De autonome shuttles kunnen andere weggebruikers zoals voetgangers en fietsers detecteren zodat botsingen op die trajecten vermeden kunnen worden. De shuttles zijn daarvoor uitgerust met vier 'lidars', die met lasertechnologie de omgeving scannen. De techniek, die ook in de zelfrijdende wagens van Google-dochter Waymo wordt gebruikt, is vergelijkbaar met radar, maar gebruikt licht in plaats van radiogolven.

Belga
© Belga

De milieuvriendelijke shuttles kunnen een tiental personen vervoeren en zijn ideaal om korte vastgelegde trajecten zelfstandig te overbruggen. Tijdens de test rijden ze zo'n 11 km/u, maar ze kunnen in principe 20 km/u halen.

Momenteel worden ze gebruikt in een 'beschermde' omgeving waarbij er geen interactie is met andere wagens. In de toekomst zullen ze wellicht als aanvullend transportmiddel ingezet worden: mensen rijden met hun eigen voertuig tot een een parking aan de rand van een stad, waarna ze overstappen op een zelfrijdende shuttle die hen naar het stadscentrum brengt, waar geen andere voertuigen toegelaten worden. Dat kan een perfecte aanvulling zijn op het huidige openbaar vervoer.

Werkpuntjes

Er zijn ook enkele werkpunten aan de nieuwe technologie. Zo zijn extreme weersomstandigheden problematisch voor de autonome shuttle. Felle regen, hevige mist, en zeker sneeuw kunnen ervoor zorgen dat het zicht van de lasers belemmerd wordt waardoor de omgeving niet accuraat wordt gescand. De batterijen zijn bovendien niet voorzien op extreme temperaturen zoals vrieskou of temperaturen boven de 40 graden Celsius. Ook de openbare infrastructuur moet aanzienlijk worden verbeterd, zodat zelfrijdende shuttles de verkeersborden en rijstroken goed kunnen detecteren, als ze op de openbare weg willen rondrijden.

Vanaf begin 2018 zullen er tests plaatsvinden met volledig autonome voertuigen op de openbare weg.

De autonome shuttles kunnen andere weggebruikers zoals voetgangers en fietsers detecteren zodat botsingen op die trajecten vermeden kunnen worden. De shuttles zijn daarvoor uitgerust met vier 'lidars', die met lasertechnologie de omgeving scannen. De techniek, die ook in de zelfrijdende wagens van Google-dochter Waymo wordt gebruikt, is vergelijkbaar met radar, maar gebruikt licht in plaats van radiogolven.De milieuvriendelijke shuttles kunnen een tiental personen vervoeren en zijn ideaal om korte vastgelegde trajecten zelfstandig te overbruggen. Tijdens de test rijden ze zo'n 11 km/u, maar ze kunnen in principe 20 km/u halen.Momenteel worden ze gebruikt in een 'beschermde' omgeving waarbij er geen interactie is met andere wagens. In de toekomst zullen ze wellicht als aanvullend transportmiddel ingezet worden: mensen rijden met hun eigen voertuig tot een een parking aan de rand van een stad, waarna ze overstappen op een zelfrijdende shuttle die hen naar het stadscentrum brengt, waar geen andere voertuigen toegelaten worden. Dat kan een perfecte aanvulling zijn op het huidige openbaar vervoer. Er zijn ook enkele werkpunten aan de nieuwe technologie. Zo zijn extreme weersomstandigheden problematisch voor de autonome shuttle. Felle regen, hevige mist, en zeker sneeuw kunnen ervoor zorgen dat het zicht van de lasers belemmerd wordt waardoor de omgeving niet accuraat wordt gescand. De batterijen zijn bovendien niet voorzien op extreme temperaturen zoals vrieskou of temperaturen boven de 40 graden Celsius. Ook de openbare infrastructuur moet aanzienlijk worden verbeterd, zodat zelfrijdende shuttles de verkeersborden en rijstroken goed kunnen detecteren, als ze op de openbare weg willen rondrijden.Vanaf begin 2018 zullen er tests plaatsvinden met volledig autonome voertuigen op de openbare weg.