De eerste zittingsdag begon chaotisch, omdat de telefoonlijnen waarmee geïnteresseerden konden meeluisteren met wat er in de rechtbank gezegd werd - vanwege de pandemie waren bezoekers en media over het algemeen niet toegelaten in de zaal - per abuis niet op stil stonden.
...

De eerste zittingsdag begon chaotisch, omdat de telefoonlijnen waarmee geïnteresseerden konden meeluisteren met wat er in de rechtbank gezegd werd - vanwege de pandemie waren bezoekers en media over het algemeen niet toegelaten in de zaal - per abuis niet op stil stonden. Honderden bellers konden zo elkaar wel horen, maar niet wat er in de rechtbank gezegd werd. Een groepje tieners maakte van de gelegenheid gebruik hun meningen te uiten en riepen meerdere malen 'Free Fortnite', waarmee ze naar veruit het populairste spel van uitgever Epic Games verwezen. Na een half uur waren de technische problemen opgelost en was het woord aan Katherine Forrester, advocaat namens Epic. Zij zette uiteen hoe Apple twee monopolieposities bezit én uitbuit: de eerste bestaat in de distributie van apps op het besturingssysteem iOS via de App Store en het tweede op de markt van in-app aankopen. Forrester beargumenteerde dat Apple met de App Store een 'ommuurde tuin' heeft gebouwd, waar het de 1 miljard iPhone-gebruikers wereldwijd in probeert op te sluiten. Apple is zeer selectief in welke apps het toelaat tot die 'tuin'. Naar eigen zeggen doet Apple dat om de veiligheid voor de gebruiker te garanderen, maar volgens Epic dient de 'tuin' vooral om de zakken van Apple te vullen. De iPhone-maker zou apps niet alleen beoordelen op veiligheid, maar vooral of ze de eigen apps van Apple in weg zitten. Dat is ook een punt dat andere partijen, zoals Spotify, beargumenteren. 'Epic is deze zaak niet gestart om een schadevergoeding te krijgen. Epic wil verandering. Niet alleen voor zichzelf, maar voor alle ontwikkelaars', zei Forrester.De tweede monopolie, die op in-app aankopen, heeft volgens Epic te maken met de 30 procent commissie de Apple rekent op aankopen die gebruikers doen binnen een app, zoals het aankopen van V-bucks, valuta waarmee gamers binnen Fortnite gadgets kunnen kopen. Forrester vergeleek de commissie, die volgens haar nooit door marktonderzoek is ingegeven, met de aanschaf van een auto. 'Een autodealer verkoopt je een auto, maar neemt niet een percentage van elke keer dat de koper benzine tankt. Apple verkoopt consumenten een iPhone en neemt dan elke keer een hap uit elke transactie die ze binnen de app doen.' Volgens Forrester leidt dat tot hogere prijzen voor consumenten, een belangrijk punt voor de vraag of het mededingingsrecht (dat uiteindelijk bedoeld is om consumenten te beschermen) geschonden wordt.Vervolgens was het woord aan Karen Dunn, een van Apple's advocaten. Ze onderstreepte dat wat Epic een 'ommuurde tuin' noemt een 'bewuste designkeuze' is geweest om de consument te beschermen van malafide apps.Over de klacht rond de 30 procent commissie zei Dunn dat die functionaliteit in 2009 aan de kersverse App Store werd toegevoegd op verzoek van ontwikkelaars. 'Apple heeft daarbij de 30 procent niet zelf bedacht. Dat kwam van Steam, een ander gamingplatform, dat al in 2003 dat percentage implementeerde. In 2008, toen Apple de markt betrad, was die 30 procent de standaard voor de industrie geworden.' Ze beargumenteerde ook dat de functie om in-app aankopen mogelijk te maken juist gezorgd heeft voor het succes van het freemium-verdienmodel, waarbij een uitgever een app gratis aanbiedt en vervolgens omzet genereert uit in-app aankopen. Dat verdienmodel is precies hoe Fortnite in drie jaar tijd dertien miljard dollar aan omzet genereerde voor Epic, aldus Apple. Tenslotte maakte Dunn de vergelijking tussen de App Store en de stores op spelcomputers als de Sony PlayStation, Nintendo Switch en Microsoft Xbox. Wie een van die apparaten heeft, kan doorgaans alleen in de stores van die bedrijven spellen en andere attributen kopen. 'De wet beschermt Apple's keuze om een geïntegreerd systeem aan te bieden, net als het Sony en Nintendo beschermt', aldus Dunn. Na de openingsbetogen was het de beurt aan Epic-oprichter en -ceo Tim Sweeney om te getuigen. Een belangrijk onderwerp dat naar voren kwam was Project Liberty. Uit bewijsstukken in de zaak is gebleken dat de zaak die Epic tegen Apple (en kort daarna ook tegen Google) heeft aangespannen alles behalve in een opwelling gebeurde. Het was een kien uitgedokterde strategie. Toen Sweeney daarnaar gevraagd werd door zijn eigen advocaat zei hij: 'We hebben maanden besteed aan een uitgebreide voorbereiding. We gingen twee van de meest machtige bedrijven ter wereld uitdagen. Het zou dwaas geweest zijn dat zonder voorbereiding te doen.' De bal in de rechtszaak begon te rollen in augustus vorig jaar, toen Epic een eigen betaalsysteem implementeerde voor in-app aankopen - tegen de regels van de App Store in. Ruim een maand eerder, op 30 juni, stuurde Sweeney Tim Cook en andere hooggeplaatste Apple-bestuurders al een brief om daar toestemming voor te vragen. Toen hij die niet kreeg, zette hij door.Forrester vroeg hem waarom. 'Ik wilde de wereld laten zien dat Apple volledige controle uitoefent op de software die op iOS draait en dat ze die controle kunnen misbruiken om gebruikers toegang tot apps te ontzeggen.'Daarmee probeerde Sweeney zich neer te zetten als voorvechter van de consument, maar Apple's advocaat Richard Doren liet dat tijdens zijn verhoor niet toe. 'Als degene die de beslissingen maakt bij Epic, koos u ervoor in augustus 2020 expres het contract met Apple te schenden?' Daar moest Sweeney ja op antwoorden. 'En u wist op dat moment dat dat tot verwijdering uit de App Store zou leiden?' Sweeney antwoordde zich bewust te zijn van die mogelijkheid, 'maar ik hoopte dat Apple z'n beleid op dat moment zou herzien.'Het kruisverhoor van Doren met Sweeney wordt dinsdag voortgezet. Later zullen nog andere getuigen van Epic, waaronder afgevaardigden van Facebook en Microsoft, gehoord worden. Daarna zal Apple getuigen mogen oproepen. Het proces zal ongeveer drie weken duren, waarna rechter Gonzalez Rogers uitspraak doet. Experts verwachten dat wat de uitspraak ook wordt, de andere partij beroep zal aantekenen.