In de nieuwe regels staat dat elk apparaat een 'uniek' voorgeprogrammeerd wachtwoord moet hebben, of dat klanten een apparaat pas moeten kunnen gebruiken wanneer ze zelf een sterk wachtwoord hebben aangemaakt.

De nieuwe regels hebben te maken met de opkomst van het Internet of Things. In huis, op straat en op kantoor staan steeds meer slimme apparaten, die verbonden zijn met elkaar en met de rest van de wereld. Het gaat bijvoorbeeld om speelgoed, babyfoons, printers, elektrische tandenborstels en bewakingscamera's. Fabrikanten steken vaak niet veel tijd en geld in de beveiliging, omdat dit de apparaten duurder en minder toegankelijk maakt. Maar dat maakt ze ook kwetsbaar. Hackers kunnen de apparaten bijvoorbeeld overnemen en gebruiken voor gecoördineerde cyberaanvallen.