De dataretentiewet is het wettelijk kader waarmee internetspelers en telecomoperatoren metadata van hun gebruikers mogen en moeten bewaren gedurende een jaar. Het gaat daarbij om zogenaamde metadata: naar wie je belt, sms't, mailt en wanneer je dat doet. De inhoud valt daar niet onder.

Gisteren besliste het Grondwettelijk hof in een arrest dat de verplichting tot die bewaring wordt vernietigt. In het arrest klinkt het dat de wet van 29 mei 2016 niet overeenstemt met de uitzonderingen die het Europees Hof van Justitie toelaat. Of anders gezegd: de wet gaat te ver in het ondermijnen van de individuele privacy.

De wet maakt het voor politiediensten en justitie mogelijk om het digitaal gedrag van burgers onder de loep te kunnen nemen, als daar vermoeden is van ernstige misdrijven. Door de vernietiging komt de wettelijke basis voor de informatievergaring en bewaring op losse schroeven.

Iedereen wil zekerheid

Operatoren zelf regeren samen teleurgesteld op het arrest. Sectorvereniging ISPA merkt op dat het al de zesde aangepaste versie is van de wet die de grondrechten niet respecteert. Zo werd de wet onder meer in 2015 al eens teruggefloten, aangepast en nadien opnieuw teruggefloten.

Maar de sector vraagt vooral rechtszekerheid. Operatoren worden immers verplicht om mee te werken met justitie, maar de wet die dat moet toelaten is in strijd met de grondwet.

'Onze leden willen medewerking verlenen aan justitie en inlichtingendiensten, maar ook de rechten van hun gebruikers beschermen. Er is op korte termijn nood aan een sluitend wettelijk kader.' Aldus ISPA-woordvoerder Lawrence Kerknawi.

Mensenrechten

De zaak werd aangespannen door de Ordre des barreaux francophones et germanophone, de Académie fiscale, Liga voor de Mensenrechten, Ligue des Droits de l'Homme en verschillende particulieren.

De Liga voor de Mensenrechten is tevreden, zegt het aan Belga. Voorzitter Kati Verstrepen spreekt van slecht wetgevend werk waarbij de termijn van twaalf maanden te lang is en de informatievergaring te omvangrijk is. Ook dat elke politiedienst of andere veiligheidsdienst zomaar toegang heeft tot die gegevens, en dat die kunnen gedeeld worden met buitenlandse diensten, is volgens haar een probleem.

'Had men naar mensenrechtenorganisaties geluisterd, dan hadden we nu een dataretentiewet gehad die conform is aan de Grondwet en de internationale verdragen, én die een degelijke misdaadbestrijding toelaat.'

Reparatiewet

De betrokken ministers, Petra De Sutter (Telecom), Vincent Van Quickenborne (Justitie) en Ludivine Dedonder (Defensie) zeggen in een gezamenlijke verklaring dat ze het arrest respecteren.

Maar het arrest dwingt de regering ook om snel met een tijdelijk alternatief te komen. Om het wettelijk kader te behouden komt er zo snel mogelijk een reparatiewet die rekening zal houden met de opmerkingen van het arrest.

De wet mag dan wel onze grondrechten schenden, zonder wordt het een pak lastiger voor politie en justitie om criminelen te vatten en te veroordelen. 'In 90 procent van de strafrechtelijke dossiers gebruiken justitie en politie telefoongegevens om zaken op te lossen. Precies daarom zijn deze gegevens voor onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten een cruciaal wapen in de strijd tegen de georganiseerde misdaad en terreur.' Aldus minister van Justitie Vincent Van Quickenborne.

De dataretentiewet is het wettelijk kader waarmee internetspelers en telecomoperatoren metadata van hun gebruikers mogen en moeten bewaren gedurende een jaar. Het gaat daarbij om zogenaamde metadata: naar wie je belt, sms't, mailt en wanneer je dat doet. De inhoud valt daar niet onder.Gisteren besliste het Grondwettelijk hof in een arrest dat de verplichting tot die bewaring wordt vernietigt. In het arrest klinkt het dat de wet van 29 mei 2016 niet overeenstemt met de uitzonderingen die het Europees Hof van Justitie toelaat. Of anders gezegd: de wet gaat te ver in het ondermijnen van de individuele privacy.De wet maakt het voor politiediensten en justitie mogelijk om het digitaal gedrag van burgers onder de loep te kunnen nemen, als daar vermoeden is van ernstige misdrijven. Door de vernietiging komt de wettelijke basis voor de informatievergaring en bewaring op losse schroeven.Operatoren zelf regeren samen teleurgesteld op het arrest. Sectorvereniging ISPA merkt op dat het al de zesde aangepaste versie is van de wet die de grondrechten niet respecteert. Zo werd de wet onder meer in 2015 al eens teruggefloten, aangepast en nadien opnieuw teruggefloten.Maar de sector vraagt vooral rechtszekerheid. Operatoren worden immers verplicht om mee te werken met justitie, maar de wet die dat moet toelaten is in strijd met de grondwet.'Onze leden willen medewerking verlenen aan justitie en inlichtingendiensten, maar ook de rechten van hun gebruikers beschermen. Er is op korte termijn nood aan een sluitend wettelijk kader.' Aldus ISPA-woordvoerder Lawrence Kerknawi.De zaak werd aangespannen door de Ordre des barreaux francophones et germanophone, de Académie fiscale, Liga voor de Mensenrechten, Ligue des Droits de l'Homme en verschillende particulieren.De Liga voor de Mensenrechten is tevreden, zegt het aan Belga. Voorzitter Kati Verstrepen spreekt van slecht wetgevend werk waarbij de termijn van twaalf maanden te lang is en de informatievergaring te omvangrijk is. Ook dat elke politiedienst of andere veiligheidsdienst zomaar toegang heeft tot die gegevens, en dat die kunnen gedeeld worden met buitenlandse diensten, is volgens haar een probleem.'Had men naar mensenrechtenorganisaties geluisterd, dan hadden we nu een dataretentiewet gehad die conform is aan de Grondwet en de internationale verdragen, én die een degelijke misdaadbestrijding toelaat.'De betrokken ministers, Petra De Sutter (Telecom), Vincent Van Quickenborne (Justitie) en Ludivine Dedonder (Defensie) zeggen in een gezamenlijke verklaring dat ze het arrest respecteren. Maar het arrest dwingt de regering ook om snel met een tijdelijk alternatief te komen. Om het wettelijk kader te behouden komt er zo snel mogelijk een reparatiewet die rekening zal houden met de opmerkingen van het arrest.De wet mag dan wel onze grondrechten schenden, zonder wordt het een pak lastiger voor politie en justitie om criminelen te vatten en te veroordelen. 'In 90 procent van de strafrechtelijke dossiers gebruiken justitie en politie telefoongegevens om zaken op te lossen. Precies daarom zijn deze gegevens voor onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten een cruciaal wapen in de strijd tegen de georganiseerde misdaad en terreur.' Aldus minister van Justitie Vincent Van Quickenborne.