Over de komst van een eventuele vierde telecomspeler met een eigen netwerk - naast Proximus, Orange en Telenet/BASE - wordt al jaren gesproken. Sommige politici menen dat de consument er beter van zou worden. De gevestigde operatoren zien een extra concurrent echter niet zitten en waarschuwden dat het investeringen zou remmen en tot banenverlies zou leiden.

De deelstaten hebben ook tegengestribbeld: Vlaanderen wees op een mogelijke verstoring van de concurrentie, langs Franstalige kant was er bezorgdheid over de extra straling.

Federaal minister van Telecom Petra De Sutter (Groen) heeft nu bekendgemaakt dat de ministerraad de koninklijke besluiten voor een veiling van 5G-spectrum donderdag heeft goedgekeurd. Die veiling is verbonden met de eventuele komst van een vierde speler. De teksten gaan nu terug naar het Overlegcomité met de regio's.

De Sutter heeft het stuk spectrum voor een eventuele nieuwe speler in de nieuwe teksten beperkt en wil de veiling 'modulair' aanpakken. Navraag bij telecomregulator BIPT leert dat dit inhoudt dat een eventuele (buitenlandse) telecomspeler die met een volledig aanbod actief wil worden op de hele Belgische markt, mogelijk meer zal moeten betalen tijdens de veiling.

'Minder voorspelbaar'

Tot nu toe was immers een groter stuk spectrum gereserveerd voor de vierde speler. Een erg ambitieus telecombedrijf dat echt voluit wil gaan met veel klanten en ruime dekking, zal mogelijk alsnog moeten opbieden tegen de anderen. Voordien was er zoveel spectrum gereserveerd dat de prijs voor een volledige uitrol op voorhand bekend was. 'Het is minder voorspelbaar geworden', zegt BIPT-woordvoerder Jimmy Smedts.

De regeling lijkt in de kaart te spelen van het Belgische Citymesh, onderdeel van de Limburgse IT-groep Cegeka en de enige kandidaat die zich tot nu toe al publiekelijk gemanifesteerd heeft met de ambitie om de vierde speler te zijn. Voor dat bedrijf is de beslissing om het spectrum 'modulair'- in stukjes - te veilen wellicht een voordeel, erkent CEO Mitch De Geest. Als er geen bedrijf opduikt dat het hele pakket wil aanschaffen om voluit te gaan, kan Citymesh zich beperken tot delen van het aangeboden spectrum om zijn activiteiten voor bedrijven verder te ontwikkelen.

Of er nog andere kandidaten zullen opduiken naast Citymesh, is evenwel niet uitgesloten. Er verschuift momenteel veel in het Belgische telecomlandschap. Zo staat het vaste kabelnetwerk van VOO in Wallonië te koop. Telenet en Orange zijn kandidaten, maar er zouden ook buitenlandse investeerders op de loer liggen. Mogelijk zien zij brood in een combinatie van VOO met een nieuw mobiel netwerk.

Citymesh mikt in de eerste plaats op bedrijfsklanten. Het is nu al de facto een vierde speler, want het installeert private netwerken op bedrijfssites. Met extra spectrum wil het zijn aanbod uitbreiden. 'Voor een vierde speler biedt 5G een enorm potentieel in de industrie. Er komt een explosie van sensoren op ons af. Het potentieel is vele malen groter dan op de consumentenmarkt', legt hij uit.

Maar toch zou een 5G-licentie voor Citymesh ook de concurrentie op die markt voor consumenten ten goede komen, zegt De Geest. 'De grenzen tussen B2B en de consumentenmarkt vervagen', klinkt het. Het plan is dan ook om de bedrijven die een privaat netwerk laten installeren, zoals ziekenhuizen, scholen of havens, toe te laten hun werknemers ook een mobiel abonnement aan te bieden.

Citymesh zou die klanten dan op zijn eigen private netwerken op bedrijventerreinen kunnen laten bellen en surfen. Als ze buiten die netwerken komen, kunnen ze op het netwerk van Proximus terecht, waarmee Citymesh een overeenkomst heeft gesloten. De Geest wil die afhankelijkheid op termijn wel wegwerken, maar 'een eigen infrastructuur bouw je niet van vandaag op morgen', zegt hij.

'Gemiste kans'

Test Aankoop vindt de regeling die de federale regering voorstelt, 'een gemiste kans' om meer concurrentie te creëren op de Belgische telecommarkt. 'Integendeel, de bestaande netwerkoperatoren zullen een deel van hun investeringen in de 5G-netwerkinfrastructuur doorrekenen aan de consument, die dus het kind van de rekening zal zijn', aldus de organisatie.

