In de Amerikaanse voorverkiezingen, waar de Democraten momenteel hun presidentskandidaat bepalen, gebeurde vorige week iets vreemds: Michael Bloomberg verscheen in posts van verschillende influencers. De presidentskandidaat betaalde hen voor die gesponsorde berichten in een poging om aandacht te krijgen van het jongere kiezerspubliek.

Hoewel het om een betaalde boodschap gaat van een politieke partij of diens kandidaten, zijn zulke berichten zijn technisch gezien geen advertentie volgens Facebook. Dat wil zeggen dat ze ook niet worden bijgehouden in Facebook's eigen database van politieke advertenties, een initiatief waarmee het bedrijf sinds 2018 meer transparantie wil bieden en manipulatie van verkiezingen wil voorkomen. Zulke advertenties worden zeven jaar lang bijgehouden, inclusief wie voor hen betaalde en aan welke doelgroepen ze werden getoond.

"Branded content is anders dan advertenties, maar in beide gevallen vinden we het belangrijk dat mensen weten wanneer het om betaalde content gaat op onze platformen", zegt Facebook aan de BBC. Wel benadrukt het social media platform dat influencers verplicht zijn om aan te geven als het om inhoud gaat waarvoor ze betaald werden.

Een van de Instagramposts van een influencer waar Michael Bloomberg voor betaalde.

De databank kon al eerder op kritiek rekenen. Zo moet je al vrij specifiek zoeken om advertenties te vinden. Ook zijn het aantal zoekopdrachten beperkt en is het niet mogelijk om de gegevens in bulk te downloaden om bijvoorbeeld wetenschappelijk onderzoek op uit te voeren.

Tegelijk blokkeert Facebook gelijkaardige onafhankelijke advertentiedatabanken. Een initiatief van Propublica, waar ook VRT en De Tijd aan meewerkten, waarbij alle advertenties via een plugin worden bewaard, werd tegengehouden.

Het maakt in stilte adverteren een stuk makkelijker voor politici. Kandidaten die hun advertenties liever niet in een databank zien belanden, kunnen voortaan dus een influencer betalen en alles wat hij of zij zegt over een politicus vallen niet onder de regels waarmee Facebook beloofde meer transparantie te bieden.

In de Amerikaanse voorverkiezingen, waar de Democraten momenteel hun presidentskandidaat bepalen, gebeurde vorige week iets vreemds: Michael Bloomberg verscheen in posts van verschillende influencers. De presidentskandidaat betaalde hen voor die gesponsorde berichten in een poging om aandacht te krijgen van het jongere kiezerspubliek.Hoewel het om een betaalde boodschap gaat van een politieke partij of diens kandidaten, zijn zulke berichten zijn technisch gezien geen advertentie volgens Facebook. Dat wil zeggen dat ze ook niet worden bijgehouden in Facebook's eigen database van politieke advertenties, een initiatief waarmee het bedrijf sinds 2018 meer transparantie wil bieden en manipulatie van verkiezingen wil voorkomen. Zulke advertenties worden zeven jaar lang bijgehouden, inclusief wie voor hen betaalde en aan welke doelgroepen ze werden getoond."Branded content is anders dan advertenties, maar in beide gevallen vinden we het belangrijk dat mensen weten wanneer het om betaalde content gaat op onze platformen", zegt Facebook aan de BBC. Wel benadrukt het social media platform dat influencers verplicht zijn om aan te geven als het om inhoud gaat waarvoor ze betaald werden.Een van de Instagramposts van een influencer waar Michael Bloomberg voor betaalde.De databank kon al eerder op kritiek rekenen. Zo moet je al vrij specifiek zoeken om advertenties te vinden. Ook zijn het aantal zoekopdrachten beperkt en is het niet mogelijk om de gegevens in bulk te downloaden om bijvoorbeeld wetenschappelijk onderzoek op uit te voeren.Tegelijk blokkeert Facebook gelijkaardige onafhankelijke advertentiedatabanken. Een initiatief van Propublica, waar ook VRT en De Tijd aan meewerkten, waarbij alle advertenties via een plugin worden bewaard, werd tegengehouden.Het maakt in stilte adverteren een stuk makkelijker voor politici. Kandidaten die hun advertenties liever niet in een databank zien belanden, kunnen voortaan dus een influencer betalen en alles wat hij of zij zegt over een politicus vallen niet onder de regels waarmee Facebook beloofde meer transparantie te bieden.