Als het over 'zuivere' klimaattechnologie gaat, suggereert een recente studie van McKinsey dat de wereldwijde uitrol van mature klimaattechnologie in staat zou moeten zijn om tegen 2050 60% van de CO2-uitstoot te laten dalen. 25 tot 30% van deze technologieën zijn nog niet volgroeid, 10 tot 15% zit nog in de R&D-fase. 60 procent is reeds aanzienlijk, maar voor uitstootneutraliteit is nog 40% te gaan.

Maar er is meer. Slimme meters, artificiële intelligentie, machine learning, ... het zijn termen die vandaag de dag kwistig rond worden gestrooid in het debat rond de energietransitie. Is dit terecht? Door technologische innovatie en grotere productievolumes daalde de prijs van zonnepanelen de laatste jaren sterk. En hoewel de prijs recent door verhoging van de grondstofprijzen en tekort aan transportcapaciteit uit vooral China weer steeg, zijn de panelen al geruime tijd zonder subsidies veel rendabeler dan de rente op financiële producten, en dit op relatief korte termijn. De evolutie van elektrische voertuigen (EV) Is een ander voorbeeld, van de concept cars via de Tesla's tot bijvoorbeeld de Rimac One die door een TopGear-presentator in het decor van de Zwitserse bergen wordt bestuurd. De (technische) evolutie van EV gaat snel, niet alleen qua voertuigen zelf, maar zeker ook qua performantie, productiekost en rijbereik. Voor bepaalde hernieuwbare energieprojecten daalde de kost over de voorbije 10 jaar met bijna 90%.

Het data-gedreven efficiënt samen laten werken van subsystemen is iets waar technologie uitstekend voor geschikt is.

De technologie wordt slimmer. Energierecuperatie bij het afremmen op de motor, slim schakelen, het optimaliseren van (sub)systemen zoals navigatie maar ook airco/verwarming in een wagen en slimmere batterijen verhogen het reële rijbereik met meer dan 30%. Slimmere analysetechnieken of artificiële intelligentie geven nu reeds nieuwe inzichten, patronen die door de veelheid en snelheid van data niet meer door het menselijk brein verwerkt kunnen worden.

Ook op energiegebied is deze technologie inzetbaar en bruikbaar. In tegenstelling tot klassieke analoge elektriciteits- en gasmeters die één meetwaarde per jaar genereerden, zijn de nieuwe digitale meters in staat om (voor elektriciteit) 15-minuten verbruikswaarden en (voor gas) 60-minuten verbruikswaarden te genereren. Het analyseren van deze datastromen kan veel betere inzichten opleveren in verbruikspatronen of (seizoens)schommelingen of afhankelijkheden aan de oppervlakte brengen die moeilijker meetbaar laat staan voorspelbaar zijn (bijvoorbeeld voorspellingen qua weer of consumentenvertrouwen). Fluvius, de Vlaamse distributiebeheerder, stelt nog steeds 80% van alle Vlaamse aansluitingen van digitale meters voorop tegen 2024, en 100% tegen 2029.

Slimme technologie slim inzetten

In specifieke, beperkte en welomlijnde omstandigheden tonen deze slimme technologieën momenteel reeds mooie resultaten. De vraag is echter of hier niet meer in zit? Als je een bestaand huis energie-efficiënter wil maken, bestaan er al goed werkende oplossingen. Denk aan zonnepanelen, een warmtepomp, maar ook aan toestellen om sluipverbruik tegen te gaan, het gebouw beter te isoleren, het verbruik af te stemmen op lokaal geproduceerde energie of om warmte of energie op te slaan en op het juiste moment terug vrij te geven, ... Alleen werken deze toestellen en hun functies op dit moment slechts in zeer beperkte mate samen.

Kan technologie deze leemte invullen? Mogelijk wel. Niet alleen als integratie of verbinding tussen de verschillende (sub)technologieën, maar ook om het gebruik en het beheer van deze technologie gebruiksvriendelijker te maken. Op beide punten gaan we kort verder in.

Integreren & samenwerken, ook in België

Het data-gedreven efficiënt samen laten werken van subsystemen is iets waar technologie uitstekend voor geschikt is. De sector is de voorbije jaren verder blijven evolueren naar meer open systemen die intelligent en flexibel met elkaar verbonden kunnen worden, die verder opgeschaald kunnen worden en via een dashboards en KPI's (kritieke prestatie-indicatoren) een hoog niveau van efficiëntie kunnen bereiken. Op het niveau van een huis kan een domoticalaag verschillende systemen, zelfs van andere fabrikanten naadloos met elkaar laten samenwerken. Op het niveau van een land of regio kan dit toegepast worden op specifieke onderzoeksvragen, bijvoorbeeld op het meten en opvolgen van energiebesparende maatregelen voor (publieke) gebouwen. Hiervoor zijn specifieke, geoptimaliseerde algoritmes beschikbaar.