Over de komst van een eventuele vierde telecomspeler met een eigen netwerk - naast Proximus, Orange en Telenet/BASE - wordt al jaren gesproken. Sommige politici menen dat de consument er beter van zou worden. De gevestigde operatoren zien een extra concurrent echter niet zitten en waarschuwden dat het investeringen zou remmen en tot banenverlies zou leiden.De deelstaten hebben ook tegengestribbeld: Vlaanderen wees op een mogelijke verstoring van de concurrentie, langs Franstalige kant was er bezorgdheid over de extra straling.Federaal minister van Telecom Petra De Sutter (Groen) heeft nu bekendgemaakt dat de ministerraad de koninklijke besluiten voor een veiling van 5G-spectrum donderdag heeft goedgekeurd. Die veiling is verbonden met de eventuele komst van een vierde speler. De teksten gaan nu terug naar het Overlegcomité met de regio's.De Sutter heeft het stuk spectrum voor een eventuele nieuwe speler in de nieuwe teksten beperkt en wil de veiling 'modulair' aanpakken. Navraag bij telecomregulator BIPT leert dat dit inhoudt dat een eventuele (buitenlandse) telecomspeler die met een volledig aanbod actief wil worden op de hele Belgische markt, mogelijk meer zal moeten betalen tijdens de veiling.Tot nu toe was immers een groter stuk spectrum gereserveerd voor de vierde speler. Een erg ambitieus telecombedrijf dat echt voluit wil gaan met veel klanten en ruime dekking, zal mogelijk alsnog moeten opbieden tegen de anderen. Voordien was er zoveel spectrum gereserveerd dat de prijs voor een volledige uitrol op voorhand bekend was. 'Het is minder voorspelbaar geworden', zegt BIPT-woordvoerder Jimmy Smedts.De regeling lijkt in de kaart te spelen van het Belgische Citymesh, onderdeel van de Limburgse IT-groep Cegeka en de enige kandidaat die zich tot nu toe al publiekelijk gemanifesteerd heeft met de ambitie om de vierde speler te zijn. Voor dat bedrijf is de beslissing om het spectrum 'modulair'- in stukjes - te veilen wellicht een voordeel, erkent CEO Mitch De Geest. Als er geen bedrijf opduikt dat het hele pakket wil aanschaffen om voluit te gaan, kan Citymesh zich beperken tot delen van het aangeboden spectrum om zijn activiteiten voor bedrijven verder te ontwikkelen.Of er nog andere kandidaten zullen opduiken naast Citymesh, is evenwel niet uitgesloten. Er verschuift momenteel veel in het Belgische telecomlandschap. Zo staat het vaste kabelnetwerk van VOO in Wallonië te koop. Telenet en Orange zijn kandidaten, maar er zouden ook buitenlandse investeerders op de loer liggen. Mogelijk zien zij brood in een combinatie van VOO met een nieuw mobiel netwerk.Citymesh mikt in de eerste plaats op bedrijfsklanten. Het is nu al de facto een vierde speler, want het installeert private netwerken op bedrijfssites. Met extra spectrum wil het zijn aanbod uitbreiden. 'Voor een vierde speler biedt 5G een enorm potentieel in de industrie. Er komt een explosie van sensoren op ons af. Het potentieel is vele malen groter dan op de consumentenmarkt', legt hij uit.Maar toch zou een 5G-licentie voor Citymesh ook de concurrentie op die markt voor consumenten ten goede komen, zegt De Geest. 'De grenzen tussen B2B en de consumentenmarkt vervagen', klinkt het. Het plan is dan ook om de bedrijven die een privaat netwerk laten installeren, zoals ziekenhuizen, scholen of havens, toe te laten hun werknemers ook een mobiel abonnement aan te bieden.Citymesh zou die klanten dan op zijn eigen private netwerken op bedrijventerreinen kunnen laten bellen en surfen. Als ze buiten die netwerken komen, kunnen ze op het netwerk van Proximus terecht, waarmee Citymesh een overeenkomst heeft gesloten. De Geest wil die afhankelijkheid op termijn wel wegwerken, maar 'een eigen infrastructuur bouw je niet van vandaag op morgen', zegt hij.Test Aankoop vindt de regeling die de federale regering voorstelt, 'een gemiste kans' om meer concurrentie te creëren op de Belgische telecommarkt. 'Integendeel, de bestaande netwerkoperatoren zullen een deel van hun investeringen in de 5G-netwerkinfrastructuur doorrekenen aan de consument, die dus het kind van de rekening zal zijn', aldus de organisatie.