Apple had sinds 2015 een akkoord met Ericsson om tegen vergoeding diens patenten rond 2G, 3G en 4G te gebruiken. Die afspraak liep af en de twee raakten niet tot een nieuw akkoord. Ericsson zegt dat Apple minder wil betalen, Apple zegt dat Ericsson haar machtspositie (door haar enorme patentportfolio) misbruikt. Dat zorgde er vorig jaar al voor dat beiden elkaar aanklaagden.

Nu begint Ericsson een nieuwe rechtszaak waarbij het vijf dollar per verkochte iPhone wil, schrijft Reuters, voor de gebruikte technologie, waar nu ook 5G bij zit. Als Apple daar akkoord mee gaat, dan wil het ook één dollar korting geven.

Of Apple zich daar wil naar schikken zal nog moeten blijken, want sinds het akkoord uit 2015 kocht Apple (in 2019) de meerderheid van Intel's smartphone modem business, dat ook een pak patenten rond draadloze technologie omvat. Ericsson heeft er zo'n 57.000, Apple spreekt voor haar eigen portfolio, inclusief de overname van de modemafdeling van Intel, over 17.000 patenten.

Veel details om veel geld

Dergelijke rechtszaken zijn regelmatige kost onder telecombedrijven. Belangrijk om te weten is dat het maar deels om technologie gaat en deels om het 'recht' om geld te eisen van een belangrijke smartphoneverkoper.

Een smartphone bevat verschillende standaardaardiseerde technologiën rond 2G, 3G, 4G en nu ook 5G. Wie een toestel maakt moet daarom ook vergoedingen betalen aan de bedrijven die hebben bijgedragen tot die gestandaardiseerde technologie. Ericsson is zo'n bedrijf en investeerde nu en in het verleden in ontwikkelingen die het kon patenteren.

Dat maakt dat een bedrijf als Ericsson, dat wel nog zendmastappratuur maakt, maar al lang geen eigen smartphones uitbrengt, wel nog ongeveer één derde van haar operationele omzet haalt uit licenties voor andere toestelmakers, zoals Apple.

Vaak bulken zulke zaken ook van sterke beweringen en eisen, bijvoorbeeld een verkoopsverbod in een belangrijke markt, of zeer veel geld voor illegaal gebruik van technologie. In praktijk zijn het vooral argumenten die de rechtszaak in hun voordeel moeten beslechten. Zo kan het zijn dat de rechter beslist dat Apple intussen zelf zoveel patenten bezit waardoor het minder moet betalen aan Ericsson. Een andere optie is dat zulke zaken een stevige stok achter de deur zijn om de zaak alsnog onderling te regelen.

Apple had sinds 2015 een akkoord met Ericsson om tegen vergoeding diens patenten rond 2G, 3G en 4G te gebruiken. Die afspraak liep af en de twee raakten niet tot een nieuw akkoord. Ericsson zegt dat Apple minder wil betalen, Apple zegt dat Ericsson haar machtspositie (door haar enorme patentportfolio) misbruikt. Dat zorgde er vorig jaar al voor dat beiden elkaar aanklaagden.Nu begint Ericsson een nieuwe rechtszaak waarbij het vijf dollar per verkochte iPhone wil, schrijft Reuters, voor de gebruikte technologie, waar nu ook 5G bij zit. Als Apple daar akkoord mee gaat, dan wil het ook één dollar korting geven.Of Apple zich daar wil naar schikken zal nog moeten blijken, want sinds het akkoord uit 2015 kocht Apple (in 2019) de meerderheid van Intel's smartphone modem business, dat ook een pak patenten rond draadloze technologie omvat. Ericsson heeft er zo'n 57.000, Apple spreekt voor haar eigen portfolio, inclusief de overname van de modemafdeling van Intel, over 17.000 patenten.Dergelijke rechtszaken zijn regelmatige kost onder telecombedrijven. Belangrijk om te weten is dat het maar deels om technologie gaat en deels om het 'recht' om geld te eisen van een belangrijke smartphoneverkoper.Een smartphone bevat verschillende standaardaardiseerde technologiën rond 2G, 3G, 4G en nu ook 5G. Wie een toestel maakt moet daarom ook vergoedingen betalen aan de bedrijven die hebben bijgedragen tot die gestandaardiseerde technologie. Ericsson is zo'n bedrijf en investeerde nu en in het verleden in ontwikkelingen die het kon patenteren.Dat maakt dat een bedrijf als Ericsson, dat wel nog zendmastappratuur maakt, maar al lang geen eigen smartphones uitbrengt, wel nog ongeveer één derde van haar operationele omzet haalt uit licenties voor andere toestelmakers, zoals Apple.Vaak bulken zulke zaken ook van sterke beweringen en eisen, bijvoorbeeld een verkoopsverbod in een belangrijke markt, of zeer veel geld voor illegaal gebruik van technologie. In praktijk zijn het vooral argumenten die de rechtszaak in hun voordeel moeten beslechten. Zo kan het zijn dat de rechter beslist dat Apple intussen zelf zoveel patenten bezit waardoor het minder moet betalen aan Ericsson. Een andere optie is dat zulke zaken een stevige stok achter de deur zijn om de zaak alsnog onderling te regelen.