Eerder deze week raakte al bekend dat de Europese Unie de regels voor staatssteun zou herbekijken in de context van nieuwe chipfabrieken die het graag op Europese bodem wil.

Intussen heeft de Europese Commissie beslist dat het die regels kan versoepelen, hetzij zeer voorwaardelijk. Eurocommissaris Margrethe Vestager laat weten dat het uitzonderlijke tijden zijn voor de chipsector en dat we afhankelijk zijn van een klein aantal bedrijven in een uitdagende geopolitieke context. Dat is een voorzichtige formulering om te zeggen dat er maar een handvol spelers geavanceerde chips kunnen produceren en dat die vooral in Azië en deels in de VS worden geproduceerd.

"De Commissie kan aanvullende steun goedkeuren voor mogelijke investeringsgaten, specifiek voor Europese eerste-in-zijn-soort-fabrieken in het halfgeleider ecosysteem." Klinkt het in een mededeling. Maar "Zo'n steun zou dan wel sterk onderhevig zijn aan concurrentievoorwaarden en de zekerheid dat de voordelen breed worden gedeeld zonder discriminatie doorheen de Europese economie."

Hoe groot die bedragen mogen zijn, of hoe dat in balans komt met het concurrentiebeleid van Europa is niet helemaal duidelijk. Maar in principe wil dit wel zeggen dat als morgen Intel of TSMC in een Europees land een fabriek wil plaatsen, maar enkel in ruil voor stevige subsidies, dat dat niet noodzakelijk een probleem is voor Europa.

Duur en snel verouderd

Chipfabrieken zijn sowieso een dure aangelegenheid. Maar het bijkomend probleem is dat een geavanceerde chip maar enkele jaren 'nieuwe technologie' blijft. Dat maakt dat een fabriek maar enkele jaren heeft om winstgevend te worden. Mede daarom wordt vaak aangeklopt bij overheden. Eerder deze maakt maakte TSMC al bekend dat het samen met Sony in Japan een nieuwe fabriek zal bouwen, ook daar bekijkt de Japanse overheid of het een deel van de investering kan ondersteunen.

Eerder deze week raakte al bekend dat de Europese Unie de regels voor staatssteun zou herbekijken in de context van nieuwe chipfabrieken die het graag op Europese bodem wil.Intussen heeft de Europese Commissie beslist dat het die regels kan versoepelen, hetzij zeer voorwaardelijk. Eurocommissaris Margrethe Vestager laat weten dat het uitzonderlijke tijden zijn voor de chipsector en dat we afhankelijk zijn van een klein aantal bedrijven in een uitdagende geopolitieke context. Dat is een voorzichtige formulering om te zeggen dat er maar een handvol spelers geavanceerde chips kunnen produceren en dat die vooral in Azië en deels in de VS worden geproduceerd."De Commissie kan aanvullende steun goedkeuren voor mogelijke investeringsgaten, specifiek voor Europese eerste-in-zijn-soort-fabrieken in het halfgeleider ecosysteem." Klinkt het in een mededeling. Maar "Zo'n steun zou dan wel sterk onderhevig zijn aan concurrentievoorwaarden en de zekerheid dat de voordelen breed worden gedeeld zonder discriminatie doorheen de Europese economie."Hoe groot die bedragen mogen zijn, of hoe dat in balans komt met het concurrentiebeleid van Europa is niet helemaal duidelijk. Maar in principe wil dit wel zeggen dat als morgen Intel of TSMC in een Europees land een fabriek wil plaatsen, maar enkel in ruil voor stevige subsidies, dat dat niet noodzakelijk een probleem is voor Europa.Chipfabrieken zijn sowieso een dure aangelegenheid. Maar het bijkomend probleem is dat een geavanceerde chip maar enkele jaren 'nieuwe technologie' blijft. Dat maakt dat een fabriek maar enkele jaren heeft om winstgevend te worden. Mede daarom wordt vaak aangeklopt bij overheden. Eerder deze maakt maakte TSMC al bekend dat het samen met Sony in Japan een nieuwe fabriek zal bouwen, ook daar bekijkt de Japanse overheid of het een deel van de investering kan ondersteunen.