Op het niveau van een sector kan dit ook: de nieuwe UMIG-6 marktprocessen voor energie moeten toelaten de actoren, zowel leveranciers als distributeurs van energie, beter, sneller en vlotter met elkaar te laten samenwerken zodat de eindklant beter kan bediend worden. Atrias, het federale clearinghouse voor Energie, is begin deze maand gestart met de overgang naar de nieuwe marktprocessen en een nieuw, ééngemaakt clearinghouse (Centraal Mark Systeem, CMS).

Qua gebruiksgemak heeft de technologie ook grote stappen vooruitgezet. De cockpits van nieuwe wagens bijvoorbeeld tonen hoeveel data efficiënt verwerkt kan worden, (automatische) rijhulpsystemen zorgen ervoor dat het voertuig ook in moeilijke omstandigheden beheersbaar blijft en nieuwe data-gedreven systemen maken al gedeeltelijke de droom van een auto-pilot of zelfrijdende wagen waar. Om energie efficiënter te gebruiken, kunnen dezelfde technieken toegepast worden.

IT-toegevoegde waarde

Als we teruggrijpen naar onze beginvraag, die uiteraard wat provocatief is gesteld, kunnen we een eerste, voorzichtige conclusie formuleren. Technologie is niet het probleem, maar als het op de juiste manier gebruikt wordt, wel een deel van de oplossing. Alles inzetten op de technologie, zoals een aantal lidstaten ter voorbereiding van de top in Glasgow heeft gedaan (onder andere Australië), is te kort door de bocht. Maar Intelligentie, Integratie en Inzetbaarheid kunnen een hefboomeffect creëren om reeds gestarte initiatieven te versterken, en ook opvolgbaar, beheersbaar, stuurbaar én sociaal aanvaardbaarder te maken. Het maakt de actuele discussie, waar veel verschillende belangen spelen, niet gemakkelijker, maar het kan afspraken waar overeenstemming wordt bereikt, wel slagkrachtiger maken. Ook, en dit mag zeker de nodige aandacht krijgen, ook in België.

Door Joost Laga en Alexis Delogne. De auteurs werken voor IT-dienstenleverancier DXC.Technology als Account Executive en Consulting Partner voor meerdere klanten in de Belgische Energy & Utility-sector en schrijven in eigen naam.

