"Er is naar mijn mening geen twijfel over dat kunstmatige intelligentie gereguleerd moet worden", schrijft Sundar Pichai in zijn opinie in de krant Financial Times, "de vraag is alleen hoe we dat aanpakken."

De baas van Google doet alvast enkele suggesties rond bijvoorbeeld een lijst met 'kernwaarden' waaraan onderzoekers zich moeten houden en voor het gebruik van openbron tools (die Google al ontwikkeld heeft) om AI te testen op enkele principes en te toetsen aan bestaande regulering zoals de Europese privacywetgeving.

Angel in de tekst is Pichai's waarschuwing dat 'AI het potentieel heeft om miljarden levens te verbeteren', waarbij het grootste risico, volgens de opinie, ligt bij het niet aanwenden van de technologie. Pichai legt de nadruk op al het goede dat zijn techgigant doet voor de wereld, zoals recent onderzoek waarbij AI borstkanker kan herkennen. Daarbij probeert hij de 'mogelijk negatieve gevolgen' zoveel mogelijk te minimaliseren.

Het lijkt er dus vooral op dat Pichai oproept om wat basisregels voor AI te schrijven, maar geen wetten te maken die zijn eigen techgigant in de weg kunnen staan. Zo is hij voorstander van een ban op deepfakes en van het gebruik van gezichtsherkenning door overheden. Dat laatste is niet toevallig een sector waar Google niet aan de bak komt, terwijl concurrenten als Amazon, Microsoft en Palantir net wel lucratieve contracten met politie en overheden hebben.

Google is erg actief in het ontwikkelen van AI en heeft er dus alle belang bij om de conversatie rond relevante wetgeving een beetje te sturen. De opinie komt er op een moment dat verschillende overheden beginnen na te denken over een AI-wetgeving. De Europese Commissie werkt bijvoorbeeld aan regulering voor AI en ook in de VS begint de overheid na te denken over regels voor kunstmatige intelligentie (die waarschijnlijk een pak minder restrictief zullen zijn dan die van de EU). In zijn opinie roept Pichai alvast op tot internationale gesprekken tussen de Verenigde Staten en de EU, om die toekomstige regelgevingen gelijk te trekken.

"Er is naar mijn mening geen twijfel over dat kunstmatige intelligentie gereguleerd moet worden", schrijft Sundar Pichai in zijn opinie in de krant Financial Times, "de vraag is alleen hoe we dat aanpakken."De baas van Google doet alvast enkele suggesties rond bijvoorbeeld een lijst met 'kernwaarden' waaraan onderzoekers zich moeten houden en voor het gebruik van openbron tools (die Google al ontwikkeld heeft) om AI te testen op enkele principes en te toetsen aan bestaande regulering zoals de Europese privacywetgeving. Angel in de tekst is Pichai's waarschuwing dat 'AI het potentieel heeft om miljarden levens te verbeteren', waarbij het grootste risico, volgens de opinie, ligt bij het niet aanwenden van de technologie. Pichai legt de nadruk op al het goede dat zijn techgigant doet voor de wereld, zoals recent onderzoek waarbij AI borstkanker kan herkennen. Daarbij probeert hij de 'mogelijk negatieve gevolgen' zoveel mogelijk te minimaliseren. Het lijkt er dus vooral op dat Pichai oproept om wat basisregels voor AI te schrijven, maar geen wetten te maken die zijn eigen techgigant in de weg kunnen staan. Zo is hij voorstander van een ban op deepfakes en van het gebruik van gezichtsherkenning door overheden. Dat laatste is niet toevallig een sector waar Google niet aan de bak komt, terwijl concurrenten als Amazon, Microsoft en Palantir net wel lucratieve contracten met politie en overheden hebben.Google is erg actief in het ontwikkelen van AI en heeft er dus alle belang bij om de conversatie rond relevante wetgeving een beetje te sturen. De opinie komt er op een moment dat verschillende overheden beginnen na te denken over een AI-wetgeving. De Europese Commissie werkt bijvoorbeeld aan regulering voor AI en ook in de VS begint de overheid na te denken over regels voor kunstmatige intelligentie (die waarschijnlijk een pak minder restrictief zullen zijn dan die van de EU). In zijn opinie roept Pichai alvast op tot internationale gesprekken tussen de Verenigde Staten en de EU, om die toekomstige regelgevingen gelijk te trekken.