Belgische BetaGroup in Israel: "De ultieme informele maatschappij"

11/05/15 om 06:08 - Bijgewerkt om 14:01

Bron: Datanews

"Israëlische start-ups zijn als bollen. Ze rollen ver, maar je kan er geen huis mee bouwen." Dat vertelde ceo Orly Glick van TheNexit aan de Belgische BetaGroup-delegatie die deze week op ontdekkingsreis is in Tel Aviv. "De Israëlische cultuur is op het lijf geschreven van start-ups, maar schalen en een groter bedrijf uitbouwen blijft moeilijk."

Belgische BetaGroup in Israel: "De ultieme informele maatschappij"

© Tel Aviv

De streek rond Tev Aviv wordt aanzien als één van de onbetwiste topregio's voor start-ups in de wereld. In 2014 werd er liefst 3,4 miljard dollar durfkapitaal in Israëlische starters geïnvesteerd, en konden 18 tech-bedrijfjes die naar de beurs trokken bijna 10 miljard dollar bijeenrapen. Nog een cijfer dat doet duizelen? Vorig jaar klokte het kapitaal uit exits af op 15 miljard dollar (herinner u o.a. de overname van chipdesigner Annapurna door Amazon.com voor 370 miljoen dollar). Dat is echt crazy voor zo'n piepklein land.

Het lokale start-up ecosysteem bestaat momenteel uit ruim 5.000 bedrijfjes, die ondersteund worden door ruim 60 (deels door de staat gesponsorde) incubatoren en acceleratoren, 9 universiteiten, en honderden VC's, fondsen, business angels en 'second time'-entrepreneurs. 300 tech-multinationals waaronder HP, Intel en IBM hebben een groot R&D-center in het land.

Het is moeilijk om één echte oorzaak aan te wijzen die verklaart waarom de start-up scène zo bloeit in Israël, er spelen verschillende zaken. Jazeker, het leger stimuleert technologische innovatie en rondom het militaire apparaat ontstaan heel wat tech-bedrijfjes. Maar wat zeker ook meespeelt, is dat na het ineenstorten van Sovjet-Unie in de jaren negentig heel wat Russische en Oost-Europese Joden naar hun beloofde land trokken. Die mensen hadden vaak een erg goede opleiding genoten, waardoor Israël plots overspoeld werd door ingenieurs en computerspecialisten.

Een andere reden is dat de lokale starters meteen naar de VS en naar Azië kijken (pas in derde instantie naar Europa), omdat de eigen markt zo klein is. En uiteraard zijn de banden met Silicon Valley en met het Amerikaanse ecosysteem erg sterk. Tel daarbij het feit dat de staat een wel erg gunstig klimaat voor starters heeft gecreëerd, en je krijgt een ideale cocktail.

Cultuur

Toch zou er nog een andere - meer cultureel bepaalde - oorzaak zijn waarom Israëlische starters zo vaak potten breken. Zo vertelde althans ceo Orly Glick van de TheNexit-incubator in TelAviv aan een delegatie van 35 Belgische starters en investeerders die onder BetaGroup-vlag het Israelische tech-ecosysteem komen ontdekken.

"Een van de redenen waarom onze jonge bedrijfjes goed scoren, is omdat jonge mensen tijdens hun - verplichte - legerdienst geleerd hebben dat ze zich een winnaarsmentaliteit moeten aanmeten", aldus Glick. "Er wordt hen geleerd dat ze voluit voor hun doel moeten gaan, zonder compromissen. En daarbij mogen ze gerust heel direct zijn. Verzachtende woordjes zoals 'dank je wel' en 'alstublieft' worden niet gebruikt in het Hebreeuws. Dat informele wordt door sommigen als ongemanierd ervaren, maar zo is het niet bedoeld."

Minstens even belangrijk is dat alle Israëli op gelijke voet behandeld worden, ook in het bedrijfsleven. "Kinderen mogen hun ouders wijzen op hun fouten, werknemers kunnen hun baas in vraag stellen. Werken op die manier stimuleert innovatie en is uitstekend voor starters. Het wordt pas moeilijk wanneer je met internationale bedrijven gaat samenwerken, waar hiërarchie wel nog belangrijk is."

Glick citeerde zelfs koning Solomon tijdens haar pitch. 'Questioning is a path towards growth in wisdom and life', klonk het. "Israeli stellen alles in vraag. In onze cultuur is het goed om out of the box te denken en om de regels te overtreden. Uiteraard is dat een positieve eigenschap als je een disruptief bedrijfje wil oprichten. Maar in de Westerse corporate culture kan het natuurlijk niet. Daarom krijgen heel wat Israëlische ondernemingen problemen in een later stadium."

Ook Nobelprijswinnaar en oud-premier Shimon Peres, die zondag een lezing kwam geven over innovatie en entrepreneurship aan de Universiteit van Tel Aviv die kon worden bijgewoond door de Belgen, zette nog eens dat 'alles in vraag stellen' in de verf. "Joden zijn nooit tevreden", klonk het. "Geef een Israëli eender wat, en hij gaat er iets aan veranderen. That's what makes us scientific."

Onzekerheid

Een andere eigenschap die goed van pas komt in een 'start-up'-gerelateerde context is het feit dat de mensen hebben leren leven met onzekerheid. "Dat kan bijna niet anders in de huidige politieke context", aldus nog Orly Glick.

Het nadeel is dat op voorhand plannen niet in het Hebreeuwse woordenboek lijkt te staan. "Lizrom, go with the flow, zeggen ze hier, "we'll see what happens. Mensen zijn erg 'last minute', spontaniteit is hun hoogste goed."

Glick: "Dat er nauwelijks gepland wordt, ook niet op de langere termijn, heeft als voordeel dat je snel kan schakelen en kan pivotteren, maar evolueer je naar een grotere entiteit, dan vraag je om problemen. De nonchalance van de Israëli is nadelig voor het bedrijfsleven, daar kan je niet omheen."

De ceo van TheNexit doet Israel dan ook af als de ultieme 'onofficiële' en informele maatschappij. "De voornaamste regel is eigenlijk dat er geen regels zijn, of dat regels er zijn om gebroken te worden. Israëlische start-ups zijn dan ook als bollen. Ze rollen ver maar je kan er geen huis mee bouwen, daar heb je vierkante blokken voor nodig zoals je ze vindt in de rest van de wereld. Start-ups kunnen uitstekend gedijen in de Israëlische cultuur, maar een groter bedrijf bouwen is een veel moeilijkere opdracht."

Eén en ander verklaart allicht voor een stuk waarom er zo weinig écht grote Israelische technologiebedrijven zijn (hoewel er toch ruim 100 genoteerd staan op de technologiebeurs Nasdaq). "Israëli zijn zelfbewust en denken dat ze altijd gelijk hebben, maar uiteindelijk zijn we nog behoorlijk onvolwassen als land. Dat uit zich ook in onze manier van zaken doen. Geef het nog wat tijd (lacht)."

Onze partners