Toen drie jaar geleden bekend raakte dat Vlaams minister voor innovatie Philippe Muyters bijna 2 miljoen euro wilde uittrekken om jongeren te leren programmeren via CodeFever, werd dat plan op felle kritiek onthaald. Gelijkaardige organisaties, zoals CoderDojo, voelden zich gepasseerd. Eind 2016 kwam Muyers uiteindelijk met een ICT-impulsplan waarbij de hele sector wel aan boord was.

Het programma ging in 2017 van start en moest vijf jaar lang projecten ondersteunen die jongeren tussen 7 en 15 jaar de kans geven om zich in hun vrije tijd uit te leven met coderen. Het bestaat uit vier onderdelen: de versterking van de STEM-academies, steun aan CoderDojo, leertrajecten ICT via CodeFever en de opstart van Codescools. Na twee jaar is het totaal aantal deelnemers gestegen tot meer dan 20.000.

Aparte ICT-STEM-academie

In de STEM-academies komen jongeren op een speelse manier in contact met de hele waaier die wetenschap en techniek te bieden heeft: van ruimtevaart over proefjes in een lab tot het ontwikkelen van computerspelletjes. De steun aan de academies werd verhoogd naar 500.000 euro per jaar. Met meer dan 100 erkende STEM-academies, is er één aanwezig in ongeveer één op de drie gemeenten. Muyters' doelstelling is om in elke Vlaamse gemeente een STEM-academie te hebben.

Om ICT een extra impuls te geven, werd een aparte oproep voor een ICT-STEM-academie gelanceerd. CoderDojo, een wereldwijde community van vrijwillige ICT-experten en coaches, haalde die opdracht binnen. CoderDojo organiseert 'Dojo's', evenementen waarop jongeren tussen 7 en 18 jaar leren programmeren, sites bouwen, apps en spelletjes ontwikkelen, enzovoort. "Ze hebben jaar na jaar aangetoond dat daar een grote vraag naar is en wij hebben het bedrag elke keer kunnen optrekken", klinkt het op het kabinet-Muyters. De subsidies voor CoderDojo zijn intussen van 80.000 euro gestegen naar 250.000 euro per jaar.

Daarmee krijgen ze nu even veel als CodeFever, dat jaarlijks 250.000 euro ontvangt om op vijf jaar tijd minstens 10.000 jongeren een ICT-leertraject te laten doorlopen. Codefever had 3.300 deelnemers in 2017 en meer dan 4.500 deelnemers in 2018. "We verwachten dat ze tegen 2022 vlotjes over de 10.000 deelnemers zullen gaan", voorspelt het kabinet-Muyters.

Op school

Tot slot wil het ICT-impulsplan de verworven buitenschoolse ervaring ook laten doorstromen naar het onderwijs. Om deze overdracht te vergemakkelijken, worden ook activiteiten op school georganiseerd, op de middag of net na de lesuren. Hogeschool Odisee haalde deze opdracht binnen en krijgt een jaarlijkse ondersteuning van 65.000 euro om met 'Codescools' kinderen van 10 tot 12 jaar deze vrijwillige programmeer- en codeersessies te laten volgen. Al 155 scholen in Vlaanderen en Brussel nemen deel aan dit project.

Los van het ICT-impulsplan is ook Microsoft een initiatief gestart om jongeren tijdens de schooluren te leren coderen. Het katholiek basisonderwijs lanceerde dan weer een website waar leerkrachten praktijkvoorbeelden vinden om in hun lessen met computationeel denken aan de slag te gaan. De eerste scholen hebben dat dit jaar al opgenomen in hun lessen. Tegen 2020-2021 wil het katholiek basisonderwijs al haar scholen laten instappen in een nieuw leerplan, waarin een prominente rol is weggelegd voor computationeel denken.