Het voorontwerp, dat in een eerste lezing al werd goedgekeurd en in principe dit jaar nog door het parlement gaat, kreeg de afgelopen maanden bakken kritiek van academici, de Gegevensbeschermingsautoriteit, maar ook internationaal van technologiebedrijven en experts.

Intussen lijken ook enkelen van de betrokken ministers daar oor voor te hebben. Volgens De Standaard zijn zowel ministers Ludivine Dedonder (Defensie, PS) als Petra De Sutter (Telecom, Groen) intussen niet zo enthousiast. De krant merkt op dat De Sutter in haar beleidsnota voor 2022 wijst dat er nood is op instrumenten voor veiligheidsdiensten, maar suggereert dat het deel over encryptie uit de wet kan worden gehaald voor een debat ten gronde. Wel pleitte Groen toen om de definitieve tekst af te wachten.

Dat is op zich al opmerkelijk, want toen oppositielid Michael Freilich (N-VA) amper een maand geleden vroeg om een hoorzitting te organiseren, was daar geen animo voor bij de meerderheidspartijen.

Bij Dedonder klinkt een vergelijkbare boodschap. Veiligheidsdiensten moeten hun werk kunnen doen, maar zonder het recht op privacy van de totale bevolking te ondermijnen. De partij wijst volgens De Standaard ook naar het Europees niveau om zulke dingen te beslissen.

De krant wijst ook naar uitspraken van staatssecretaris voor Privacy Mathieu Michel bij RTL, waar hij er op wees dat er ook andere mogelijkheden zijn, zoals het hacken van telefoons bij vermoedens van zware misdrijven. Enkel bij Van Quickenborne (Justitie, Open VLD) zegt men aan De Standaard dat er verder wordt gewerkt aan de tekst zonder concrete verduidelijking of encryptie in het wetsontwerp of niet zal staan.

Dataretentie

Het wetsontwerp zelf gaat over dataretentie, welke gegevens operatoren moeten bijhouden in het geval politie- of inlichtingendiensten ze nodig hebben om criminelen op te sporen. Maar in deze digitale tijden worden ook aanbieders als WhatsApp, Signal, Skype en andere platformen daartoe geteld en velen daarvan gebruiken vandaag end-to-end encryptie.

Het voorstel in zijn huidige vorm stelt dat die encryptie in specifieke gevallen moet kunnen opgeheven worden. Dat komt de facto neer op het verplicht inbouwen van een technisch achterpoortje. Alleen valt zo'n achterpoortje niet te reserveren voor pakweg de Federale Politie, zodra een hacker die zwakke plek kan vinden, kan ze worden misbruikt om eender wie af te luisteren.

De wet zelf is overigens een herstelwet nadat de eerdere dataretentiewet enkele jaren geleden werd teruggefloten door Europa omdat er te veel gegevens worden bewaard.

Het voorontwerp, dat in een eerste lezing al werd goedgekeurd en in principe dit jaar nog door het parlement gaat, kreeg de afgelopen maanden bakken kritiek van academici, de Gegevensbeschermingsautoriteit, maar ook internationaal van technologiebedrijven en experts.Intussen lijken ook enkelen van de betrokken ministers daar oor voor te hebben. Volgens De Standaard zijn zowel ministers Ludivine Dedonder (Defensie, PS) als Petra De Sutter (Telecom, Groen) intussen niet zo enthousiast. De krant merkt op dat De Sutter in haar beleidsnota voor 2022 wijst dat er nood is op instrumenten voor veiligheidsdiensten, maar suggereert dat het deel over encryptie uit de wet kan worden gehaald voor een debat ten gronde. Wel pleitte Groen toen om de definitieve tekst af te wachten.Dat is op zich al opmerkelijk, want toen oppositielid Michael Freilich (N-VA) amper een maand geleden vroeg om een hoorzitting te organiseren, was daar geen animo voor bij de meerderheidspartijen.Bij Dedonder klinkt een vergelijkbare boodschap. Veiligheidsdiensten moeten hun werk kunnen doen, maar zonder het recht op privacy van de totale bevolking te ondermijnen. De partij wijst volgens De Standaard ook naar het Europees niveau om zulke dingen te beslissen.De krant wijst ook naar uitspraken van staatssecretaris voor Privacy Mathieu Michel bij RTL, waar hij er op wees dat er ook andere mogelijkheden zijn, zoals het hacken van telefoons bij vermoedens van zware misdrijven. Enkel bij Van Quickenborne (Justitie, Open VLD) zegt men aan De Standaard dat er verder wordt gewerkt aan de tekst zonder concrete verduidelijking of encryptie in het wetsontwerp of niet zal staan.Het wetsontwerp zelf gaat over dataretentie, welke gegevens operatoren moeten bijhouden in het geval politie- of inlichtingendiensten ze nodig hebben om criminelen op te sporen. Maar in deze digitale tijden worden ook aanbieders als WhatsApp, Signal, Skype en andere platformen daartoe geteld en velen daarvan gebruiken vandaag end-to-end encryptie. Het voorstel in zijn huidige vorm stelt dat die encryptie in specifieke gevallen moet kunnen opgeheven worden. Dat komt de facto neer op het verplicht inbouwen van een technisch achterpoortje. Alleen valt zo'n achterpoortje niet te reserveren voor pakweg de Federale Politie, zodra een hacker die zwakke plek kan vinden, kan ze worden misbruikt om eender wie af te luisteren.De wet zelf is overigens een herstelwet nadat de eerdere dataretentiewet enkele jaren geleden werd teruggefloten door Europa omdat er te veel gegevens worden bewaard.