Als het over 'zuivere' klimaattechnologie gaat, suggereert een recente studie van McKinsey dat de wereldwijde uitrol van mature klimaattechnologie in staat zou moeten zijn om tegen 2050 60% van de CO2-uitstoot te laten dalen. 25 tot 30% van deze technologieën zijn nog niet volgroeid, 10 tot 15% zit nog in de R&D-fase. 60 procent is reeds aanzienlijk, maar voor uitstootneutraliteit is nog 40% te gaan.Maar er is meer. Slimme meters, artificiële intelligentie, machine learning, ... het zijn termen die vandaag de dag kwistig rond worden gestrooid in het debat rond de energietransitie. Is dit terecht? Door technologische innovatie en grotere productievolumes daalde de prijs van zonnepanelen de laatste jaren sterk. En hoewel de prijs recent door verhoging van de grondstofprijzen en tekort aan transportcapaciteit uit vooral China weer steeg, zijn de panelen al geruime tijd zonder subsidies veel rendabeler dan de rente op financiële producten, en dit op relatief korte termijn. De evolutie van elektrische voertuigen (EV) Is een ander voorbeeld, van de concept cars via de Tesla's tot bijvoorbeeld de Rimac One die door een TopGear-presentator in het decor van de Zwitserse bergen wordt bestuurd. De (technische) evolutie van EV gaat snel, niet alleen qua voertuigen zelf, maar zeker ook qua performantie, productiekost en rijbereik. Voor bepaalde hernieuwbare energieprojecten daalde de kost over de voorbije 10 jaar met bijna 90%.De technologie wordt slimmer. Energierecuperatie bij het afremmen op de motor, slim schakelen, het optimaliseren van (sub)systemen zoals navigatie maar ook airco/verwarming in een wagen en slimmere batterijen verhogen het reële rijbereik met meer dan 30%. Slimmere analysetechnieken of artificiële intelligentie geven nu reeds nieuwe inzichten, patronen die door de veelheid en snelheid van data niet meer door het menselijk brein verwerkt kunnen worden. Ook op energiegebied is deze technologie inzetbaar en bruikbaar. In tegenstelling tot klassieke analoge elektriciteits- en gasmeters die één meetwaarde per jaar genereerden, zijn de nieuwe digitale meters in staat om (voor elektriciteit) 15-minuten verbruikswaarden en (voor gas) 60-minuten verbruikswaarden te genereren. Het analyseren van deze datastromen kan veel betere inzichten opleveren in verbruikspatronen of (seizoens)schommelingen of afhankelijkheden aan de oppervlakte brengen die moeilijker meetbaar laat staan voorspelbaar zijn (bijvoorbeeld voorspellingen qua weer of consumentenvertrouwen). Fluvius, de Vlaamse distributiebeheerder, stelt nog steeds 80% van alle Vlaamse aansluitingen van digitale meters voorop tegen 2024, en 100% tegen 2029.In specifieke, beperkte en welomlijnde omstandigheden tonen deze slimme technologieën momenteel reeds mooie resultaten. De vraag is echter of hier niet meer in zit? Als je een bestaand huis energie-efficiënter wil maken, bestaan er al goed werkende oplossingen. Denk aan zonnepanelen, een warmtepomp, maar ook aan toestellen om sluipverbruik tegen te gaan, het gebouw beter te isoleren, het verbruik af te stemmen op lokaal geproduceerde energie of om warmte of energie op te slaan en op het juiste moment terug vrij te geven, ... Alleen werken deze toestellen en hun functies op dit moment slechts in zeer beperkte mate samen. Kan technologie deze leemte invullen? Mogelijk wel. Niet alleen als integratie of verbinding tussen de verschillende (sub)technologieën, maar ook om het gebruik en het beheer van deze technologie gebruiksvriendelijker te maken. Op beide punten gaan we kort verder in.Het data-gedreven efficiënt samen laten werken van subsystemen is iets waar technologie uitstekend voor geschikt is. De sector is de voorbije jaren verder blijven evolueren naar meer open systemen die intelligent en flexibel met elkaar verbonden kunnen worden, die verder opgeschaald kunnen worden en via een dashboards en KPI's (kritieke prestatie-indicatoren) een hoog niveau van efficiëntie kunnen bereiken. Op het niveau van een huis kan een domoticalaag verschillende systemen, zelfs van andere fabrikanten naadloos met elkaar laten samenwerken. Op het niveau van een land of regio kan dit toegepast worden op specifieke onderzoeksvragen, bijvoorbeeld op het meten en opvolgen van energiebesparende maatregelen voor (publieke) gebouwen. Hiervoor zijn specifieke, geoptimaliseerde algoritmes beschikbaar.Op het niveau van een sector kan dit ook: de nieuwe UMIG-6 marktprocessen voor energie moeten toelaten de actoren, zowel leveranciers als distributeurs van energie, beter, sneller en vlotter met elkaar te laten samenwerken zodat de eindklant beter kan bediend worden. Atrias, het federale clearinghouse voor Energie, is begin deze maand gestart met de overgang naar de nieuwe marktprocessen en een nieuw, ééngemaakt clearinghouse (Centraal Mark Systeem, CMS).Qua gebruiksgemak heeft de technologie ook grote stappen vooruitgezet. De cockpits van nieuwe wagens bijvoorbeeld tonen hoeveel data efficiënt verwerkt kan worden, (automatische) rijhulpsystemen zorgen ervoor dat het voertuig ook in moeilijke omstandigheden beheersbaar blijft en nieuwe data-gedreven systemen maken al gedeeltelijke de droom van een auto-pilot of zelfrijdende wagen waar. Om energie efficiënter te gebruiken, kunnen dezelfde technieken toegepast worden. Als we teruggrijpen naar onze beginvraag, die uiteraard wat provocatief is gesteld, kunnen we een eerste, voorzichtige conclusie formuleren. Technologie is niet het probleem, maar als het op de juiste manier gebruikt wordt, wel een deel van de oplossing. Alles inzetten op de technologie, zoals een aantal lidstaten ter voorbereiding van de top in Glasgow heeft gedaan (onder andere Australië), is te kort door de bocht. Maar Intelligentie, Integratie en Inzetbaarheid kunnen een hefboomeffect creëren om reeds gestarte initiatieven te versterken, en ook opvolgbaar, beheersbaar, stuurbaar én sociaal aanvaardbaarder te maken. Het maakt de actuele discussie, waar veel verschillende belangen spelen, niet gemakkelijker, maar het kan afspraken waar overeenstemming wordt bereikt, wel slagkrachtiger maken. Ook, en dit mag zeker de nodige aandacht krijgen, ook in België.Door Joost Laga en Alexis Delogne. De auteurs werken voor IT-dienstenleverancier DXC.Technology als Account Executive en Consulting Partner voor meerdere klanten in de Belgische Energy & Utility-sector en schrijven in eigen naam.