor Nederland (7e) en Luxemburg (8e). Daarbij heeft het Verenigd Koninkrijk een van de laagste percentages in toegang tot glasvezelverbindingen binnen Europa. Slechts 4 procent van de Britse gebouwen heeft glasvezel, vergeleken met 95 procent in Portugal.De Britse regering vindt wel dat er investeringen moeten komen uit de private sector. Vooral in moeilijk te bereiken gebieden hebben lokale autoriteiten niet het geld om zich aan te laten sluiten op het glasvezelnetwerk. Ook wordt het moeilijk om mensen te overtuigen om over te stappen. Veel Britse internetgebruikers vrezen dat zij bij de overstap geen verbinding zullen hebben en zijn tevreden met hun huidige verbindingssnelheid.De cijfers van landen zoals Spanje en Portugal, met veel glasvezelverbindingen, verdienen wel enige nuance. Dat komt omdat glasvezel een van de eerste netwerkverbindingen was waarop mensen zich konden laten aansluiten.België is op dat vlak geen glasvezel-voorloper en heeft Proximus pas 2,5 jaar geleden besloten om te investeren in een grootschalige uitrol van glasvezel tot aan de huizen (FTTH of FTTB). Al komt dat vooral omdat de operator in de jaren daarvoor de snelheid via koperverbindingen telkens kon verhogen, waardoor de zware investering telkens kon uitgesteld.