De kinderen vinden dat video-sharing sites zoals YouTube de meeste risico's inhouden, gevolgd door websites (29 procent), sociale media (13 procent) en games (10 procent).

Ze vinden online filmpjes schokkend omdat de inhoud echt is of erg realistisch lijkt, en worden vooral geschokt door het zien van wreedheid, moord, dierenmishandeling en zelfs het nieuws. Ook gedragsgerelateerde risico's zoals cyberpesten worden vaak aangestipt. Jongens zijn over het algemeen bezorgd over gewelddadige content, meisjes over contactgerelateerde risico's.

Het rapport werd niet toevallig op dinsdag 5 februari gepubliceerd, de internationale dag voor een veilig internet. In ons land werd het onderzoek uitgevoerd door professor Leen d'Haenens van het Instituut voor Mediastudies van de KU Leuven. (Belga/MI)