De zaak gaat over een firmware update die HP uitstuurde in 2016. Daardoor kregen printers die inkt van andere (doorgaans veel goedkopere) leveranciers gebruikten een foutmelding en werkte het toestel niet langer. Ook in België en Nederland gingen zo printers (al dan niet tijdelijk) stuk.

Printerinkt is relatief duur en veel consumenten zoeken daarom hun toevlucht naar alternatieve merken of methodes om de cartridges bij te vullen. Voor HP Inc is die inktverkoop echter een interessante bron van inkomsten en met behulp van een chip kan het nagaan of de cartridge in kwestie officieel is of niet.

HP trok zijn staart nadien wel in en excuseerde zich voor de foutmeldingen. Nadien waarschuwde het wel nog dat printers met officieuze cartridges 'mogelijk' niet meer goed functioneren.

Goedkope schadevergoeding

Om de schade van die update nu te verhalen op HP hebben Amerikaanse consumenten, volgens documenten die The Register kon inkijken, een groepsrechtszaak (class action) opgestart waarbij ze anderhalf miljoen dollar plus de gerechtskosten eisen. In totaal zouden 2,4 miljoen mensen de foutmelding hebben gekregen.

Dat maakt dat HP inc slechts 0,62 dollar per getroffen klant moet vergoeden. Dat is relatief goedkoop als je weet dat in mei een gelijkaardige claim van Australische consumenten werd goedgekeurd waarbij de printerfabrikant elke getroffen klant vijftig dollar moest vergoeden.