De lancering gebeurt vanaf de Europese ruimtebasis Kourou in Frans-Guyana. De belangrijkste onderdelen van de draagraket zijn daar inmiddels aangekomen vanuit Europa. De James Webb zelf bevindt zich momenteel in een laboratorium in Californië en vertrekt eind deze maand richting de lanceerbasis.

Sporen van de oerknal

De James Webb moet de opvolger worden van de beroemde ruimtetelescoop Hubble. Die nadert na meer dan dertig jaar het einde van zijn loopbaan. De nieuwe telescoop is groter en scherper, en moet daardoor dingen ontdekken die voor de Hubble verborgen zijn gebleven. Bovendien gaat het nieuwe observatorium niet rond de aarde draaien, zoals de Hubble, maar rond de zon, op anderhalf miljoen kilometer afstand van de aarde. Op die plek moet de James Webb onder meer zoeken naar planeten waar misschien leven mogelijk is, verre sterrenstelsels en sporen van de oerknal.

Het project kost in totaal ongeveer acht miljard euro. De nieuwe ruimtetelescoop is ongeveer zo groot als een tennisbaan. De kern is een 6,5 meter grote spiegel van goud en beryllium die het licht uit de ruimte opvangt.

Moeizaam proces

De ontwikkeling van de James Webb ging moeizaam. Aan de telescoop wordt al sinds 1996 gewerkt en het was eerst de bedoeling dat hij al in 2007 zou worden gelanceerd, maar de deadline werd bijna jaarlijks verschoven. Zo bleken de ontwikkelaars langer dan verwacht nodig te hebben om alle nieuwe technologie aan boord goed te testen. Bovendien zijn er menselijke fouten gemaakt. Zo ontstonden er scheuren in een zonnescherm. Bij een trillingstest schoten zeventig bouten los. Ze vielen in de telescoop en een paar ervan zijn nog steeds niet teruggevonden. Vorig jaar leidde de corona-uitbraak tot een nieuwe vertraging.

De lancering gebeurt vanaf de Europese ruimtebasis Kourou in Frans-Guyana. De belangrijkste onderdelen van de draagraket zijn daar inmiddels aangekomen vanuit Europa. De James Webb zelf bevindt zich momenteel in een laboratorium in Californië en vertrekt eind deze maand richting de lanceerbasis.De James Webb moet de opvolger worden van de beroemde ruimtetelescoop Hubble. Die nadert na meer dan dertig jaar het einde van zijn loopbaan. De nieuwe telescoop is groter en scherper, en moet daardoor dingen ontdekken die voor de Hubble verborgen zijn gebleven. Bovendien gaat het nieuwe observatorium niet rond de aarde draaien, zoals de Hubble, maar rond de zon, op anderhalf miljoen kilometer afstand van de aarde. Op die plek moet de James Webb onder meer zoeken naar planeten waar misschien leven mogelijk is, verre sterrenstelsels en sporen van de oerknal.Het project kost in totaal ongeveer acht miljard euro. De nieuwe ruimtetelescoop is ongeveer zo groot als een tennisbaan. De kern is een 6,5 meter grote spiegel van goud en beryllium die het licht uit de ruimte opvangt.De ontwikkeling van de James Webb ging moeizaam. Aan de telescoop wordt al sinds 1996 gewerkt en het was eerst de bedoeling dat hij al in 2007 zou worden gelanceerd, maar de deadline werd bijna jaarlijks verschoven. Zo bleken de ontwikkelaars langer dan verwacht nodig te hebben om alle nieuwe technologie aan boord goed te testen. Bovendien zijn er menselijke fouten gemaakt. Zo ontstonden er scheuren in een zonnescherm. Bij een trillingstest schoten zeventig bouten los. Ze vielen in de telescoop en een paar ervan zijn nog steeds niet teruggevonden. Vorig jaar leidde de corona-uitbraak tot een nieuwe vertraging.